vrijdag 10 juli 2026

Wind onder de vleugels... Op een inspirerende vakantie!

Op de valreep voor de vakantietijd, voel ik me altijd weer wat ontheemd. Enerzijds is het heerlijk om uit de routines te stappen, en samen met het gezin ons te heroriënteren in een meer tijdelijke vervanging van dagelijkse “herhaling”, ook al is er natuurlijk nooit echt herhaling. Maar tegelijkertijd is het ook een uitdaging, die overgave vereist, en overgave is minder makkelijk als je vanuit je hoofd grip tracht te houden op wat je bent, voelt en beleeft. Kans en uitdaging.

In een interview met cellist en dirigent Benjamin Zander voor de webserie Living the Classical Life, met pianist Zsolt Bognár als presentator, vertelt de dan 84 jarige Zander dat de kunst van het lesgeven, het leiding geven, en misschien wel het samenleven in het algemeen, voor hem bestaat uit het zorgen dat er wind komt onder de vleugels van hen waar we verantwoordelijk voor zijn. Hij illustreert dit met een voorbeeld van zijn cello-klas op het conservatorium waar hij les gaf, en merkte dat de concurentie en drang om goed genoeg te zijn (of nog sterker, de beste te zijn) eigenlijk alle studenten verkrampte. Zijn vrouw stelde voor om alle studenten op voorhand een 10 te geven (een A), zodat ze hun spanning en competitiedrang los konden laten, en echt als mens met hun instrument en de muziek aan de slag te kunnen. Dat deed hij! Hoewel de hele wereld gericht lijkt op absolute waarheden, waarin goed, beter en best eenduidig op een rij ligt, is dat niet zoals volgens hem onze menselijkheid en de expressie daarvan gevangen kan worden. In tegendeel, menselijkheid is liefde, en als je die probeert te vangen in dit soort kwalificaties, is ze als een vogel, of een vlinder, die steeds verdwijnt als je denkt dichter bij te komen.

In onze wereld, zo legt Zander uit in het interview, zijn er allerlei neerwaartse spiralen, van milieuvervuiling, tot oorlog, van generatieve AI tot autonome wapensystemen, van prestatiedrang tot uitsluiten en discrimineren, maar de kunst van menszijn is om daar zo veel als mogelijk uit te stappen, en liefde uit te stralen naar hen waar je verantwoordelijk voor bent. Dus, en hier is de cirkel rond, wind onder hun vleugels te geven, en merken dat feitelijk zij ook (beurtelings) wind onder jouw vleugels geven. En natuurlijk is niemand perfect, en verzaken we soms, omdat we bijvoorbeeld (hopelijk tijdelijk, of een kort moment) verzuurd zijn geraakt doordat we ons toch met zo'n neerwaartse spiraal zijn gaan identificeren, of om welke andere reden dan ook. Ook is het heel goed mogelijk dat we ons zelfvertrouwen kwijt raken, dat is een zeer sterke neerwaartse spiraal, en juist in de muziek, als je omringt bent door fantastische talenten, is het soms moeilijk om in je eigenwaarde te blijven staan. Een wereld waarin eigenheid meer en meer vervangen lijkt door uniforme normen en waarheden, helpt natuurlijk daarbij ook niet mee.

Om liefde uit te stralen, met andere woorden, en daarmee anderen de wind onder de vleugels te helpen krijgen, vraagt om sterk in jezelf te kunnen staan. Dat is, anders dan ik tot nu toe vaak heb gedacht, niet hetzelfde als jezelf intellectueel, of zelfs instrumenteel te begrijpen en waarderen. Het zit niet, of in ieder geval niet louter, in het hoofd, maar veel meer in het hart, in het gevoel. Mezelf overgeven aan wat ik voel, aan de fascinatie voor het wonder dat wij dagelijks als mens aanschouwen, zonder het continu te relativeren in de neerwaartse spiralen die evenzeer evident zijn, is een uitdaging, en de vakantie is bij uitstek een moment om me er aan over te kunnen geven. Ik wens u allen de wind onder uw vleugels, waar ze u ook mag brengen, en een inspirerende en behouden thuiskomst. 

Photo by mart_a : https://www.pexels.com/photo/butterfly-in-meadow-16849790/

maandag 6 juli 2026

Zoveel om van te genieten, maar ook ... zorgen! Fijne vakantie!

We leven in een wonderlijke wereld, waarin we kunnen genieten van zoveel prachtige kunst, bijvoorbeeld prachtige muziek die nu, en in de eeuwen hiervoor, is gemaakt, en door grote talenten steeds op telkens nieuwe manieren wordt verklankt. Of van de schitterende literatuur, die breed beschikbaar is, van verhalen, die inspireren, of uitdagen, van musea en galerieën met schilderijen en beeldende kunst. Er is zoveel om van te genieten, of om naar uit te kijken.

Aan de andere kant, zijn er ook zaken die me enorm veel zorg baren. Als het aan Amerika en de bigtech bazen aldaar ligt, zullen er in de komende 10 jaar 1,7 miljoen satellieten in een baan om de aarde worden gebracht. 1,7 miljoen, bovenop alle satellieten die nu al rond de aarde zwermen. Ze zouden nodig zijn voor de gigantische datacentra ten behoeve van AI. In een klein berichtje op de NOS app werd dit afgelopen zaterdag vermeld. Ze zullen zoveel strooilicht veroorzaken, dat elke nacht ongeveer zal gaan lijken op wat nu een nacht is met volle maan. Onze fascinatie voor de sterren, het eindeloze, het tijdloze versus onze tijdelijkheid, de verbinding met het mysterieuze heelal, met de grote vragen, met ons voorgeslacht en met ons gevoel van bestemming, zal door lichtvervuiling volledig anders worden gepercipieerd.

Generatieve AI is ons opgedrongen door een handvol BigTech bedrijven. Content door alle internetgebruikers inclusief de wereldliteratuur en beedlkunst is hierbij ontvreemd, en wordt "teruggegeven" zodat iedereen behalve de machthebbers het nakijken hebben. Nu ook nog een paar miljoen satellieten rond de planeet? Waar blijft inspraak? Was de USA niet een democratie? Eerlijk gezegd vind ik deze zaken enorm bedroevend. Beslissingen die genomen worden zonder de consequenties te overzien (want dat is, blijkt keer op keer, met nieuwe technologie praktisch onmogelijk). Maar wel beslissingen die gevolgen hebben die al het leven op de Aarde zal beinvloeden. Keuzes voor macht en/of geld nu met niet te overziene gevolgen voor het nageslacht. Uberhaupt hebben we de ruimte al opgezadeld met onze rotzooi, maar uiteraard is het nooit genoeg. Ik weet dat het onverstandig is je druk te maken over zaken die buiten je controle liggen, en dat we uiteindelijk toch weer mee zullen huilen (“if you can't beat them, join them”), maar het stemt me wel echt triest.

Technologie ontwikkeling is lang voorbij het punt gegaan dat het dienstbaar is voor de mens, dat ons helpt te overleven in een wereld waar we niet op elke plaats de juiste biologische uitrusting voor hebben (zie https://janwillemdegraaf.blogspot.com/2023/10/olifant-waar-dan.html.)

Op technologische ontwikkeling gedreven kapitalisme (of neo feodalisme) is een onverzadigbaar en alles verslindend monster geworden, met de potentie om van iedere wereldburger bij een nog steeds groter wordende populatieomvang, een rupsje nooitgenoeg te maken. Gelukkig zie ik dat bij velen het besef daarvan toeneemt. Onderzoek alles en behoud het goede, zou nog steeds kunnen gelden als een zeer toegepast advies, maar we behouden alles en laten alles tegelijkertijd door groeien, nu ook nog autonoom, waardoor de bedreigingen exponentieel zijn. Tijd om even afstand te nemen van alles, tijd voor vakantie. Gelukkig is er zo veel de moeite waard om voor te leven. Ik hoop dat we met elkaar toch uiteindelijk stem kunnen geven aan onze wijsheid, dat we leren dat niet alles dat kan ook moet geschieden. Dank voor het lezen van mijn blog, ik wens u een fijne vakantie.



maandag 29 juni 2026

Water stroomt waar het gaan kan!

Water stroomt waar het gaan kan. Tegelijkertijd stroomt water nooit waar het niet gaan kan. Open deur? Jazeker, en tegelijkertijd ééntje die we continu neigen te vergeten. In een digitale wereld leken grenzen te zijn verdwenen, alles kon met alles verbinden, en de fysieke oceanen en bergketens die landen of continenten voor millennia van elkaar gescheiden hadden gehouden, leken steeds minder reëel. Reëel werd virtueel. Meer en meer werd werken gelijk te stellen met ergens - op één of andere manier - bijdragen aan de digitale snelweg, aan content creëren of selecteren, of aan applicaties maken, of aan deelnemen aan online overleggen. 

Maar net zozeer als water stroomt waar het gaan kan,  geldt "brood moet je blijven eten". Ondanks de virtuele mogelijkheden, moeten we ons blijven beschermen tegen overstromingen, vijandigheden, honger, kou, roofdieren etc. Met andere woorden, hoewel de fysieke wereld steeds minder was gaan bijdragen aan onze (deels illusoire digitale) verbondenheid, begon de ouderwetse (analoge) dienstverlening steeds meer te haperen. Oorzaak? Onze massale "verhuizing" naar (overgave aan) de digitale wereld. Het hier en nu raken verwaarloosd. Winkels en zorgcentra, bijvoorbeeld, krijgen hun bezetting niet of moeizaam rond. Het antwoord is vaak de vlucht vooruit, naar nog meer technologie. Winkels zien zich dan bijvoorbeeld genoodzaakt tot digitale betaalsystemen, of tot volledige overgang naar 24/7 online besteldiensten. Of ze kunnen, simpelweg, ophouden te bestaan, wat dan weer kan leiden tot verdere versobering van de fysieke (winkel) omgeving.

Haast even vanzelfsprekend als dat  water stroomt waar het gaan kan, is een andere bekende uitdrukking: Wat je zaait zul je oogsten. Hoewel, in deze uitdrukking zitten wel een aantal voorwaarden verscholen. Is de grond goed bewerkt, is het opkomend gewas genoeg beschermt, etc, maar toch. Onze massaal ingezaaide gerichtheid op een 24/7 beschikbaarheid en afhankelijkheid van de online wereld, resulteert erin dat we continu mooie (en minder mooie) nieuwe digitale producten en gemaks-diensten kunnen oogsten. Maar in de analoge wereld, daar waar we brood moeten blijven eten, oogsten we tegelijkertijd een gebrek aan vakmensen. Vakmensen die bijvoorbeeld ons dak kunnen repareren, of een rioolverstopping kunnen opheffen. Of, dichter bij de demands van een digitale wereld zelf, mensen die het elektriciteitsnet kunnen onderhouden en aanpassen aan onze nieuwe steeds grotere behoefte aan stroom, bijvoorbeeld voor onze elektrische mobiliteit.

Nu we de schaduwzijde van een te eenzijdige afhankelijkheid van een virtuele werkelijkheid meer en meer gaan voelen in onze fysieke wereld, worden er ook weer ineens overal harde grenzen zichtbaar. Bergketens, oceanen, en kleiner rivieren of zelfs vroeger afgesproken landsgrenzen, zijn in het gepolariseerden landschap van vandaag weer zeer nadrukkelijk aanwezig. Waar ze leken ze te zijn verdwenen in de akkers vol met digitale zegeningen, doemen ze nu als onkruid weer overal op; oorlogen gebaseerd op geografische affordance structuren schreeuwen ons wakker uit onze digitale droomwereld. Ongemakkelijk, terwijl we gewend zijn geraakt aan gemak, digitaal gemak, 24/7, altijd overal en met een druk op een knop. Knop, prompt, zelfs als we generatieve AI afwijzen, zijn we allen prompters geworden. Maar prompten is geen leven, geen werken, en slechts een virtuele werkelijkheid, die fysiek haar verwoestende sporen op een onnavolgbare wijze achterlaat: In ons geluk, in onze verbondenheid, maar ook in onze energiebehoefte, bereidheid om de handen uit de mouwen te steken, om tegenslag te incasseren, en om vreugde oprecht te delen. Om ongezien te blijven, en toch gezien te worden, door juist die anderen die er op dat moment fysiek toe doen.

Foto Dorinthe de Graaf

Soms wilde ik dat we toch iets beter begrepen dat water stroomt waar het gaan kan!

maandag 22 juni 2026

Jeugdherinneringen

Eén herinnering aan de kleuterschool laat me nooit meer los. Er scheen een man te zijn die ieder kind die wilde een speeltje gaf. Zelf heb ik hem nooit gezien, ik durfde niet te kijken. Wel zag ik klasgenoten terugkomen met prachtige ballen, autootjes en ander speelgoed. Ik weet niet of het echt een kindervriend was, maar wel dat hij opgepakt werd en het verhaal ging dat hij een kinderlokker was, en iedereen diens speeltje moest inleveren. Ook weet ik, dat ik aanvankelijk vreselijk baalde, omdat ik te verlegen en angstig was om “mijn” speeltje op te halen, en dat ik jaloers keek naar mijn klasgenootjes die dat wel durfde. Nauw gekoppeld aan deze herinnering, gebeurde er nog iets wonderlijks op de kleuterschool (in Hoofddorp). Met kerst mochten we een tekening maken. Toen we die terug kregen, bleek iedereen een veel mooiere tekening te krijgen dan we hadden gemaakt. Ik kreeg als één van de laatste mijn tekening terug. Ik dacht, toen ik die van mijn klasgenootjes zag, dat ik veel slechter tekende dan zij. Dat bleek fout! Net als de gratis kadootjes, dit keer ook voor mij een prachtige door de juf in haar vrije tijd verfraaide tekening.

Verfraaien en misleiden door een leerkracht zou nu vast op een muur van bezwaar stuiten. Immers, impliceert dit niet dat de oorspronkelijke (gebrekkige) kunstuitingen niet goed genoeg waren? Pas sinds de wijde verbreiding van generatieve AI begrijp ik dat de vermeende kinderlokker en de juf met haar (naar ik nog steeds aanneem) goedbedoelende “misleiding” eenzelfde spoor in mijn herinnering triggeren.

De kleuter die ik ooit was met het gevoel van wat ik nu missing out zou noemen, samen met tegelijkertijd een niet pluis gevoel, komt telkens terug, als ik mensen zie pronken met plaatjes (of teksten, of zelfs muziek) die ze met het indrukken van een prompt als persoonlijke uiting op de sociale media tonen. Het maakt me weemoedig en klein. Ben ik de enige? Bij zo veel posts van mensen zie ik die door AI gegenereerd plaatjes. Aanvankelijk vond ik ze vooral troosteloos, of misschien preciezer geformuleerd, harteloos. Nu besef ik dat het slechts een kwestie van tijd zal zijn voordat de plaatjes esthetisch minder afzichtig zullen worden. Toen begon ik in te zien dat het schijnbare gemak waarmee mensen massaal deze plaatjes aan hun teksten gingen toevoegen, in zekere zin gezien kan worden als “onaardig”, als het wegdrukken van de boterhammen van talentvolle illustratoren en kunstenaars. Zij zien hun mogelijkheden om met hun gaven betaald hun vak uit te oefenen steeds meer definitief verdampen. Zo makkelijk en massaal zetten we onze talentvolle broeders en zusters kennelijk buitenspel, omdat we verleid (in mijn ogen misleid) worden door een nieuw big tech speeltje. Natuurlijk geldt dit ook voor talentvolle tekstschrijvers, die door het massale gebruik van chatbots het nakijken hebben. Het probleem is niet alleen generatieve AI, het is ook de massale omvang waarmee wij (het publiek) ons er mee inlaten.

Maar als ik van mijn hoofd naar mijn hart ga, kom ik terug bij mijn kleuterschool gevoel. Waarom gaf de vermeende kinderlokker het speelgoed? Had hij het gestolen, en zo ja van wie? Had hij onzuivere motieven? En hoe zat het met de juf? Kon die ons ontluikend talent of gebrek daaraan niet accepteren, en verfraaide ze daarom onze tekeningen? Of wilde ze goed doen, ons de ervaring van een kerst wonder geven? Stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw, de hemel en de aarde? Was het niet haar boodschap dat wij zelf (nog) niet goed genoeg waren? Als ik hoor dat Bigtech bedrijven massa's geld verliezen om ons de gave van generatieve AI te geven, lijken ze zowel op de vermeende kinderlokker, als op mijn juf.

Voor mij herinneren ge-prompte teksten, beelden en muziek me aan de kinderlokker, die elk kind in de klas gratis speelgoed gaf. Het was zo vreselijk verleidelijk, dat ik baalde dat ik zo bang was, en niet ook mijn speeltje durfde te halen. Totdat de man werd opgepakt, en iedereen in mijn kleuterklas het speeltje moest inleveren, het was bedrog, wij waren bedrogen. Nee zeggen tegen de kindervriend/kinderlokker (wie zal het zeggen, ik weet het nu, zestig jaar later nog, steeds niet) was geen probleem. Het kan nog steeds!

Toch is er één ding, dat ik nog steeds niet weet. Zelf wist ik toen ik "mijn" tekening terugkreeg, dat die niet echt van mij was. Wisten mijn klasgenoten dat ook? Weten de miljoenen prompters dat ook?

Een foto van mij, een paar jaar ouder dan de kleuterschool...

zaterdag 20 juni 2026

To the Lighthouse!

Gisteravond waren Victorine en ik trotse ouders! Het Noord Nederlands Orkest (NNO) speelde in de grote zaal van de Oosterpoort in Groningen 4 stukken, waarvan het vierde en laatste stuk – To the Lighthouse – was gecomponeerd door onze dochter Deborah de Graaf. Voor To the Lighthouse werd het orkest in tweeën gesplitst, links en rechts, in een speciaal voor deze uitvoering aangepaste zaal (de eerste rijen stoelen waren uit de zaal gehaald). Als publiek kreeg je echt het gevoel dat het orkest en de fantastische dirigent erg dichtbij waren, alsof je er midden in zat. De avond stond in het kader van het orkest en innovatieve technologie. Het stuk van Deborah was voor twee orkesten, die soms elkaar aanvullen, maar zeker zo vaak contrasteren, in gevecht zijn, toenadering zoeken en uiteindelijk elkaar vinden en versmelten. Je kon een speld horen vallen, het was fantastisch.

Het innovatieve element droeg sterk bij aan ons gevoel van trots; onze zoon Thorvald schreef twee samenhangende scripten, gefilmd en tot twee films gemaakt door onze schoondochter: kunstenares Tessa van Merle. Achter beide orkest secties hing een scherm waarop links de ene en rechts de andere film te zien was. De ene film was gefilmd in Denemarken, bij een vuurtoren op locatie, met onze dochter Dorinthe in de hoofdrol. De andere film was gefilmd in Groningen, rond en in het forum, met in de rollen wederom Dorinthe en medestudenten van de acteurs opleiding van het Noorderpoort in Groningen. Innovatief was dat het orkest/de dirigent alle vrijheid had om te spelen met gevoel, en dat de films synchroon gehouden werden door aanpassingen die realtime met de muziek mee gemaakt werden. Deborah, Thorvald, Tessa en Dorinthe wijzen allen resoluut het gebruik van generatieve AI af, dat was dan ook nergens gebruikt. Het effect was echter sensationeel, en organisch!

De beide samenhangende verhalen gaan wel over generatieve AI. Geinspireerd op het boek To the Lighthouse van Virginia Wolf, zoekt de hoofdrolspeler in een desolate omgeving aan zee haar identiteit terug. Ze is in rouw en onduidelijk is te zien waarom. In de andere film, op het andere scherm, zie je dezelfde actrice in het Forum in Groningen langzaam tot de ontdekking komen dat haar vrienden steeds meer veranderen in AI's, ze zijn niet echt, en ze zoekt haar heil bij een vriendin die wel echt is maar dan... toch ook een AI blijkt te zijn. Ze springt in de auto, en gaat heel lang rijden. Aan het eind van de film komt ze bij het Deense strand aan. Dan ontdek je dat daar de andere film begint. Als luisteraar/kijker ontdek je dan dat je het geheel nog een keer moet zien.... Recursie, eindeloze loops, het is een serieuze bedreiging van onze wereld door directe - proces loze - AI...

Al met al een prachtige avond, een schitterend orkest, en op naar het volgende concert. Voor mij gaat er niets boven mensenwerk, en het orkest is al sinds de achttiende eeuw een ijzersterk concept gebleken, een hoogtepunt van menselijk samenwerken. Bijgevoegd een link naar waar je de eerste symfonie (Comptess) van Deborah kunt horen, uitgevoerd door het NNO in 2025.

PS dit weekend worden ook andere composities van Deborah uitgevoerd, door het Kamerorkest van het Noorden, en vandaag zijn haar strijk kwintet en 2 nieuwe orkestwerken van haar te horen in het kader van de landelijke Dag van de Componist: https://donemus.nl/deborah-de-graaf-series-of-performances-across-groningen-in-june/ 




vrijdag 12 juni 2026

Van rekenliniaal via rekenmachine naar...

Soms denk ik terug aan de middelbare school, toen we de rekenliniaal moesten inruilen voor een rekenmachine. De rekenliniaal gaf zoveel meer inzicht in verhoudingen, maar was tegelijkertijd lastiger te bedienen. In voorbereiding op de wis- en natuurkunde examens mocht ik klasgenoten helpen bij het maken van oefenopgaven. Opvallend was dat iedereen geneigd was bij iedere rekensom automatisch naar de rekenmachine te grijpen, ook bij het optellen, aftrekken, vermenigvuldigen of delen van 1 digit cijfers (bijvoorbeeld 2 + 6). Mijn conclusie was dat inderdaad het gebruik van een rekenmachine je lui maakt. Ik vroeg me af of dat ook gold voor het gebruik van de fiets, was dat een reden om minder spierfunctie te ontwikkelen bij gelijkblijvende afstand overbrugging?


Photo by Matvei: https://www.pexels.com/photo/vintage-study-setup-with-books-and-analog-radio-37397516/

Natuurlijk was dit laatste niet perse het geval. Immers, dankzij de inzet van de fiets kwamen er veel meer kilometers in de dagelijks te overbruggen afstanden. Mensen konden naar een school verder weg, of vrienden bezoeken die verder van huis woonden, waardoor de totale hoeveelheid te investeren energie in dagelijkse mobiliteit ongeveer gelijk bleef. Wel kon ik me voorstellen dat er als je volledig op wandelen (en eventueel snelwandelen en rennen) bent aangewezen voor je mobiliteit, je ten dele andere spiergroepen gebruikte dan wanneer je zoals wij in die dagen allemaal een fiets had. Eigenlijk kan ik me niet herinneren dat veel jongeren toen met de auto naar school werden gebracht en gehaald. Wel weet ik dat ik een behoorlijk eind moest fietsen (10 km) terwijl sommige klasgenoten ongeveer naast de school woonden. Hadden zij dan minder conditie? Of moesten zij meer sporten doen, om evenveel energie kwijt te raken?

Nu zijn we ongeveer 50 jaar verder, een halve eeuw, en de rekenmachine van destijds die het gemakkelijk maakte om het zelf tellen (denken) uit te schakelen, is via computers en slimme algoritmes getransformeerd tot een artificiele intelligentie die ons op veel meer vlakken van denken verleid om ons aan haar over te geven. De fiets die onze actieradius vergrootte, is verder gemotoriseerd, en om ons lichaam – onze spieren, energie – nog te oefenen, zijn we massaal aangewezen op sportscholen, of, trainingsprogramma's. Ondertussen weten we dat obesitas in de “welvarende” wereld een van de meest wijdverbreide gezondheidsrisico's vormt, en dat zelfstandig denken en daarbij niet vervallen in gemakkelijk meedeinen op de polariserende ritmiek van algoritmische dichotomieën in de sociale media echo-kamers die er op gericht zijn onze aandacht zo lang mogelijk vast te houden. Afleiden of afgeleid worden is momenteel meer de grote kwestie dan “to be or not to be”.

Nu lees ik regelmatig meningen waarin het gebruik van chatbots wordt verdedigd, door te stellen dat mensen ook in de eerste helft van de negentiende eeuw tegen de opkomst van treinen waren, of in de tweede helft van de negentiende eeuw de opkomst van de fotografie. Of de fiets, of de rekenmachine? Impliciet in deze verdediging zit dat dit de wereld, of de mens, niet ten val heeft gebracht, en dus dat chatbots dat ook niet zullen doen, ondanks dat ook nu er weerstand is. Dit is niet alleen een drogrede. Feitelijk kunnen we ons afvragen of mensen die in de negentiende eeuw tegen de opkomende technologisering waren niet een punt hadden.

zondag 31 mei 2026

Tegenkracht

Misschien beginnen we nu toch op grote schaal te twijfelen aan onze vermeende menselijke superioriteit. Staan we wel boven de natuur? 

In mijn vorige blog schreef ik over de evolutie van menselijke aanpassings-systemen, die het gebrek aan biologische aanpassingen van onze soort compenseren en tevens (grotendeels) overbodig maakt. Taal, technieken, religie en cultuur met daarin economie en onze interactie met ecologie die daaruit ontstond, ontwikkelen zich op een boven individueel niveau. Ze kennen ook een eigen dynamiek, die grotendeels (of zelfs feitelijk volledig) los staat van de mensen die er aan bijdragen en er mee geassocieerd worden. Roem, of spraakmakendheid, is hierbij van oudsher de brug, die kleine en lokale ideeën en prestaties naar grotere verbanden, andere (sociale) gemeenschappen brengt. In onze hedendaagse wereld zijn er zoveel mogelijkheden om ideeen of prestaties te verspreiden, zoals het internet, dat beroemdheid en beruchtheid nu nog vooral verwijzen naar onze mentale (primaten) roots (roem is goed, en dus via spraakmakendheid en roem alsnog van A naar Beter). Het is dus onze behoefte aan heldenverering die maakt dat we telkens weer standbeelden oprichten voor (meestal alfa mans) personen die we koppelen aan het meta-humane systeem van culturele en technologische ontwikkeling. Deze ontwikkeling heeft niet perse richting, gaat niet perse van A- naar Beter, maar desondanks zijn wij psychologisch zo gepreformeerd dat we steevast van vooruitgang spreken.

Het is daarom behoorlijk schokkend om in te zien dat onze haast onvoorstelbare magische technologische ontwikkeling van de laatste paar honderd jaar, ons feitelijk in een benarde situatie heeft gebracht op ecologisch niveau. We kunnen ons naar de maan verplaatsen, kunnen ziektes de baas waar we vroeger absoluut het onderspit voor zouden delven, en we hebben machines die meer spier- en zelfs redeneerkracht kunnen genereren, dan een hele straat individuen in een grote stad. En toch lijken er met iedere ziekte die we de wereld uit helpen nieuwe en grotere gezondheid issues terug te komen, met iedere versterkte spierbeweging verdwijnt er een groter stuk natuurlijke (ecologische) beweegruimte en met iedere slimme algoritmische “denk”stap, wordt ons eigen zijn goedkoper, zo lijkt het. Kortom, voortgang is, zo wordt langzaamaan door velen erkent, niet hetzelfde als vooruitgang. Geweldige virtuositeit is niet hetzelfde als inspirerende kunst.

Over de ontwikkeling van de producten van onze collectieve externe aanpassingen – cultuur, steden, kunsten en andere technologieën – maken we verhalen. Het vooruitgang-verhaal is momenteel door de zichtbaarheid van de grenzen aan groei aan het corroderen. Er is, zo geloof ik, een ander verhaal aan het ontstaan, een verhaal van verbinding, en vernieuwd bewustzijn, waarin het vrouwelijke en het creatieve deels het masculiene en intussen technocratische verhaal aan het verdringen is. Tegelijkertijd zijn de krachten die in mijn ogen tegen beter weten in het oude macho verhaal van steeds meer en krachtiger controle over alles en iedereen verdedigen machtiger dan ook. Dominante oudere mannen, zoals Trump, Putin, Xi en Netanyahu met in hun kielzog de tech-baronnen als Thiel en Musk, schreeuwen harder dan ooit, en zetten daarbij alle technieken in die ze met hun haast grenzeloze macht kunnen kopen en manipuleren.


We twijfelen meer en meer aan onze vermeende menselijke superioriteit. Staan we echt boven de dieren? Hebben we wel het recht om ons als goden te gedragen? Hebben we wellicht ten onrechte het vuur van creatie gekregen, zoals het Griekse klassieke Prometheus verhaal al 2500 jaar ons vertelt? Moeten we ons hoofd buigen voor moeder natuur? En is het juist daarom dat rechtse schreeuwende mannen proberen ons onder de duim te houden, ons opkomend natuurbewustzijn te overschreeuwen? Door ons te verbinden met elkaar, te consuminderen waar mogelijk, en niet naar meer en groter, maar naar minder en meer verbonden te zoeken, naar kunst boven wetenschap, naar elkaar boven het virtuele, kunnen we afstemmen op de tegenkrachten, die ons helpen te overleven, de weg naar onszelf en de natuur terug te vinden...

vrijdag 29 mei 2026

Nieuw begrip en het belang van roem

Menselijke aanpassingsvermogens hebben de noodzaak van evolutie verplaatst van genetisch in de soort naar sociaal constructief: de evolutie van onze externe aanpassingen: taal, techniek en religie. Deze "externe" evolutie staat meestal meer los van onszelf als individuen dan we denken. Sterker nog, ons abstracte begrip van de werkelijkheid brengt ons regelmatig verder dan ons reële begrip van die werkelijkheid. Einstein, bijvoorbeeld, beschreef met zijn relativiteitstheorie aspecten van de werkelijkheid die hij begreep, maar toen anderen uit deze theorie gingen afleiden dat er zwarte gaten bestonden, ontkende Einstein dat resoluut. Was zijn theorie slimmer dan hij? Of terug naar het begin, nam zijn abstracte begrip van de werkelijkheid – de mathematische formulering – mensen mee naar een dieper begrip van de realiteit dan de bedenker van de formulering? Is dit wat er altijd gebeurt, dat we een lokaal probleem oplossen, en dat de oplossing veel breder ook op hele andere gebieden helpt om (be)grip te krijgen? En is dit zowel een zegen, als een vloek?

Iedere gedachte, ieder ontwerp, ieder bouwwerk die breder gedeeld wordt, brengt nieuwe inzichten en ontwikkelingen met zich mee. Breed delen is voorwaarde, mensen moeten van veel kanten de gedachten kunnen analyseren, om daar vanuit te kunnen generaliseren, experimenteren en kunnen doorontwikkelen. Dit is precies de reden dat roem van belang kan zijn (en vaak is) voor de doorontwikkeling van ideeën. Als een kunstenaar de stamvader (of moeder!) van een bepaalde richting wordt genoemd, is natuurlijk de richting rijker dan de grounding persons. Waarom we toch zo gefixeerd zijn op de personen, op het standbeeld en we steevast de sokkel (die veel essentieler iets zegt over onze ontwikkeling als culturen en soort), is een psychologisch artefact, om roem en bewondering een adres te geven, en zo door te kunnen en mogen werken in bepaalde richtingen.

Het begrijpen van dit mechanisme is van belang om te zien dat onze wereld, onze samenleving en cultuur, zich zowel wel als niet noodzakelijkerwijs in de richting ontwikkeld waarin we nu zijn. Als we andere idolen, met andere gedachten, kunst of wetenschap zo breed geroemd hadden zoals Darwin, Rembrandt, Bach en Einstein, om maar een paar beroemdheden te noemen, hadden we ongetwijfeld de grootsheid van ideeen en werken in andere richtingen leren waarderen en doorontwikkelen. Succes maakt succes. Een mooi voorbeeld vormen de Beatles, die echt ieder jaar groter worden door de enorme hoeveelheid mensen die zich nog steeds storten op wat ze in een kleine 10 jaar 60 jaar geleden produceerden. Ja, het was populair, maar aanvankelijk ook echt wel middle of the road. In een dialectische wereld, waar positief en negatief altijd tegenover elkaar staan, ligt in succes ook altijd de kiem van het grote falen, en in falen ligt tegelijkertijd de kiem van mogelijke nieuwe successen. Bootstrappen, ladderklimmen, doe je door succes en falen te altereren.

Als we op een dood spoor zitten, bijvoorbeeld omdat het meerdere planeten vereist om wereldwijd in onze huidige energie-, voedsel- en materiaalbehoefte te voorzien, of omdat er genoeg kernbommen in de wereld zijn om de planeet een paar honderd op te blazen, of omdat we met generatieve AI de macht over de fysieke wereld steeds meer in handen geven van autonome systemen, die niet een natuurlijk ethisch geweten in hun “DNA” met zich meedragen, is het van belang te beseffen dat we een andere wereld kunnen creëeren. Andere ideeën en andere mensen vereren, ideeën en "heldenzijn de parameters. Door onze energie en bewondering naar andere mensen en ideeën te brengen. Wellicht meer naar het vrouwelijke, het verbindende, in plaats van in het dominant resultaatgericht veranderen van de werkelijkheid. Niet onze bewondering (en evenzeer afkeer, dat maakt in een dialektisch systeem weinig verschil) naar Elon Musk, maar naar Kate Raworth, niet naar Trump, maar naar Jacinda Ardern.

Het is niet makkelijk. Maar het verschuiven van onze focus van (de illusie van) technologische vooruitgang naar kunst, verbondenheid en herstel van het evenwicht tussen het mannelijke (nu sterk overheersend) en het vrouwelijke, kan voor iedereen heel dicht bij huis beginnen...



vrijdag 22 mei 2026

Opnieuw beginnen

Is Pinksteren niet traditioneel het vieren van het ontvangen van de heilige geest door de apostelen van Jezus? Een tijd dat we luisteren naar een groter Bewustzijn dat buiten ons is, en dat we als mens wellicht zouden kunnen ontvangen. Het even niet zelf denken beter te weten, te denken dat je met technologische spierballen de reis naar je eigen ziel kunt ontlopen. Intelligentie en wijsheid zijn hele verschillende zaken... 

Is niet juist de afgelopen decennia duidelijk geworden, dat intelligentie zwaar overschat wordt, terwijl juist wijsheid minstens zo sterk wordt onderschat? Wat te denken van Elon Musk, die te kennen heeft gegeven op de maan veel datacentra te willen inrichten voor de groeiende "behoefte" op aarde aan AI? Wiens behoefte? Moet je je over geven aan alles waar je behoefte aan denkt te hebben? 

Uit experimenten weten we dat ratten die hun  'plezier-centrum' in het brein electronisch gestimuleerd wordt als ze op een button drukken, net zo lang blijven drukken totdat ze dorstig en uitgehongerd sterven. Zijn wij met onze globale mediaverslaving (inclusief hierin verslaving aan generatieve AI) als mensheid niet op weg om deze arme laboratorium ratjes te volgen? Leidt het nastreven van wat we als geluk definiëren niet juist steevast tot het diepste ongeluk? 

Maar daar wil ik het eigenlijk niet eens over hebben. Het gaat me om de discrepantie tussen intelligentie en wijsheid, om wel intelligent en tegelijkertijd volstrekt niet wijs. Musk vormt mi een mooi voorbeeld: onmiskenbaar intelligent. Een succesvol kind van de Verlichtings-droom, die ongetwijfeld mede door toeval op een aantal essentiele momenten op de juiste plaats en tijd met de juiste talenten, inzet en motivatie het bijzonder ver geschopt heeft. Hij kreeg kansen en pakten ze. Musk is tegelijkertijd onmiskenbaar niet wijs. Het vereist weinig inzicht om te zien dat hij zelfs met de satellieten die hij in een baan om de aarde liet schieten, een versnelling in technocratisering heeft ingezet, die uiteindelijk niet goed voor de mensheid is. Origineel is het maanproject idee van Musk evenmin, in talloze science fiction verhalen wordt de maan geexploiteerd om de menselijke (rupsjes nooit genoeg) behoeftes te voeden met energie, of grondstoffen. Het is eerder griezelig is dat een man die op weg is om 1000 keer miljardair te worden – Musk heeft meer geld dan alle andere mensen op de aarde, en zelfs meer dan sommige hele landen – met deze intellectuele spierballen acties tracht de dromen van science fiction schrijvers werkelijkheid te maken.

Wijsheid is voor mij onder meer weten dat je soms beter opnieuw kunt beginnen. Satellieten uit de lucht, datacentra grotendeels ontmantelen, en kijken of we met alle kennis en inzichten die we de afgelopen decennia hebben verworven over duurzaamheid, en een haalbare planetaire voetafdruk, een samenleving of juist vele kleine samenlevingen kunnen beginnen, die veel meer in evenwicht zijn met wat de planeet en de natuur ons kan bieden. Wijsheid is ook de reis naar binnen, naar verbinding met elkaar, naar liefde en niet naar steeds meer technologie die steeds meer ruimte, energie en extra technologie nodig heeft. 

We beginnen langzaam te begrijpen dat we onze portemonee met alle efficientie goed gevuld hebben, maar dat we over de dingen die er voor leven in het algemeen en mensen in het bijzonder echt toe doen, bitter weinig aan de weet gekomen zijn. We richten ons op het telbare, de kengetallen, de prestatieindicatoren, en zijn steeds efficienter in staat de energie en voeding die onze planeet in een jaar kan genereren in een paar maanden op te souperen. Maar geestelijk zijn we wellicht armer dan ooit. Wat mij betreft zou het wijs zijn om Elon Musk en al die andere self-made BigTech sterren een halt toe te roepen, ter verantwoording te roepen, en met elkaar opnieuw te beginnen. Het is mij regelmatig overkomen dat ik iets had gemaakt of geschreven, en dat het kwijtraakte. Vreselijk. Maar als je dan opnieuw begint, is het resultaat heel vaak zo enorm veel beter. Het zou wijs zijn, als we onszelf dat gaan gunnen! 


Ik wens u fijne pinksterdagen!

woensdag 6 mei 2026

Vrijheid

Terugdenkend aan gisteren, bevrijdingsdag! Dankbaar ben ik, mijn hele leven leef ik al in vredestijd! Reden te over om dit te vieren, wat wij gisteren deden in Zwolle. Vrijheid is een groot goed, en ze is zeker niet vanzelfsprekend. De sprekers in Zwolle stelden vanaf het podium aan ons (publiek) de vraag wat vrijheid voor elk van ons - als individu - betekent. Goede vraag! Er ging veel in me om, ook veel tegenstrijdigheden. In deze blog zet ik een aantal van deze gedachten op een rij. Er werd me duidelijk dat ik zelf vaak geen eenduidige antwoorden heb...

Dat iedereen een mening kan en mag hebben, is voor mij een bewijs dat we in vrijheid leven. Als we zeggen dat de maatschappij verhard, dan gaat dat – hoe onaangenaam we dat ook vinden – uiteindelijk over afgenomen tolerantie voor meningen van landgenoten. Over meningen waar we het niet mee eens zijn. Die afnemende tolerantie wordt veel genoemd, vaak verpakt in een als wetenschappelijk onderbouwd gepresenteerde constatering dat er polarisatie optreedt, dat bepaalde extreem rechtse of juist linkse overtuigingen onze opvattingen van wie wel en geen mening mogen hebben doen verschuiven. Iedereen heeft recht op een eigen mening, zolang die maar binnen onze democratische en maatschappelijke opvattingen valt. Eerlijk gezegd denk ik er niet anders over, maar ik besef dat het inconsequent en dus feitelijk vrijheidsbeperkend is. Voor mij is er ook alleen plaats voor redelijke rationeel onderbouwde meningen, die de democratische grondvesten van onze samenleving onderschrijven. Is dat eigenlijk wel vrijheid?

Om te beginnen, ik kan vinden en op het internet roepen dat ik voor emancipatie, of vrijheid van godsdienst, of emancipatie van LHBTIQ+ ben, maar als ik in een samenleving terecht ben gekomen waarin je daarmee kans loopt opgespoord en van je bed gelicht te worden, om vervolgens vreselijk mishandeld te worden, dan zal ik waarschijnlijk sterk risico-vermijdend worden. Dus ja, vrijheid van meningsuiting is zeker nog tot op behoorlijke hoogte werkzaam in ons land. Als we stellen dat het internet vol met onzin (fake news, opruiende complot theorieen), of bagger staat, en dat het steeds meer op een open riool gaat lijken, is dat een mening. Als we gaan stellen dat het internet van dergelijke berichten gezuiverd moet worden, gaat het op een vorm van “Gestapo” lijken, hoewel het natuurlijk heel begrijpelijk is, dat het ontzettend onaangenaam is als iedere bekende en zelfs onbekende persoon beticht kan worden van van alles en nog wat. Moderators van diverse social media platforms, trachten al jaren te zuiveren, maar op grond van welke democratisch gekozen principes? En welke grenzen gelden daarbij, geografische grenzen, of leeftijdsgrenzen, of ethische grenzen?

Democratieën bestaan nog altijd binnen geografische grenzen, dus zouden landen dan het web moeten mogen modereren? Landen die het internet voor hun inwoners "modereren" berichtten we (mi terecht) van onvrijheid, maar BigTech die dat niet (meer) doet (fake en haat content verwijderen) verwijten we ook van alles. Is het digitale domein niet juist een grote bedreiging van onze vrijheid?

En wat te denken van de exponentieel groeiend aantal teksten die door trollen en (andere) generatieve AI geproduceerd worden, en daarmee meningen versterken, doen kantelen, kortom, onze meningen beïnvloeden en daarmee in potentie onze vrijheid van meningsuiting onder druk zetten? Je kan zeggen dat de virtuele wereld niet de echte wereld is, maar met de digitale transformatie die in volle gang is, worden de grenzen steeds vager. Is alleen dat al niet een bedreiging van de democratieen?

Een ander punt is dat het de vraag is wat de waarde is van een mening, als die niet of misschien wel nooit gehoord wordt. Generatieve AI is altijd volledig direct compleet aanwezig met haar 'meningen'. Mensen vormen meningen, in een proces van wikken en wegen, en ze zijn ook bijna nooit definitief of in beton gegoten. Met onze ondemocratisch ontstane massale toevlucht op “onszelf” uitdrukken in met AI gegenereerde teksten, beelden en zelfs filmpjes, zetten we onszelf vast in meningen/uitingen/denken waar proces uit is gehaald. In beton gegoten, we kunnen het er grondig mee eens zijn, en uit meerdere onderzoeken blijkt dat we dat inderdaad zijn, sterker dan met ons eigen denkwerk, of beter, de vruchten van ons eigen denkwerk. Muziektheoreticus David Bennett beschrijft op zijn Youtubekanaal in een video “AI Music is here... what the f**k do we do now?” dat mensen in zijn onderzoek die met SUNO een muziek album hadden gegenereerd (dus niet musiceren, maar een druk op de knop) zo tevreden waren met “hun eigen” muziek, dat ze niets anders meer luisterden! Was het al moeilijk om gehoor te vinden voor originele denkers, met generatieve AI is het voor mensen die wel zelf tekenen, filmen, schilderen, schrijven, componeren, musiceren, of denken in ieder geval op de digitale media enorm ingewikkeld om niet compleet overschaduwd door kunstmatig gegenereerde output. 

Zou een democratische of ethische commissie hier moeten optreden? Stellen we wel voldoende de juiste vragen? Heeft AI een rechtspositie? Is ze aansprakelijk, bijvoorbeeld op plagiaat? Of op het koloniseren van de toch al beperkte speelruimte voor creatievelingen? Of mensen in het algemeen?

Samen met Victorine en mijn twee jongste dochters en schoondochter bezochten we gisteren een vrijheids festival. Wel genoemd werd in diverse speeches dat we verharden, dat er polarisatie is, en dat vrijheid niet vanzelf komt. Ook werd meerdere keren de soms negatieve rol van sociale media genoemd. Maar dan wordt snel onze vrijheid geroemd, al 81 jaar vrede. Ik krijg dan toch het gevoel dat in vrijheid over vrijheid praten (bijvoorbeeld de rol van AI in onze verdeeldheid, kolonisatie van de digitale publieke ruimte, hacken van onze aandacht met extreme content) niet in dit verband genoemd mag worden. Maar ook de genocide in het Midden Oosten mag lang niet overal zo maar genoemd worden. Nu vind ik dat je meningsuiting (pro Palestina zijn, of het veroordelen van de Israëlische agressie) niet gelijk moet stellen met daden zoals het bekladden van het vrijheidsbeeld op de Dam. Maar toch denk ik dat we moeten waken voor het niet opleggen van onze mening en die met hand en tand (24/7 surveillance) bewaken. 81 jaar vrede is prachtig! Daarnaast valt er veel te herwinnen, wat minder afhankelijkheid van technocratie zou wat mij betreft een veel meer bespreekbaar begin vormen!


Foto Deborah de Graaf tijdens ons bezoek aan het vrijheidsfestival te Zwolle op 5 mei 2026

dinsdag 21 april 2026

Scherven brengen … leven!

Stel je een zandloper voor, die wordt omgekeerd direct nadat die volledig is doorgelopen. Slow motion. De zandkorrels vallen omlaag, één voor één. Eerst landt de eerste korrel, daarop de tweede, dan de derde, misschien net ernaast. Langzaam ontstaat een bergje, dat dan zo smal en stijl wordt, dat het op een zeker moment inzakt. Kan je daarna dan nog van iedere korrel achterhalen welke eerder of later kwam? En wat als de zandloper zandkorrels met zeer uiteenlopende korrelgrootte doorlaat?

Hoe ontstaat gelaagdheid eigenlijk? Onze levensverhalen zijn eigenlijk prachtige voorbeelden van diversificatie in gelaagdheid; unieke levens zijn uitingen van unieke gelaagdheden. In de verhalen die we over onze levens vertellen, maken we onszelf allen aan elkaar gelijk, wellicht meer dan we beseffen. Als je naar je leven kijkt, en jouw levensverhaal daarnaast probeert te zetten, zijn dat eigenlijk veel meer dan het lijkt, twee totaal verschillende dingen. Een levensverhaal is vaak consistent, volgt een rationeel of op zijn minst causaal narratief, terwijl het leven zelf wellicht meer lijkt op een hele grote opeenstapeling van scherven, van achtergebleven residu dat onttrokken is aan talloze activiteiten of gebeurtenisjes waarin we continu meer of minder betrokken waren of zijn. Al deze opeengestapelde scherven zullen wel degelijk een soort tijd-ruimtelijke figuur vormen, maar het is van belang te beseffen dat veel van de aspecten van de opeengestapelde fragmenten of scherven niet met taal beschreven kunnen worden. De wel met taal te beschrijven aspecten, vormen een (kleine) deelverzameling van het geheel, dat bovendien ook nog onder invloed van krachten bijvoorbeeld om kan vallen, in kan storten, of weg kan rollen, waardoor tijd-ruimtelijk voor en na niet perse meer achterhaalbaar is.

Het verhaal dat we continu construeren (en dus bijstellen) over onze geschiedenis – wie we hoe, waar, wanneer en vooral ook waarom zijn geworden – is daardoor niet alleen een onvolledige beschrijving van wat er is gebeurt (wie we zijn), maar meer dan dat een misleidende voorstelling van zaken, die we vaak veel te gemakkelijk voor waar aannemen. In de verhalen worden we gelijkgemaakt, tekort gedaan en raakt de band met onze diepere betrekkingen met elkaar en de natuur gemakkelijk verloren. “Be true to yourself” is makkelijker gezegd dan gedaan. “The words stand in the way”.

Vanochtend ging ik met Miep naar de dierenarts, voor de jaarlijkse inentingen. De dierenarts en Miep kunnen het prima met elkaar vinden en tijdens de gezellige ontmoeting, nadat Miep kwispelend haar kamer binnenliep en haar begroette, vertelt zij dat ze veel interessante bijscholingen heeft gehad over werken met hightech apparatuur, maar dat wij als mensen ook best weinig begrip hebben voor hoe onze honden ons continu kunnen lezen. Ik herken dat, Miep ziet precies wie ze kent en niet, hoe ik of een andere bekenden zich/haar voelt. Daar heeft ze geen letters, of narratieve structuren voor nodig, ze leest continu de scherven, de veranderingen en daarbinnen weer de invarianten. Al pratend, kwispelend, en contact leggend, nemen we afscheid, de dierenarts heeft zonder dat wij er erg in hebben de injectie gegeven en Miep haar paspoort weer bijgewerkt, zodat wij veilig met Miep over een paar weken een weekje naar het buitenland kunnen. Op de terugweg vertel ik Miep dat ook wij – haar odd-kin (gezinsleden van een andere biologische soort, dat is zij van mij en ik van haar) – in een andere-zelfde tijd-ruimtelijke werkelijkheid leven, dat we niet elkaars verhalen in elkaars talen kunnen lezen, maar dat het de opeengestapelde scherven zijn die ons met elkaar verbindt. Ze geeft me een lik, en ik voeg snel toe, en natuurlijk, bovenal, de liefde. Scherven brengen leven, liefde doet leven!


Miep en ik, net na het schrijven van deze blog (foto: Dorinthe)

vrijdag 17 april 2026

Een analoge transformatie?

Arjan Middelkoop en ik waren uitgenodigd om een lezing te houden bij de Town Deal krachtige kernen, een initiatief van het ministerie van Binnenlandse zaken om met kleinere gemeenten, towns, te onderzoeken hoe deze samenlevingen weerbaar kunnen blijven in een steeds meer polariserend, verhardende technocratische en mondialere (globalere) samenleving. Vragen die spelen zijn of je bijvoorbeeld als (lokale) overheid steeds verder moet gaan met surveillance, in de fysieke en online wereld, bijvoorbeeld om bij online getriggerde ordeverstoring adequaat te kunnen optreden als relschoppers dreigen een demonstratie te kapen. Natuurlijk snapt iedere bestuurder dat het opzetten van hogere hekken, of het toepassen van meer surveillance onherroepelijk zal leiden tot een wedloop. Wat zit er achter het polariseren, het harder worden en agressiever worden van sommige mensen in de samenleving? Worden mensen wel harder en subversiever, of is het alleen de AI aandachtsmachine die ons gevangen zet met beelden die onze aandacht vasthouden? Laten we onszelf niet juist door de sociale media (inclusief zoekmachines al dan niet met genAI versterkt) gek maken, en gaan we niet juist daardoor extremer stemmen? Is er wellicht minder met ons aan de hand, dan de door bigtech bestuurde bubbelmachines ons doen geloven?

Ja en nee. Voor onze lezing zagen we cijfers van hoe de verkiezingen in Nederland steeds meer gewonnen worden door partijen die hardere en minder tolerante (inclusieve) waarden uitdragen. Of iedere stemmer echt zo weinig voor anderen over heeft valt te betwijfelen, maar men stemt om de beelden die ons in de tang hebben, en die komen voor een groot gedeelte wel degelijk uit de sociale media aandacht vasthoudende bubbelmachines, waardoor we wel neigen het extreme te gaan geloven. Dat is niet nieuw, altijd hebben we als mensen geloofd in hetgeen we het meest vrezen. Toen in het modernisme het beeld van een toornige God langzaam werd overgenomen door het geloof dat er niets is na het leven, begonnen we in het niets te geloven, om nu langzaam weer (post- of post-post modern) in iets (van perspectief) te gaan geloven (het universum). Peter Hammill bezong het zo mooi: “Nothingness or God, which of them seems more unlikely? … What is true is what we fear the most”.

Onze lezing begon met een prachtige inleiding door Willemien Vreugdenhil, waarin ze door de zaal liep als een ontdekkingsreiziger, "bewapend" met slechts een alt blokfluit. Ze vraagt ons mee te gaan, een aantal eeuwen terug. Ze waant zich bespied door de inheemse bevolking, onzichtbare ogen en waarschijnlijk speren zijn vanuit de struiken op haar gericht. Schijnbaar onverstoorbaar gaat ze aan de oever van de rivier zitten, en speelt op de fluit een prachtige melodie, in alle rust. De zaal gaat mee, je kunt een spelt horen vallen. Als ze klaar is, komen niet de mannen met speren als eerste te voorschijn, zo vertelt ze, maar de kinderen, nieuwschierig naar de fluit, die ze even mogen vastpakken en bewonderen. Het contact is gelegd, juist door kwetsbaarheid te tonen. 

Dit is een prachtig begin voor onze lezing. Om de ontdekkingsreiziger hadden ook hoge muren kunnen worden gezet, zodat ze beschermt was voor de speren en het (wederzijds) onbegrip. Echter, zodra er ergens een zwakke plek in de hekken (of surveillance technologieën, regels en regulaties) zou zitten, zouden de “tegenstanders” – want dat wordt je vanzelf als je wordt buitengesloten, door de beveiligingen heen breken, en is er slechts een kleine kans dat je de ontdekkingsreiziger, of het bevoegd gezag, of wie je dan ook met barricades probeert af te schermen, het er zonder kleerscheuren zou kunnen afbrengen.

Onze lezing ging over het brein, over AI en over hoe we de muren om elkaar steeds hoger optrekken, over hoe de wereld steeds kleiner wordt door onze toegenomen snelheid en acceleratie, maar hoe daardoor onze levens leger en betekenislozer dreigen te worden, en hoe we bestuurders verantwoordelijk houden voor verharding en wegnemen van perspectief en betekenis, maar hoe het feitelijk de echte machthebbers zijn, waar we steeds harder in geloven (technocraten, bigtech). 

In de trein terug hadden Arjan en ik het er over, dat we wel zaken kunnen beschrijven, en wellicht enigszins kunnen duiden, maar dat het antwoord uiteindelijk toch niet kan zijn steeds verder meelopen in een technologie/bewapeningswedloop. In plaats daarvan moeten we opnieuw leren verbinden/ontwapenen, kwetsbaar durven zijn, en accepteren dat we niet alles kunnen weten (ook niet met AI, wat in de wiskunde bewijsbaar is, bv met het Rice's theorem, en Halting problem). Accepteren dat we sterfelijk zijn. Ook acceptatie van onze prachtige natuur, inclusief onze menselijke natuur, waar we onderdeel van mogen zijn, niet continu bemiddeld door high tech. Het is, na vele jaren digitale transformatie, wellicht langzaam maar zeker tijd voor een ware analoge transformatie! Opnieuw verbinden met de natuur, met elkaar, en nu tijd voor vorming boven louter kennis, kunsten boven louter weten. Het was een mooie dag, met hele fijne mensen!

Photo by Charles Parker: https://www.pexels.com/photo/woman-playing-flute-in-concert-hall-6647675/

donderdag 9 april 2026

Vrede!

Vrede is voor mij geen stilstand. Vrede is, net als evenwicht, de resultante is van allerlei krachtvelden, waarvan sommige gelijkgericht en sommige zelfs tegengesteld aan elkaar kunnen zijn. Alle denkbare en nastrevenswaardige toestanden in onze wereld, zijn zonder inzet van krachten, of meer algemeen, processen, van zeer tijdelijke of voorbijgaande aard. Het is waardevol om te beseffen dat slechts op eigen kracht de vrede, liefde en balans die we samen in ons persoonlijk leven en onze directe omgeving bewerkstelligen, altijd inzet van ons allemaal vereist. Om in balans te komen en te blijven, zijn dan onder meer ook tegengestelde krachten nodig, we hoeven het niet overal met elkaar eens te zijn.

Feitelijk is dit zo voor de hand liggend, dat we hier zelden over nadenken. Toch is het van belang, dat we waarderen dat andere geluiden ook voor onze rust en vrede gehoord moeten worden. In een echokamer, waarin we alleen ons eigen geluid horen, worden we op den duur gek. Niet voor niets is ons denken over onszelf en de natuur waaruit we voortkomen, altijd via uitersten, dialectiek. We hebben zo het feminiene, ofwel het relationele (heterarchische, of verbindende) en verzorgende principe enerzijds. Daar tegenover staat het masculiene (hiërarchische) principe, dat gekoppeld is aan handelend vestigen. Samen bootstrappen ze een samenleving, van gezinsverbanden en vriendenkringen tot en met steden en hele samenlevingen. Het feminiene wordt vaak geassocieerd met de vrouw, en het masculiene met de man, maar feitelijk, zo leerden we in het boek van David Greaber en David Wengrow (The Dawn of Everything) is er vanaf het ontstaan van de mens al bij de jagers verzamelaars geen stricte scheiding (ongeveer ¾ van de mannen en ¼ van de vrouwen doet de jacht en verdediging, en voor het verzorgen en opvoeden ligt het ongeveer andersom). overigens heeft ieder mens beide principes in zich (Yang en Yin), maar bij iemand met een meer mannelijke gender identiteit overheerst meestal het masculiene en bij iemand met een meer vrouwelijke gender identiteit daarentegen het vrouwelijke.

In alle zaken die we als mens doen, kan je een handelend vestigend en een verzorgende component onderscheiden, koken om de gemeenschap te voeden en met elkaar de band te bevestigen (feminien) versus koken om je naam te vestigen als chef kok (masculien). In een complexe organisatie is, ook best vanzelfsprekend, veel verbindingskracht (relationele energie) nodig, je moet op veel niveaus tegelijk kunnen acteren, en het intuïtief aanvoelen hoe collega medewerkers er voor staan, kan enorm behulpzaam zijn. Kortom, het feminiene (waaronder het typisch Nederlandse polderen) heeft vrij makkelijk in moderne complexe samenlevingen een voordeel. Met meer geweld jezelf handelend vestigen kan misschien als je in de boardroom zit, of toch minstens gerechtvaardigd ben om de baas te mogen spelen, maar anders zul je al gauw weggezet worden als botte boer (inderdaad, ondanks dat het boeren – net als het koken, pottenbakken etc. een feminiene uitvinding is, zoals we uit eerder genoemd boek konden leren – verwijst naar de boer (masculien).

Veel zaken die de wereld hebben veranderd, zijn feminiene uitvindingen (denk naast het eerdergenoemde pottenbakken en voedselbereiding via koken aan computertaal, Ada Lovelace, kernsplitsing, Lise Meitner), maar het zijn toch vaak uitgesproken masculiene mensen (meestal mannen) die het tot hun persoonlijke zegetocht inzetten. Waarom lijkt het erop dat het feminiene momenteel weer sterk wordt overschreeuwt door de klassieke masculiene brulapen? Trump, Netanyahu, Orban, Putin, overal schreeuwen de masculiene alpha mannen en af en toe vrouw harder dan ooit tevoren. Ze hebben natuurlijk ook via de massamedia een grotere reikwijdte dan ooit te voren. 

En overigens is het feminiene in generatieve AI ook breder gemachineerd vertegenwoordigt dan ooit te voren. AI verbindt mensen, plaatst mensen in groepen, op grond van belangstelling, of benodigdheden, heterarchisch, en natuurlijk ook manipulatief. Want zoals het masculiene tot geweld en zelfs kwaadaardige vernietiging kan leiden, zo kan het feminiene leiden tot manipulatie, subtiele gedragsbeïnvloeding, mensen tegen elkaar opzetten. Nu we onze eigen krachten letterlijk en figuurlijk buiten onszelf zijn gaan plaatsen, in machines, in technologie, en nu die technologie een kracht (macht) op zichzelf is geworden (technocratie), beinvloedt ze de balans in onze mensenwereld.

Photo by Jean-Paul Wettstein: https://www.pexels.com/photo/artistic-sculpture-in-swiss-forest-setting-35184517/

Dit brengt zaken als manosfeer, polarisatie, extremisme met zich mee. Haat tegenover woke, of juist diepe neerbuigendheid naar conservatisme, mannen tegenover vrouwen, buitenlanders tegenover “eigenlanders”. Dan is het toch goed te bedenken dat vrede niet gelijk is aan stilstand, dat ze krachten verenigt, voors en tegens. Alleen zo ontstaat evenwicht.

donderdag 2 april 2026

Genie?

De Tegenlicht uitzending van deze week ging over de mythe genie. Hoewel ik het een goede uitzending vind, trof vooral de enorme weerstand van de kijkers me, die een reactie hebben achtergelaten. Veel reacties stellen dat de geïnterviewde journaliste en schrijfster Helen Lewis1 niet goed begrijpt wat een genie is. De voorbeelden die zij geeft van hedendaagse genieën (Trump, Musk, Zuckerberg en van Gogh) worden afgewezen. Lewis vertelt in de documentaire dat iedere persoon die het label krijgt aangemeten, altijd tot een narratief met daarin een mythe wordt getransformeerd. Veel aspecten van de werkelijke persoon worden hierin weggelaten of in de mythe geperst. Het narratief genie krijgt vorm door herhaaldelijk te worden verteld en bijgeschaafd, totdat het (vaak nadat de persoon al lang is overleden) een redelijk definitieve vorm aanneemt. Dan komen de standbeelden. En ja, helaas vormen geslacht en huidskleur belangrijke componenten in de narratieve structuur van de mythe...

Veel reacties ontkennen Trump, Musk en Zuckerberg als genie. Impliciet blijkt uit de reacties dat bij genie gedacht wordt aan extreem intelligent, Einstein, Newton, of wellicht extreem vernieuwend (want van Gogh, de vierde persoon die Helen Lewis aanhaalt) wordt niet betwijfeld. Interessant vind ik dat mensen moeite hebben met zich buiten hun eigen plaats te plaatsen. Als je er geen moeite mee hebt om van Gogh als negentiende eeuws genie te zien, terwijl hij in zijn eigen tijd nagenoeg geen enkel schilderij verkocht en beslist door praktisch niemand als een genie werd gezien (in tegenstelling tot mensen als Beethoven, Darwin en Faraday), dan lijkt me dat juist bewijs voor Helen Lewis haar stelling dat genie een narratief betreft dat een mythe beschrijft. En zoals schrijfster Elif Shafak zo mooi schrijft “mythen bestaan om ons te vertellen wat de geschiedenis is vergeten2”. Over een eeuw zullen de mensen terugkijken, naar een man die continu de waarheid naar zijn hand zette, in een wereld die zichzelf volkomen rationeel vond en formele logica en daaruit afgeleide technische systemen haast letterlijk aanbad. Deze man wist zich van zakenman op te werken tot president van het machtigste land van de wereld, en kon oorlogen beginnen omdat hij daar zin in had. Ja, hij kwam dom over, wellicht, en had een merkwaardige (afwijkende) uitspraak van het Engels (Amerikaans) als het moeilijke woorden betrof. Maar, geloof me, dat maakt hem over een paar honderd jaar alleen maar groter.

De reacties onder de uitzending over Elon Musk - mensen beschrijven hem als dom, maar vooral goed in mensen voor zich in te zetten, en dus zeker geen genie - zullen over een paar honderd jaar perfect passen in één aspect van de mythe: een genie wordt in zijn eigen tijd vaak niet begrepen! Want waar Trump een oorlog kon beginnen waar en wanneer hij maar wil, kon Musk met alle satellieten die hij als particulier in een baan om de aarde kon schieten bepalen wie in die oorlogen wel of geen informatie kreeg. Een autistisch jongen uit Zuid Africa die zo veel geld en macht wist te verwerven, dat hij de wereldgeschiedenis mee bepaalde, daar zal over een paar eeuwen meer over te zeggen zijn dan een idiote profiteur. En laat ik duidelijk zijn, mensen als Musk en Trump zijn mi zeer kwalijk, en al is wellicht Zuckerberg als persoon minder kwaadaardig, alleen al de enorme macht over sociale media (en daarmee over media, mensen en het humane) die hij door de exorbitante rijkdom die hij met Meta verwierf, is ook hij fout. Maar daar gaat het bij mensen waar we standbeelden voor onthullen niet om. Of de uitvinding van electriciteit, of de stoommachine, of kernenergie uiteindelijk meer goed of slecht heeft gebracht, en dus wellicht beter nooit had kunnen plaatsvinden, daar gaat een standbeeld nooit rechtstreeks over.

Wel zijn de helden vanuit de tijd van de kolonisatie ondertussen veel van hun glans kwijtgeraakt, omdat we het onderwerpen van een tweede of nog meer “achterlijke” wereld niet meer zo charmant vinden. We zien dan ook dat er standbeelden van strijders van weleer die nu vooral als vechtersbazen en racisten worden gezien onttakeld worden. Maar dan nog blijft hun strategische genialiteit in zicht, want ze zijn in de narratieven tot mythologische proporties verheven geraakt.

Maar dan, over een paar eeuwen, hoop ik dat als we toch gaan de geschiedenis (mi ten onrechte) te zien als bepaald door grote personen, we in ieder geval ook de vrouwen zien. Lies Meitner vond de kernsplitsing uit, en tegenover die eerdergenoemde autistische jongen die een hoop kwaad voor de wereld deed, staat die autistische meid, Greta Thunberg, die als kind vrijwel alleen klimaat, milieu en diversiteit op de kaart wist te zetten.





1Helen Lewis schreef The Genius Myth, daarover wordt ze in deze Tegenlicht uitzending geinterviewd

2Elif Shalak in Het eiland van de verdwenen bomen.

maandag 30 maart 2026

Overspoeld door het kunstmatige: hoe gek moet het worden?

Angst voor de Islam? Of voor het Christendom? Het geloof dat mi echt levensgevaarlijk is, is het geloof Vooruitgang = technologie! Gister las ik op de NOS app dat een Amerikaanse startup mega-spiegels in een baan om de aarde wil brengen, zodat bedrijven ook in de nacht zonuren kunnen kopen (de spiegels worden dan via algoritmes gericht op de exacte plaats. Gevolgen voor de ecologie (dieren die het van de duisternis moeten hebben, bijvoorbeeld) en wat nog meer licht vervuiling met ons doet, worden voor het gemak buiten beschouwing gelaten. Alsof de mensheid, of beter nog, de natuur niets te zeggen heeft, zolang het maar onder innovatieve technologie kan worden gerekend. Ik geef toe, ik heb ook een geloof, in de ratio, en dat is absoluut ook zeer beperkt. Maar dit technologie geloof is ronduit krankzinnig!

Enerzijds zijn we als mensheid de afgelopen decennia langzaam maar zeker tot het inzicht gekomen dat we met alle geautomatiseerd geproduceerde producten zowel de planetaire bronnen zijn gaan uitputten, als dat dit tot beïnvloeding en vervuiling is gaan leiden op een steeds meer omvattende schaal. Anderszijds maken we ons nu op voor een verdringing van het humaan geproduceerde door het kunstmatige op zo'n beetje alle terreinen waarop mensen tot voor kort het nog voor het zeggen hadden: kunst (beelden, films etc.), muziek, taal (artikelen, literatuur etc.). Task forces voor AI adoptie worden uit de grond gestampt, vaak op initiatief van overheden. Als Nederland (of breder, Europa) nu niet meedoet, worden we door de VS en China volledig overspoeld, zo waarschuwen de initiatiefnemers, vaak zelf medewerkers van Techbedrijven. En het publiek is al lang aan bijvoorbeeld ChatGPT vertrouwd geraakt, het is voor velen van ons al lang geen “nice to have” meer, maar een noodzakelijkheid om aan alle mede door werkgevers en publieke verwachtingen opgeschroefde productie eisen te voldoen. Zo meteen zal de AI op de computer ook agenda beheer, (financiele) administratie en vrije tijd zoals het boeken van vakantieadressen en reizen van ons overnemen. Dan kunnen wij ons tenminste 24/7 bezighouden met waar we goed in zijn.

Wat is dat eigenlijk? Waar zijn we eigenlijk nog voor nodig? Planetaire bronnen kunnen heel efficient in een sterk verhoogde productie door AI worden uitgebuit, en daartoe is nog veel meer energie nodig, dus het komt ook zonder ons wel goed met het toevoegen van broeikasgassen, fijnstoffen, kernafval etc.

Beschamend! Uit de wetenschappelijke wereld komt een steeds duidelijker geluid dat er een moratorium nodig is. Agentic AI (wat ik in mijn blog tot nu toe altijd generatieve AI heb genoemd) heeft nu al aantoonbaar op heel veel vlakken enorme downsides. Wat het kan is evenzeer duidelijk, het kan wat wij mensen kunnen, maar dan onbezield, 24/7, enorm veel sneller dan wij en buitengewoon efficient. Dat juist de downsides van ons menselijk kunnen hiermee bijna oneindig versterkt worden, daar hoor je weinig mensen over. De wetenschappelijke kritiek gaat hier ook niet over. Toch is ze ernstig genoeg. 

Laat ik er één kritiek uitnemen: agentic AI draagt bij aan het afbreken van instituties, die feitelijk het fundament vormen van menselijke samenlevingen (Hartzog & Silbey, 2025). Instituties zoals hoger onderwijs, gezondheidszorg, het rechtsysteem, de journalistiek hebben een intrinsieke bedoeling, en ze structureren daarmee de gedragingen van mensen binnen deze velden van bedoelingen. Anders dan organisatie, kunnen instituties niet denken, maar zijn ze een soort mores, een vanuit de samenlevingen emergerende moraal, of gedeelde bedoeling (bezieling). Ze genereren dus (1) bedoeling, (2) expertise en (3) manieren om via expertise de bedoeling ten uitvoer te brengen en te kunnen evalueren. In het hoger onderwijs kan je bij (3) bijvoorbeeld denken aan de academische vrijheid, of objectieve verslaglegging in de journalistiek. Organisaties zijn vaak gebouwd op het fundament van de instituties, bijvoorbeeld op de gezondheidszorg is als organisatie een specifiek ziekenhuis, of verpleeghuis gebouwd. Hier kan van alles georganiseerd worden, maar vanuit de bedoeling geredeneerd (vanuit de institutie) kan snel worden beslist dat bepaalde praktijken goed, of juist slecht zijn (denk aan een gynaecoloog die eigen sperma gebruikt voor IVF behandelingen).

In hun artikel beargumenteren Hartzog en Silbey dat agentic AI vereist dat persoonlijke gegevens en expressies worden geplunderd, waarin mentale en fysieke humane arbeid wordt verdrongen. Hierbij, zo stellen ze, maakt het gebruik van haar schaalvoordelen om lokale normen te omzeilen, mensen te laten wennen aan hun nieuwe kwetsbaarheid en verminderde macht, en zo worden overleg en democratische processen ondermijnd. Door bestaande patronen te reproduceren en vooroordelen te versterken, wordt ons informatie-ecosysteem vervuild en worden kwetsbare gemeenschappen gemarginaliseerd. Ook noemen ze de enorme behoefte aan rekenkracht, waarmee grote schade aan het milieu wordt aangericht. Hartzog en Silbey stellen dat de schijnbaar bewuste, stellende en zelfverzekerde stijl normatieve oordelen verbergt achter wat zij noemen een "tovenaar-van-Oz-gordijn", dat gemanipuleerde berekeningen maskeert, terwijl de menselijke ervaring steeds verder wordt gereduceerd tot wat kan worden gekwantificeerd of uitgedrukt in een functiebeschrijving. Deze prestatiegerichte bruikbaarheid moedigt werkgevers aan om AI-systemen in het dagelijkse werk te integreren, wat leidt tot bewakingstechnologieën en het micromanagement van workflows die ontevredenheid en vervreemding op de werkplek veroorzaken. Nu al wedijveren AI-bedrijven zoals OpenAI volgens beide wetenschappers om gewone mensen te overtuigen van het voordeel van dagelijks gebruik van generatieve AI-systemen.

Hun conclusie is kort en krachtig: agentic AI is de gif pil voor instituties die het fundament van onze samenlevingen vormen. Gelukkig zie ik de weerstand tegen het blinde geloof in technologie staat gelijk aan vooruitgang op veel plekken toenemen, ook uitgedragen door hele grote namen, zoals senator Bernie Sanders. Wellicht is het niet te laat...




Hartzog, W., & Silbey, J. M. (2025). How AI Destroys Institutions. SSRN, (2025), 4- 40.

vrijdag 20 maart 2026

Freud, genetisch manipuleren met AI, overlijden van Habermas....

Gisteravond zag ik op NPO start een documentaire over Sigmund Freud (“de Joodse wereld: Freud, de buitenstaander”). Wat betreft het levensverhaal sloot alles aan op wat ik nog wist uit de Netflix serie Freud, waar ik mijn blog op 3 april 2020 aan wijdde. Wat me nu zo fascineerde was de gedachte van Freud dat de mens (net als andere dieren) niet gemaakt is voor geluk, geluk is een menselijke uitvinding, en het nastreven ervan eigenlijk een bron van heel veel ongeluk. Dit op zich is niet een rare gedachte, Aristoteles formuleerde die een paar duizend jaar eerder ook al. Echter, met de gedachte dat geluk geen natuurlijke categorie maar een menselijke uitvinding betreft, waarbij juist het nastreven daarvan steevast het omgekeerde bewerkstelligt, keek ik naar de Tegenlicht documentaire van woensdag 18 maart. 

Een beter voorbeeld voor de stelling kon ik niet krijgen! Deze aflevering gaat over BigTech (onder meer Peter Thiel en Sam Altman van OpenAI, dank voor uw ChatGPT gebruik) die zich met miljarden richt op het manipuleren van DNA bij IVF door inzet van AI om zo gezondere en slimmere mensen te genereren, waardoor de mensheid een betere toekomst op de planeet zal hebben. Ondanks dat ik geen moment twijfel aan de ongetwijfeld uitzonderlijk hoge IQ's van mensen als Altman, Thiel, Zuckerberg en Musk, laten dit soort inspanningen zien dat intelligentie en wijsheid zeker niet altijd hetzelfde zijn. Sterker nog, als intelligentie zo wordt ingezet om zoveel mogelijk science fiction-achtige (1984/Brave New World achtige post humanistische) scenario's in machtige technologieën en dito verdienmodellen om te zetten, komen intelligentie en wijsheid haaks (orthogonaal) op elkaar te staan. Ze hebben dan niets meer met elkaar te maken, en dat is mijns inziens dan ook de enige verklaring voor het gegeven dat een intelligent genie als Musk met een absolute imbeciel als Trump hand in hand de VS en daarmee grote delen van de rest van de wereld de afgrond in jagen. Ze zitten letterlijk op één lijn, de dimensie van wijsheid blijft ongemoeid.

De uitweg is natuurlijk de toestand waarin rationaliteit volledig gericht is op zoveel mogelijk geld en macht verwerven – het kapitalisme, of sterker, neo-feodalisme – af te buigen in de richting van wijsheid, dus dat beide dimensies niet meer loodrecht op elkaar staan, maar als een soort schaar meer parallel aan elkaar lopen. Freud en al die denkers voor hem mogen we geloven, dat het nastreven van maximale efficiëntie ons steeds verder in de problemen zal brengen. Zolang hetgene wat we zo efficient mogelijk willen doen uitputting van de planetaire bronnen betreft, zullen we een steeds grotere planetaire voetafdruk krijgen en dus het voortbestaan van hen die na ons komen op het spel zetten. 

Het idee van genetisch manipuleren zit wereldwijd al lange tijd in een medisch-ethisch moratorium, omdat aanvankelijk gedacht werd dat een klein stukje van het genome codeert voor een eigenschap, zoals de kleur van het oog, of de vorm van de nagels, of meer algemeen, een grote kans op het krijgen van een bepaald type depressie of hoog (of juist laag) IQ. Echter, het blijkt dat ook op hoger niveau van het DNA een belangrijke rol kunnen gaan spelen, zoals de proteïnen in de cellen, de cellen en zelfs hele organen, en zelfs gebeurtenissen in de omgeving van het hele organisme en diens leerervaringen. Dus theoretisch zou het mogelijk zijn dat in een bepaald klimaat met bepaalde daar gebruikelijke voeding tijdens een bepaalde fase van de ontwikkeling iemand gegeven een bepaald stukje DNA sequence (genome) een bepaalde vorm van de nagel ontwikkeld, maar dat in volstrekt andere omstandigheden dit zelfde stukje genome “codeert” voor iets volstrekt anders (bijvoorbeeld tumor ontwikkeling, of een mentale kracht). Inzichten in deze niet-lineaire complexiteit heeft geleid tot een heel nieuw wetenschappelijk vakgebied, de epigenetica, de studie van hoe hogere orde eigenschappen het DNA beinvloeden ipv andersom.

Het simpelweg geloven in 'a gene for a trait' is, met andere woorden, een wetenschappelijk verlaten visie, en juist omdat een gen in een bepaalde omgeving (constellatie van andere genen, maar ook proteïnes, andere cellen tot en met andere leefgewoonten). Echter, BigTech, zo werd in de eerdergenoemde Tegenlicht uitzending duidelijk, trekt zich van het medische genetica moratorium (wel experimenteren nabij de grenzen van kennen aan muizen, maar niet aan mensen) niets aan, men schroomt niet om met menselijke stamcellen (en daarna bevruchte eicellen en wellicht zelfs embryo's) aan de slag te gaan. Brave new world. Afgelopen weekend overleed filosoof Jurgen Habermas op hoge leeftijd. Hij stelde onder meer dat de systeemwereld (waarin technologie volgens hem een cruciale rol speelt) de leefwereld van mensen steeds meer is gaan koloniseren. 


Photo by Tara Winstead: https://www.pexels.com/photo/plastic-test-tubes-in-a-rack-7722525/

Wetenschapsfilosoof Herbert Marcuse gaf invulling aan die systeem-wereld, door te stellen dat die één dimensionaal is (denk aan de orthogonale positie van wijsheid en intelligentie). Marcuse stelt dat massa media en de consumenten cultuur de mens zijn gaan hacken in hun leefwereld tot een één-dimensionaal figuur, waarbij niet alleen wijsheid, maar ook kritisch denken en dissidentie worden onderdrukt. Laten we alsjeblieft wijzer zijn dan dit, en opkomen voor onze menselijke waardigheid en betekenis, met al onze beperkingen op de koop toe. De mensheid zit wat mij betreft niet te wachten om nog verder gekoloniseerd te worden door de Altmannen, Musks en andere ratten van BigTech, of de randdebielen a la Trump. 

Nog even terugkomen op de documentaire over Freud, indrukwekkend vond ik dat Freud er van uit ging dat geen mens zonder innerlijke conflicten kan zijn, we hebben onrust en zelfs frustraties nodig om alert te blijven en te kunnen leven. Zijn therapie was dan ook niet gericht op het volkomen in rust te komen. Maar je kunt wel evenwicht nastreven, en in de documentaire werd duidelijk dat Freud zelf een complexe man was, maar door al zijn naasten bijzonder werd gewaardeerd omdat hij ook betrokken en gewoon aardig was. Niet meer, niet minder, gewoon mens, met alle bijzonderheden en tekortkomingen.

Wind onder de vleugels... Op een inspirerende vakantie!

Op de valreep voor de vakantietijd, voel ik me altijd weer wat ontheemd. Enerzijds is het heerlijk om uit de routines te stappen, en samen m...