donderdag 24 februari 2022

Boerenverstand: Zelfdeterminatie theorie …

Het houdt me al een tijdje bezig. Begin van dit jaar, ongeveer halverwege januari, heb ik een search gedaan naar peer-reviewed articles op de zoekterm “self-determination theory”, gepubliceerd in ... 2022! Wat denkt u, ruim 15000 hits, vandaag 20.700. In 1985 schreven psychologen Edward Deci (1942) en Richard Ryan (1953) Self-Determination and Intrinsic Motivation in Human Behavior. De theorie heeft 3 componenten en klinkt simpel: Intrinsieke motivatie wordt versterkt door het ervaren van (1) sociale verbondenheid, (2) autonomie en (3) competentie. Feitelijk waren deze zaken natuurlijk al bekend vanaf de grote Griekse filosofen, maar ze zijn toch in relatie met onze Westerse samenleving best spannend. 

 

Zo was er in de vorige eeuw dat rare behaviorisme, dat van elk organisme een stimulus-respons machine maakte, die slechts reageert en leert door straffen en belonen van (al dan niet toevallig) optredende gedragingen. Nee dus, liet Deci al begin jaren 70 zien in een aantal experimenten; mensen leven en leren in verbintenis met elkaar, en als ze daarbij ook competentie en autonomie ervaren, ontstaat vanzelf de intrinsieke motivatie hiertoe. Vermoedelijk zou niemand dit tegengesproken hebben, als we niet vanaf het begin van de 20ste eeuw tot en met B.F. Skinner in de jaren ’60 gedomineerd waren door (Amerikaans) behaviorisme. Gelukkig zijn we daarvan af; ook andere (zoog)dieren en vogels zien we (weer) als medewezens en niet meer als louter machientjes. 

 

Het tweede opmerkelijke (zelfs contra intuïtieve) punt dat de theorie stelt, is dat de intrinsieke motivatie wordt verminderd door extrinsieke beloning. Dat gaat via component (2), autonomie. Als je zelf iets wilt, er hard voor werkt (en het in sociale verbondenheid is en je daarbij je eigen competentie voldoende ervaart), is de intrinsieke motivatie veel hoger, dan als je ergens dik voor wordt betaald. Ook dit mechanisme is in een paar experimenten bewezen. Maar onze westerse wereld stelt juist continu dat mensen in topfuncties heel veel betaald moeten worden. Daar zit een dispariteit. Voetballen topspelers alleen nog voor het geld, niet voor de lol, of de club? Betalen we daarom ministers relatief weinig aan de CEO’s van bijvoorbeeld een bank? Een minister moet intrinsiek gemotiveerd zijn, een bankdirecteur of voetballer heeft gewoon een rotbaan die niet op intrinsieke motivatie kan berusten, dus dan maar veel betalen. 

 

Maar wat me verbaasd is dat nu, bijna 50 jaar later, deze theorie zo populair is. Want, hoe veel waardering ze ook verdienen voor het bekritiseren van “onhoudbare” tradities – behaviorisme en het economisch/kapitalistisch model – de theorie is een open deur, heel algemeen. Maar hyperspecialisme past niet echt bij sociale wetenschap. Dat doet me denken aan columnist Ewald Engelen, die de Groene Amsterdammer van 9 februari 2022 John Maynard Keynes citeert: “It is better to be roughly right than precisely wrong.” Net als bij de economische crisis, waar “econocraten” met zeer specialistische kennis de plank volledig missloegen, zo beweert Engelen, is er nu bij Corona de plank misgeslagen door wat hij noemt de “virocraten”, de “ongekozen hyperspecialisten die een vrijbrief hebben gekregen om aan de knoppen van samenleving en economie te draaien om het reproductiecijfer van het virus omlaag te krijgen.” Hij merkt vervolgens op dat – net als de econocraten in de 2008 economische crisis – die hyperspecialisten er keer op keer naast zaten, ondanks onder meer een razendsnel opgetuigd hightech controlesysteem met apps en noodwetgeving, en trekt er drie lessen uit: individuele hyperspecialisatie maakt collectief dom, in zo’n crisis weet niemand het, en meer overstijgende slimheid (dus niet wetenschappelijk hyperspecialisme) is geboden. Dus zeg maar, boerenverstand. 

 

Met een slordige 370 peer-reviewed artikelen per dag (!) over de “boerenverstand” zelf-determinatietheorie – valt psychologie in ieder geval geen hyperspecialisme te verwijten Twee conclusies: (1) intrinsieke motivatie is in onze hedendaagse (hypergespecialiseerde) samenleving en arbeidsmarkt niet vanzelfsprekend, anders zou er niet zo veel over gepubliceerd worden en (2) peer review leidt in de psychologie niet vanzelf tot algemeen aanvaarde wetenschappelijke inzichten. De wetten van Newton in de fysica, bv, hoeven niet honderden keren per dag opnieuw "bewezen" (gepubliceerd) te worden. Psychologie lijkt hiermee meer dan op wetenschap op de kunsten, waarin bv telkens opnieuw verliefd worden wordt bezongen of verbeeld. Maar artiesten doen dat niet peer-reviewed, maar juist vanuit hun autonome zelf. Is er niet een theorie die het belang van autonomie benadrukt? Roepen we hiermee misschien ook een beetje voor erkenning van onze eigen authenticiteit? Of is dat te veel geredeneerd vanuit het boerenverstand? Vakgenoten?!


donderdag 17 februari 2022

Na ons de zondvloed?

Voor de tweede keer binnen een half jaar wordt één van onze kinderen uit huis gezet. Niet omdat ze vervelende of luidruchtige huurders zouden zijn, maar omdat de verhuurder maar een beperkte opslag per jaar mag doorrekenen. Het is zo dat je vanwege je status als student slechts met moeite een huurcontract van een jaar kan krijgen. In deze tijd stijgen de huurprijzen vanwege de grote vraag en het beperkte aanbod (woningnood) zo snel, dat de verhuurbazen een dief van hun eigen portemonnee zouden zijn als ze niet na een jaar met nieuwe huurders opnieuw zouden beginnen, voor een veel hogere prijs. Het geldend gebod (imperatief) in onze samenleving is groei, ergens beter van worden, en dat gekoppeld aan een economie van oneindige groei uit eindige middelen, is het logisch dat mensen onderdak geven en daarmee veiligheid slechts op de zoveelste plaats komt. Bovendien, hoe zou je een Mercedes met aan elke kant twee gigantische uitlaatpijpen op de weg kunnen houden, als je slechts de wettelijk geregelde maximale jaarlijkse huurverhogingen mag doorrekenen? En dan die inflatie …

Mijn jongste zoon, Thorvald, die dus nu op straat komt, woont samen met zijn vriendin. Beiden werken hard, naast hun studie. Thorvald geeft bijles aan Havo/VWO leerlingen in wis- en natuurkunde, zijn vriendin werkt naast haar stage nog in een winkel, en beiden koerieren ze ook nog een paar uur per week voor een bezorgdienst (“goed voor onze lichaamsbeweging”). Hun positieve instelling helpt echter niet om in aanmerking te komen voor een woning.

Soms schaam ik me voor de wereld waarin we onze kinderen hebben gezet. Gelukkig hebben ze heel goed door hoe het werkt. Op weg naar een woningbezichtiging wijst Thorvald me op de “wetmatigheid” dat innovatie – hoe positief of goed bedoeld ook – uiteindelijk volledig wordt geassimileerd binnen het dominerend imperatief. Een mooie innovatie in de VR-bril, bijvoorbeeld, is om de oogbewegingen te volgen en op grond daarvan de beeldkwaliteit hoog te maken in het centrum van je beeldveld (de fovea centralis) en in de periferie lager. Hierdoor gaat er minder (render) capaciteit naar de beeldopbouw en blijft er dus meer processorcapaciteit over voor andere aspecten van de VR-game. Prachtig, maar ondertussen standaard in VR-brillen, en gebruikt om reclameboodschappen te pauzeren als de gebruiker wegkijkt. Inderdaad, de imperatief is verdienen, oneindige groei uit eindige middelen, en dus wordt deze slimme technische innovatie omgebogen, om dát doel te dienen.

Elon Musk betoogt in een internet lezing dat technologische innovatie niet vanzelf tot verbetering leidt. Hij betoogt dat er keihard gewerkt moet worden om tegen te gaan dat mensgemaakte zaken zonder aandacht vanzelf slechter worden. Veel grote technieken, en zelfs hele geavanceerde beschavingen zijn ten onder gegaan, en dat zal zeer waarschijnlijk de onze ook overkomen, nu desastreuzer dan ooit. Dit motiveert Musk te werken aan de ontsnapping: hij wil elke dag hoopvol wakker worden. Zonder ruimtevaartprogramma geen perspectief, enkel depressief. Musk ziet dus de gevaren, en meent vandaaruit kennelijk dat alles geoorloofd is, zoals vreselijk dierenleed veroorzaken door bij apen hersenchips te implementeren om “biologische” AI te ontwikkelen. Hij vult gaten met gaten.

Mooie innovaties pakken zo vaak negatief uit. De Wereldbibliotheek en een top encyclopedie (Wikipedia) overal beschikbaar, hoe mooi kan het zijn. En tegelijkertijd de “gepersonifieerde” reclamebubbels waarin we allemaal gevangen zitten als consumptieschapen die de kassa’s laten rinkelen van BigTech in het dominante imperatief en daarmee democratie uithollen. Continu worden we gescreend en ingedeeld naar behoeften, om onze appetijt te kunnen stimuleren met advertenties van de best betalende producent. Het internet is een nutsvoorziening, maar dan wel uiteindelijk toch weer volledig in handen van het grote geld. Net als de huurwoningvoorraad, de politiek en ja … wat feitelijk niet? Marx beweerde al in 1867: “Après moi, le déluge! (Na ons, de zondvloed, toegeschreven aan de maîtresse van koning Lodewijk XV) is the watchword of every capitalist and of every capitalist nation” (Das Kapital, part 1). Dostoyevsky gebruikte deze uitdrukking in The Idiot (1868).

Gelukkig zijn er mooie initiatieven, zoals sociaal ondernemen en CityDeals. Wij hebben de nieuwe generatie hard nodig om uit de ellende te komen. Maar dan moeten we ze wel eerst leefruimte gunnen! Oh ja, en de bewust onbekwamen (the idiots van “na ons de zondvloed”), zoals Musk en huurbazen  moeten we uit hun nek halen.


donderdag 10 februari 2022

Onzekerheid 3 (slot)

Juist als je ergens onzeker over bent, maar je je deze onzekerheid niet kunt permitteren, ben je geneigd dit te overschreeuwen. Zo is voor net bekeerden geloof vaak meer een zekerheid, dan een hopen in een zekere mate van vertrouwen. Of onzeker over een partner, terwijl je zo blij bent dat je (eindelijk) iemand gevonden hebt, dat je maar direct in het huwelijk treedt. Het is vanuit dit mechanisme dat ik de Corona zekerheid (wellicht zowel de “waarheid” als de conspiracies) denk te begrijpen. Immers, er is in mijn ogen juist hier sprake van digitization, dichotoom denken: je bent in lijn met de “waarheid”, of je bent een wappie, die alles in twijfel trekt. Zelfs in vriendschappen en huwelijken waar over alles gesproken kan worden, lijkt zo’n met ongepermitteerde onzekerheid beladen kwestie een ware splijtzwam te kunnen worden. Families worden dan uiteengedreven, ouders die hun kinderen niet meer zien en andersom, heel triest.

De psychologie van de onzekerheid biedt hier inzicht. Radicaliseren is een eerste reactie om (tijdelijk) energie te krijgen om van richting te kunnen veranderen. Wellicht het bekendste voorbeeld is verliefdheid, het helpt je de (relationele) koers te verzetten, en bijvoorbeeld het ouderlijk huis of de familiebanden te verlaten, of om te vormen in nieuwe levenspartners. Echter, tijdens de verliefdheid ben je (opnieuw tijdelijk) blind voor de onvolmaaktheden van de ander, en deels van jezelf: liefde maakt blind! Dichotoom, alles of niets, om maar geen cognitieve dissonantie te ervaren. Een ander voorbeeld is als je net iets duurs gekocht hebt, bv een huis, of auto. Er is dan sprake van een soort justificatiedrang, om de juistheid van de keuze te rechtvaardigen (in de psychologie “post decisionele justificatie” genoemd). Confirmation bias speelt een rol bij dit aanvankelijk “radicaliseren”: de neiging om informatie die het eigen geloof bevestigt als “feiten”  te prevaleren boven tegensprekende informatie (“fakenews”). Natuurlijk kunnen mensen die net bekeerd zijn tot bv vegetarisme, of net aan een nieuwe studie zijn begonnen, nog erg fanatiek zijn en iedereen de les willen. Maar niemand heeft de energie om telkens opnieuw op het scherpst van het “spel” (verliefdheid, nieuwe overtuigingen, etc.) te strijden, dus gelukkig komt met de tijd de nuance weer terug. Na de radicale “verliefdheid” (bekering, etc.) krijgt onzekerheid weer een plaats en ontstaat er weer ruimte voor de menselijke maat, voor verbondenheid en nuance. Het verliefde stel dat alleen oog heeft voor elkaar, krijgt op termijn weer oog voor de rest van de wereld. Ik ben meer dan 50 jaar vegetariër, dus heb ik het daar eigenlijk nooit meer over. Bias verbleekt met de tijd.

Toch ben ik deze week geschrokken van precies dit mechanisme: Neil Young en Spotify. Spotify host de Podcasts van ene Joe Rogan, een man met “alternatieve” content ten aanzien van Corona. Corona zit nog in de fase dat we ons niet anders kunnen permitteren dan dat mainstream media en overheden de feiten hebben, en andere geluiden gesmoord moeten worden. Ten aanzien van Corona kunnen/durven we nog niet anders te denken dan in extremen, dichotoom, in waarheden en pertinente onwaarheden.. Maar juist bij iets waar nog veel onzekerheid over is, is met toenemend inzicht de waarheid van vandaag gedoemd ten dele de onwaarheid van morgen te zijn. Voor nuance is het nog te vroeg, in beide “kampen” spelen Cognitieve Dissonantie en Corfirmation Bias nog hoofdrollen. Neil Young wil niet samen met een charlatan op één platform, dus haalde hij zijn muziek van Spotify en vraagt alle medewerkers ontslag te nemen. 

Spotify is ondertussen grotendeels door de knieën gegaan. Maar moeten populisten (meer popsterren volgden Neil) bepalen wat (niet) gehoord mag worden? Dat een ster een verstoft imago een boosterprik geeft, snap ik! Dat de Wired (wetenschap) al 2 artikelen heeft gewijd aan het overzetten van je playlist van Spotify naar bv Apple music, snap ik niet. Onzekerheid toelaten, is de nuance weer een kans geven, en daar draagt dit alles zeker niet aan bij!

donderdag 3 februari 2022

Onzekerheid 2 (vervolg)

De blog over onzekerheid van vorige week leverde veel discussie op in mijn (werk) omgeving. Onzekerheid is zowel een belangrijke (de belangrijkste?) motivator om controle en beheersing na te streven, met alle potentiële rampzalige globale gevolgen, als dat het de drijfveer is om onze menselijkheid in verbinding en met compassie uit te dragen. Ontkenning, haar elimineren door haar te overschreeuwen en een nietsontziende beheers-industrie/economie dus enerzijds, en anderzijds erkenning door erkenning van onze beperking en te komen tot de noodzaak van genade.

Haat – de ultieme haat, zo leerde ik lang geleden van hoogleraar filosofie Cees Struyker Boudier (1937-2015) – is feitelijk iets negeren, doen alsof het er niet is, zoals wij in onze cultuur doen met onzekerheid. Daarentegen is onzekerheid erkennen – het een onderdeel van ons zijn maken – juist het omgekeerde, een basis om te komen tot verbondenheid, begrip, vergeven, te komen tot liefde. We haten onzekerheid en we houden van haar, individueel komt dit tot uiting in overschreeuwen tegenover kwetsbaarheid, collectief bijvoorbeeld in wetenschap en industrie tegenover religie en kunst. Mensvisies gebaseerd op (wetenschappelijke, grote systemen) reductie, tegenover visies gebaseerd op verwondering, vrijheid en verantwoordelijkheid. In dit verband kunnen we waarschijnlijk veel leren van indigenous cultures, die vaak veel meer in harmonie met de natuur leven dan wij … 

Ook deze week werd dit mechanisme – onzekerheidsontkenning tegenover onzekerheidserkenning – me een aantal keer pijnlijk duidelijk. Er hoeft maar iets bedreigends te zijn, zoals nu de perikelen rondom de Voice of Holland, en de roep om beheersing door regulatie komt zo’n beetje in ieder overleg aan de orde: Wat hebben wij over ongepaste omgangsvormen tussen collega’s of tussen docenten en studenten eigenlijk op papier gezet? Op 1 dag kreeg ik dit bij 2 afzonderlijke overleggen te horen.

Grappig, eigenlijk, dat ik vorige week schreef dat een goed college misschien wel 1 of 5 jaar nodig kon hebben om opgepakt te worden. Juist nu moet ik denken aan de colleges die ik in de jaren 80 volgde bij prof. Struyker Boudier, waarin hij uitlegde dat individuele vrijheid en verantwoordelijkheid wordt bedreigd door zowel wetenschappelijk reductionisme, als de wereld van de grote systemen. Fascinerend vond ik de vrije keuzevak colleges zeker, maar als bèta begreep ik het existentialistische gedachtengoed slechts zeer matig. Dat is nu volstrekt anders; gezien de grote problemen – klimaat, vermindering diversiteit op vele vlakken, etc. – kunnen we er niet meer omheen, iedere wetenschapper – alfa, gamma of bèta – dient verantwoording te nemen, en moet, net als tot begin 20ste eeuw vrij algemeen was, ook filosoof/ethicus te zijn! 

Ook in de politiek wordt onzekerheid (toeval) als problematisch opgevat. Tweede Kamerleden neigen met incidenten hun punt te maken naar de kiezers met de roep om beleid en regulering. Alles vastleggen in rules & regulations, gedreven door incidenten die de grenzen op scherp zetten, leidt echter niet tot meer zekerheid. Dit is ook zichtbaar in zwenken tussen centralisatie versus decentralisatie. Zodra ambtenaren op bijvoorbeeld gemeentelijk niveau de ruimte krijgen om eigen beslissingen te nemen, is het land te klein: discriminatie t.o.v. andere gemeenten. Juist COVID leert ons dat we wereldwijd rekening moeten houden met toeval en onzekerheid.

Individueel weten we wat we wel en niet mogen doen. De grenzen van wat binnen een bepaalde (sub) cultuur geoorloofd is en wat niet, veranderen. Studentenverenigingen, motorclubs, maar ook subculturen van bijvoorbeeld vluchtelingen vanuit oorlogsgebied blijken soms behoorlijk andere dan de algemene normen te hanteren. Bovendien schuiven de normen ook continu, wat in het flower power klimaat van de jaren 60 en 70 normaal gevonden werd, zou nu tot een ophef leiden, waar de huidige schandalen niets bij vergeleken zijn. Laat ik volkomen helder zijn, afgedwongen/onvrijwillige seks keur ik volledig af, daar is geen enkele onzekerheid over. Maar moet nu iedere flirt – wellicht ontstaan in onzekerheid/het peilen van wederzijdse interesse – door een omgangsreglement worden vervangen?

Ik ben er niet zo zeker van! Controle op overtreding van dergelijke regels (en wetten) is met AI op bv sociale media zeker steeds meer haalbaar. Of met de straatcamera’s bv automatisch registreren als mensen ongewenst een ander nafluiten, en via gezichtsherkenning meteen beboeten. Maar dat brengt slechts één zekerheid naar boven: totalitaire technologische controle! 1984 komt dichterbij. We zien het gebeuren en kijken ernaar. Geef mij maar de individuele vrijheid, verantwoordelijkheid en menselijkheid. Onzekerheid is de prijs die we daarvoor moeten betalen, maar liever leven in onzekerheid dan functioneren in schijnzekerheid!


donderdag 27 januari 2022

Onzekerheid

Prachtig vond ik het, de Corona-persconferentie deze week. Een premier en een kersverse minister Kuipers, zeker niet de eerste de beste, die openlijk hun onzekerheid benoemen. Met dit virus weet je het nooit, het heeft ons al zo vaak verrast, we weten dat de samenleving nog langer op slot houden nog meer ongewenste gevolgen heeft, maar wat het virus gaat doen, we weten het niet.

Niemand weet dat, ook de “uitstekende” stuurlui niet die vanaf de wal roepen. En dat we het niet weten, ook het RIVM/OMT niet, blijkt al uit de talloze keren dat de voorspellingen niet uitkwamen, of dat het virus anders overgedragen werd dan aanvankelijk werd gedacht. En natuurlijk waren er telkens mensen, die op aspecten vooraf riepen wat achteraf meer accuraat bleek. Als er veel geroepen wordt, heeft er altijd wel iemand het terugkijkend "altijd" al geweten. Maar ook dit is … schijnzekerheid. We leven ons leven in fundamentele onzekerheid, ook al gaan veel dingen zoals we hopen, vrezen, of verwachten. Hoe meer onzekerheid, hoe meer we vasthouden aan onzekerheid reductie, zoals voorspellende technologieën (data-science, AI) en futurologen, die een technologische hemel op aarde beloven, ook al weten we ondertussen echt wel dat iedere nieuwe technologie weer een wereld aan nieuwe onzekerheden (problemen) op zal leveren. Wetenschap is uit twijfel geboren, maar goede wetenschap levert altijd maar weer meer vragen op.

Als er één psychologische grootheid is die we maar wat graag ontkennen, of zelfs elimineren, en die tegelijkertijd stilzwijgend een hoofdrol is toebedeeld in praktisch al ons individueel (en zelfs collectief menselijk) handelen, is het wel onzekerheid. Zeker, aan de basis van ons Westers denken – de wetenschappelijke methode – ligt de twijfel. Al mijn kennen, zo stelde René Descartes, is betwijfelbaar, ik kan niet op mijn zintuigen vertrouwen (het kan zijn dat ik droom en denk dat ik iets echt zie), niet op mijn kennis, maar wel op het feit dat ik twijfel: ik denk, dus ik besta.

Als je onzeker bent - draag ik wel genoeg bij, mag ik er überhaupt wel zijn – is het soms verleidelijk om te kijken naar wat je wel zeker weet. En dat is, verrassend genoeg, dat feitelijk niets is wat het lijkt. Juist, de onzekerheid. Neem al die tevredenheidsonderzoeken, die bedrijven inkopen om te laten zien hoe tevreden cliënten met hun producten zijn, of hoe tevreden werknemers met hun bedrijf zijn. Het zegt niets anders dan dat Marcom-afdelingen er actief in slagen om klanten of medewerkers op de juiste momenten slim opgestelde lijstjes te laten invullen. Daarbij, hoe tevreden bent u bijvoorbeeld met de zorg, als u net te horen heeft gekregen dat u terminaal bent? Hoe ongepast om het überhaupt telkens maar weer te (moeten) vragen. Tenzij je echt onzeker bent over je nut, wat juist als je niets meer voor een ander kan betekenen, wel weer begrijpelijk is. Vind je mijn colleges wel leuk? Misschien snap je er nu weinig van, maar valt het kwartje over 1 jaar, of over 5 jaar. Keurmerken, nog meer rules & regulations, fact-checkers of myth-busters, het is niet de weg hieruit. Onzekerheid is een veel machtiger wapen. Mensen die iets zeker weten, bedrijven die de tevredenheid met hun producten of werkgeverschap breeduit moeten etaleren, zij zijn wat mij betreft op voorhand al verdacht. Of juist niet, ze zijn onzeker en proberen dat met zekerheid te bestrijden.

De laatste jaren ben ik er op gaan letten. Bedrijven die met hun klanttevredenheidsscores of goed werkgeverschapskeurmerken te koop lopen, ben ik steeds meer gaan mijden, net als futurologen, die met prachtige visies zeker menen te weten welke kant de toekomst op beweegt. Zelfingenomenheid met je eigen zekerheden, verraadt steevast dat er geen plek is voor onzekerheden, en dat in geval van individuele uitzonderingen je op niets meer hoeft te rekenen dan “standard procedure”. Aandacht en individueel maatwerk kan juist niet met keurmerken worden afgekocht. Zekerheden betreffen alles in het algemeen en vaak niets en niemand in het bijzonder. Zekerheid is niet te koop, behalve dan de zekerheid dat we het met al onze onzekerheid moeten zien te redden.


donderdag 20 januari 2022

Creep

Nu is de lockdown bijna voorbij! Ken je dat, dat je ergens heel lang op wacht, en dat je telkens hoopt dat het gebeurt, maar dat als het dan eindelijk zo ver is, je er eigenlijk al helemaal niet meer zo’n zin in hebt?

Het is als die bekende sprookjesvogel, die in haar kooitje in het sprookjespaleis jarenlang droomt van de vrijheid, van vliegen over de prachtige heuvels die ze vanuit haar kooi nog net kan zien, van de interactie met al die vrije vogels, de ene nog bonter dan de andere. En dan, het diertje is al behoorlijk op leeftijd, laat haar eigenaar, de prinses die ondertussen koningin is geworden en druk is met haar vele plichten, het deurtje per ongeluk openstaan. Eindelijk vliegt het vermoeide bejaarde diertje het kooitje uit, het raam door, die prachtige droomwereld tegemoet, om te beseffen dat ze hier niet thuishoort. Ze begint te fluiten, een liedje van Radiohead: “But I'm a creep, I'm a weirdo, What the hell am I doing here? I don't belong here …” Het diertje keert, berooid van die prachtige droom, terug naar haar kooitje, haar veiligheid, en de volgende dag vindt de koningin het diertje met de pootjes omhoog. Het deurtje staat nog open …

Onze dromen zijn niet meer lokaal, plaatselijk, maar wereldwijd. Via Zoom en Teams, via Facebook en Instagram, via satelliet TV en grote namen zoals Radiohead en de Beatles zijn we wereldwijd verbonden, en kijken we via ons venster – het world-wide-web – naar dezelfde beelden, en delen we dezelfde dromen. Wat was ik graag een ster, speciaal, maar alles wat ik vanuit mijn kooitje zie is, in de woorden van Radiohead, “so fucking special”. En dat terwijl ik mijn hele leven heb gehoord dat ik anders was. Wil ik eigenlijk wel weer terug naar kantoor? Ben ik niet gewend geraakt aan mijn thuiskantoor, waar vanuit ik tijdens mijn lockdown lezingen heb gegeven in Canada, Amerika, Engeland, China, Rusland en India ? Wil ik überhaupt weer elke dag 2 uur in de auto zitten? Wil ik weer voor echte collegezalen staan, waar mensen soms hun desinteresse in mijn passies niet onder stoelen of banken steken. Wil ik wel terug naar de kleinere schaal, de menselijke maat?

Technologie, verbondenheid, eenheid is aantrekkelijk, maar ik weet uit ervaring dat voor mij geldt “in diversity we stand”. Ik hoefde niet gek te zijn, ik ben juist steeds gewaardeerd omdat ik een beetje anders was. Echter, in praktijk dragen de grootschalige (BigTech) systemen in onze wereld in toenemende mate bij aan het omgekeerde, “in uniformity we stand”, aan uniformiteit. Over de hele wereld gebruiken we dezelfde smart devices en apps, zoals Instagram, TikTok en WhatsApp. Hierdoor kijken we op een tamelijk geüniformeerde wijze naar elkaar en onszelf; beelden, memes en andere “interessante” (dus vaak “extreme”) content, die vaak razendsnel viraal gaat. Het heeft ons een nieuwe status gegeven, die van wereldburger.  Onze studenten kunnen hun kennis en vaardigheden overal inzetten: ze zijn wereldwijs wereldburger. We zijn globaal herkenbaar voor elkaar geworden. Dit heeft twee kanten. 

Positief kan worden vastgesteld dat de Babylonische spraakverwarring nu echt is overwonnen. Negatief kan je stellen dat we gekoloniseerd worden door (Big) technologie en de wereldtaal (basic) Engels. Zeker is dat diversiteit in deze uniformerende bewegingen onder druk is komen te staan. Dat geldt voor biodiversiteit en culturele diversiteit, maar ook voor neurodiversiteit. Steeds meer mensen kunnen in het werken met de wereldwijde (beeld)taal en apps - en met de samenhangende teloorgang van fysieke kleinschalige verbondenheid in plaats en taal – niet meer overal meekomen. Zo krijgen bijvoorbeeld steeds meer mensen een diagnose, zoals ASS, dyslexie, of AD(H)D. Het continu moeten aanpassen aan nieuwe technologische mogelijkheden vertaalt zich daarnaast regelmatig in burn-out, bore-out, vereenzaming, of vervreemding.

De spraakverwarringen zijn wellicht voorbij, toch is er steeds meer behoefte aan geheimtalen. Cryptografie is als wetenschap nu belangrijker dan ooit, bijvoorbeeld om internetcommunicatie veilig te houden. En wij, wij zitten in onze wonderkooi. We horen hier niet, maar wat technologie brengt is “so fucking special” dat we steeds meer willen! Waar wachten we op, tot de lockdown voorbij is, of ons bestaan op deze planeet? Vliegen we ooit weer uit?


donderdag 13 januari 2022

Monteur

Zo aan het begin van het nieuwe jaar, is de eerste persoon die ik real life ontmoet de monteur die onze afzuigkap komt repareren. Gelukkig binnen garantietijd. We maken een praatje en komen heel snel op het coronabeleid. In de vakantie bedacht ik dat ten minste 4 grote thema’s er in onze wereld echt toe doen: 1. Noodzakelijke transities om ons voortbestaan op de planeet veilig te stellen, 2. Er is een afnemend vertrouwen in de politieke wil/vermogen om te doen wat nodig is, 3. Door continue technologische ontwikkelingen en het politieke en onderwijsklimaat, wordt de werkende klasse (LBO/MBO niveau) structureel ondergewaardeerd en 4. Er ontstaat een steeds meer radicaliserende “onderklasse”, inclusief complotdenkers.

Al direct vertelt de monteur dat hij het beleid niet meer kan volgen. Kortgeleden begroef hij twee van zijn beste vrienden, beide caféhouders (zelfmoord, ze waren het vertrouwen in de toekomst verloren; punt 2). Ondertussen stelt hij zonder onderzoek te doen vast dat er een nieuwe motor in de kap moet. Als ik vraag of het probleem niet in het controlepaneel zit, bestelt hij dat er ook maar meteen bij. Bijna overschrijden de kosten (250 euro) de aanschafprijs (punt 1).

Over een maand is het materiaal er, het is zo druk, dat de monteur eind februari terug kan komen. Hoewel ik hier wat geïrriteerd over ben – we wachten al vanaf eind november – besluit ik dat de hardwerkende monteur mijn waardering verdiend, niet mijn irritatie over het systeem (punt 3). We praten verder. Hij zegt te geloven dat de politici met hun beleid hele andere – geheime – agenda’s hebben. Volgens hem sterven er ondertussen meer mensen aan de gevolgen van het beleid, zoals zijn vrienden), of aan de gevolgen van uitgestelde zorg, dan aan Corona (punt 4, radicale gedachten).

Gelukkig is de techneut voor rede vatbaar: als je nee moet verkopen aan mensen die met ademnood bij de IC verschijnen, krijg je als beleidsmaker al snel de hele wereld over je heen, dus natuurlijk moeten bestuurders voorzichtig zijn. Te voorzichtig, vast en zeker, maar het echte probleem is dat er niet één waarheid is, en ook niet één wetenschap. Stel dat op een gegeven moment meer mensen (over)lijden aan uitgestelde zorg, dan aan Corona. Als je op grond daarvan radicaal het beleid omkeert – prioriteit verlenen aan mensen die om andere redenen dan Corona de ic’s nodig hebben – dan weet je zeker dat de situatie zolang Corona nog heerst, volledig uit de hand zal lopen. Geen politicus, viroloog, of wie dan ook verdient de schuld te krijgen van deze nare pandemie. Er is niet eens één probleem, laat staan één oplossing. Misschien is de grootste "fout" dat "wij" (politiek, wetenschap, media) te veel impliciet communiceren dat die er wel is!

De monteur oppert dat er veel meer IC-bedden moeten komen. "Maar dat is duur en, als de pandemie voorbij is, waarschijnlijk helemaal niet nodig ", werp ik tegen. “Minder systeemconnectiviteit?” "Met 8 miljard mensen kunnen we onmogelijk teruggaan naar een leven als jager-verzamelaars." Hij kijkt sip, ik wil ik hem niet, net als zijn vrienden, richting een depressie praten!

Ik stap in mijn rol als docent. “Veel instanties in onze wereld lijken de waarheid te monopoliseren, terwijl er noch 1 waarheid, noch 1 wetenschap is. Elk denkbaar perspectief levert een (iets) andere waarheid op, zoals die van de verspreiding van een virus, of van het behouden van levensgeluk (psychologie), enz. Maar multinationals (Big-tech bedrijven), politiek en wetenschap eigenen ‘vooruitgang’ ten onrechte toe, als de toekomst die zij voor ogen hebben, wat leidde tot achteruitgang in (bio -, neuro- en culturele) diversiteit, klimaatverandering, pandemieën, enz.” (punt 1)

Hier komt de monteur met een verassend inzicht: “Misschien moeten we de toekomst redden van dit soort opgedrongen vooruitgangsdenken”. Hij klaart op, pakt zijn tas en loopt naar de deur. Ondertussen vraag ik me af of hij niet een punt heeft, de ideologie van technologische “vooruitgang” – controle en overheersing, oneindige groei uit eindige middelen – is in zijn ogen wellicht een geheim complot, dat hem en zijn vrienden ontkent in praktisch alle aspecten die ertoe doen! Heeft hij een punt? Nu gaat het om mij. Ben ik ook voor rede vatbaar? Zijn “wij” (wetenschappers, politici, etc.) niet de echte complotdenkers met ons geloof in slechts één waarheid/wetenschap/vooruitgang/toekomst?

Wind onder de vleugels... Op een inspirerende vakantie!

Op de valreep voor de vakantietijd, voel ik me altijd weer wat ontheemd. Enerzijds is het heerlijk om uit de routines te stappen, en samen m...