vrijdag 16 januari 2026

Weerbaarheid in de spiegel van complexiteit

Het systematiseren van verschillen tussen mensen in 'patronen' (typen, beelden) met betrekking tot hun aanpassingmogelijkheden aan de (inmiddels complexe) systeemwereld, kent een lange geschiedenis. Eenvoudige binaire “systematieken” zoals dom versus slim, of gek versus aangepast, goed versus slecht, doener versus denker en hard versus zacht zijn er vermoedelijk al duizenden jaren. Met de opkomst van de psychologie (en moderne psychiatrie) kreeg ook de psychopathologie een nieuw elan, en werden deze binaire systemen verruild voor meer complexe leren, met vermeende (covert of overt werkende) mechanismen. De DSM systematiek is een op consensus gebaseerde methode van telbare en waarneembare gedragingen die als daar kenmerkende (afwijkende) patronen inzitten laden op een verondersteld ziektebeeld. Als je over resilience (weerbaarheid) spreekt, dan gaat het vaak over weerbaarheid van individuen die tot algemene of bijzondere (zoals DSM gecategoriseerde) groepen behoren.

Met de kanarie-in-de-kolenmijn metafoor betoogde ik in mijn vorige blog dat aanpassen altijd betekent weerbaar zijn of worden aan/in een specifieke context, dus aan een (deel van de) complexe systeemwereld. Hoe complexer een systeem is, des te gevoeliger het is voor ontregelingen. Simpel gezegd, hoe meer knopjes je in de auto hebt zitten, hoe meer er stuk kan en op termijn on herroepelijk zal gaan. Het beroemde essay I-Pencil van Leonard E. Read uit 1958 waarin hij betoogt dat er duizenden mensen nodig zijn om zelfs iets zo eenvoudig als een potlood te maken (cedar, lak, grafiet, afsluit-ring, olie, puimsteen, was, lijm, en daarbij natuurlijk de benodigde gereedschappen/machines), laat zien dat er een hele mensheid nodig is om de complexe systemen te “maken” (en in de lucht te houden) waar we door omringt zijn. Er komen steeds meer complexe apparaten, die ook nog eens allemaal met elkaar verbonden zijn, via bijvoorbeeld een distributienetwerk, een stroomnet, of een internet. Bovendien worden de complexe apparaten steeds complexer. Neem bijvoorbeeld een relatief eenvoudig apparaat zoals een stofzuiger. In een moderne stofzuiger zitten tegenwoordig enorm veel meer onderdelen (van tandwielen tot chips) en een veel breder assortiment aan materialen (van diverse soorten kunststof tot zeldzame metalen) dan in een stofzuiger van zo'n 50 jaar geleden. Een moderne auto bevat tientallen High Tech computers, gebaseerd op zeer complexe chips, die met onwaarschijnlijke precisie met een enorm geavanceerde laser machines gemaakt worden. In een auto van 50 jaar geleden zat geen enkele computer.

Technologische complexiteit – bijvoorbeeld complexe (high tech) apparatuur die ons helpen te navigeren door onze complexe agenda's – noodzaakt gebruikers voortdurend tot nauwgezette afstemming op zowel mogelijkheden als restricties. Om een auto op de weg te houden, bijvoorbeeld, moeten wij denken in termen van auto snelheden, wielen en wegen. Als mens zouden we nooit sneller lopen dan tussen 5 en 10 km per uur, of rennen tussen 7 en 25 km per uur. Wel kunnen we, anders dan in een auto, makkelijk afwijken van platgetreden paden, ergens overheen klimmen of over een slootje springen. Met andere woorden, om te leven in een complexe systeemwereld, moeten we soms onze eigen menselijke (dierlijke) mogelijkheden opschorten of aan de kant zetten om mee te kunnen liften in de nieuwe mogelijkheden die ons bestaan als een soort van “cyborgs” biedt. Snelheid in het overbruggen van grote afstanden in de auto. We noemen dat opschorten van onze menselijkheid in de volksmond vaak “meekomen met de vooruitgang”, zoals bijvoorbeeld “digitaal geletterd” worden of blijven. Wat heeft dit allemaal nu met individuele weerbaarheid te maken?

Weerbaarheid is een functie van de wereld waarin we leven. Dyslexie bestaat niet in een wereld waarin niemand kan lezen en schrijven (denk aan Europa een paar duizend jaar geleden, of Amerika een paar honderd jaar geleden). Gedeeltelijk analfabetisme in onze tijd, bijvoorbeeld door ernstige dyslexie, kan wel degelijk de individuele weerbaarheid beinvloeden! En dan zal dat in veel gevallen negatief zijn, een kleine groep zal een work-around vinden waardoor het netto resultaat van de dyslectie in de geletterde wereld neutraal zal zijn, en, tenslotte, zal er een kleine groep zijn die zo'n perfecte work-around vind, dat de weerbaarheid juist vergroot wordt.

In een wereld waarin op zo'n grote schaal zo'n complexe organisatie is ontstaan – eerder genoemde Leaonard Read wees er al op dat al die mensen die nodig zijn voor 1 potlood door een “onzichtbare hand” worden bestuurd en dus niet georganiseerd zijn – zijn tal van persoonlijke eigenschappen die wisselend met de snelle veranderingen op complex/technologisch niveau voor betere en slechtere aanpassing leiden. Weerbaarheid is daarmee ook een functie van de psychische opmaak, vandaar dat we begonnen met psycho “pathologieën".

Foto genomen in de UK door mijn vader, Rens L. de Graaf

woensdag 14 januari 2026

Het kanarie in de kolenmijn-syndroom

Heeft iedere kanarie het “kanarie in de kolenmijn-syndroom”, of alleen de kanarie die door mensen in een kooitje in een kolenmijn is geplaatst? En hoe zit het met de befaamde stoornis “door-wintersweer-niet-op-het-werk-kunnen-komen”? Komt die alleen voor bij hen die aangewezen zijn op het openbaar vervoer? Of is deze stoornis ook latent aanwezig bij mensen die zo dicht bij hun huidige werk wonen, dat ze er desnoods kruipend heenkunnen? Bestaat dyslexie ook in een samenleving waarin analfabetisme de norm is, en hooguit een enkeling nog heeft leren lezen en schrijven?

Vorige week maakten we prachtig winterweer mee. Talloze mensen gingen heerlijk sleeën, schaatsen, of sneeuwpoppen en ijssculpturen maken. Of ze legden de pret vast in woorden, afbeeldingen, foto's en filmpjes. Winterpret alom. Weerbaarheid in bedrijf, genietende mensen pasten zich op individuele schaal aan het winterweer aan.

Dit is de sneeuwpop die wij maakten in onze tuin, gefotografeerd door Victorine


Echter, er was ook stress en paniek. Hoe moet dit nu? Winkels werden leeggekocht, toiletpapier bleek opnieuw de detailhandel variant van de kanarie in de kolenmijn. Op het nieuws werd vooral gesproken van ontregelingen, overlast, en schade. Ondanks de winterpret, ondanks een (tijdelijk) volstrekt andere ecologische context, vonden we in grote getale dat onze 24/7 systeem onverstoord moest blijven draaien. We kropen ook vrijwel meteen in de loopgraven om alles en iedereen die in de weg stond te bestoken met onze verwijten/frustraties dat alles anders was. 

De verwijten hingen onder meer af van onze afstand tot het werk. Was die kort, verweten we collega's of medestudenten dat ze niet (op tijd) aanwezig waren. Was die lang, dan gaven hen we de NS, of de strooi diensten de schuld. Het lag natuurlijk nooit aan onszelf...

Weerbaarheid en afhankelijkheid van systematische complexiteit hangen samen, maar hoe? Maakt het hele huis verwarmen je minder (of juist meer) weerbaar? Maakt een 24/7 economie ons meer/minder weerbaar? Is gemak een tegenpool (of synoniem) van weerbaarheid? Maakt een systeem dat alles voor ons regelt (fikst), onze weerbaarheid kleiner? Eén ding hadden we allemaal gemeen, het lag altijd aan iets buiten onze schuld!

Het equivalent van het kolenmijn-syndroom van de kanarie voor de mens is het "het-ligt-altijd-aan-iets-buiten-mezelf-syndroom”? Als de (mondiale) systemen ontregelt raken, bijvoorbeeld door de ecologie, dan staan we open voor suggesties van populisten om mee te huilen met een pakkend refrein over wiens schuld dit is. Het ligt nooit aan onszelf. Drugsverslaving van jongeren in de VS ligt natuurlijk aan zwakke linkse regimes in zuid Amerika. Sociale media verslaving? Afhankelijk van waar je woont: Chinese TikTok, of juist Amerikaanse BigTech. Klimaatcrisis? Ontkennen, en de schuld geven aan de “intellectuelen”, die spoken zien! Of erkennen, en de schuld geven aan [vul hier in waar je het meest last van hebt: generatieve AI, vliegverkeer, automobiliteit, industrie in het algemeen, of, wacht, de houtkachel van de buren]. Natuurlijk ligt het nooit aan onszelf, want hey, iedere gek heeft recht op diens gebrek. En de mijne heeft immers ieder mens: het het-ligt-altijd-aan-iets-buiten-mezelf-syndroom.

Het winterweer was een tijdelijke ecologische ontregeling. Het feit (dat natuurlijk ontkent kan worden) dat we als wereldbevolking jaarlijks meer ecologische bronnen gebruiken dan de planeet kan genereren, waardoor ons bestaan vervuiling, vernietiging en uitputting ten koste van de ecologie (klimaat, biodiversiteit) oplevert, is helaas minder tijdelijk. En zelfs een korte onregeling door winterweer, zet de kwaliteit van grondwater door massaal strooien met zout verder onder druk. Ook asfalt gaat door dat strooien versneld kapot, waardoor onze behoefte aan mensgemaakte materie nog weer verder toeneemt. Wat we hier zien is een groot en breed gebrek aan … resilience, aan weerbaarheid, aan aanpassingsvermogen aan (tijdelijk) veranderde omstandigheden. En met alle systemen die we te pas en te onpas om ons heen onder het motto “vooruitgang”, of innovatie steeds omvattender produceren, raken we steeds verder van het pad. En natuurlijk ligt dat altijd aan een of iets anders.

Hoe verhogen we onze eigen weerbaarheid, zodat niet altijd de ecologie, of iemand anders iets moet opgeven voor mijn gemak? Doen we dat door musculiene oorlogzuchtige populisten onze stem te geven? Of door te gooien met pathologische termen om het onbegrepene binnen ons (illusoire) begrip te brengen? Door onze kinderen ook een autistische barbie te geven, om te leren om te gaan met dat kind dat anders op de sociale mores reageert, of misschien anders loopt, spreekt, of andere mimiek heeft? Doen we dat door kanaries meer algemeen te maken in de kolenmijn, en beter op ze te letten. Wiens weerbaarheid vergroot dat eigenlijk, die van de mijnwerker, of van de kanarie? Of zouden we misschien de mijnen moeten sluiten, en de ecologie moeten leren volgen, in plaats van door te denderen in de illusie dat we haar onze wil op kunnen opleggen. Is vooruitgang misschien eigenlijk niet helemaal hetzelfde als voortgang?

donderdag 18 december 2025

Wonderen en engelen!

Ieder mens is een wonder! We staan er weinig bij stil, hoe wij in dat gigantische miraculeuse universum voortkomen uit leven, dat ooit is ontstaan onder zeer speciale omstandigheden, onder een uniek “gesternte”. Ieder van ons draagt dat leven een klein stukje verder. Zoals de fakkeldragers het olympisch vuur brandend houden, dragen wij allen bij aan een wonder dat we nog niet eens zijn begonnen te begrijpen! Maar in ons hart voelen we het, zijn we  dwars door tijd en ruimte verbonden (één) met alles dat leeft, ooit heeft geleefd, of ooit zal gaan leven. Met het leven zelf dus, wij zijn leven! Leven is wonder!

Met het oog op de kerst, in aanvulling op onze jaarlijkse familie kerstsong (dit jaar Let's agree to disagree), hier de song Modern Angels. Victorine en ik namen deze vorige week op met onze inmiddels al 17 jarige dochter Dorinthe (artiestennaam Diva Dory). Dorinthe is ons enige nog thuiswonende kind (ze doet de acteuropleiding). Victorine en ik schreven het liedje voor een kerstuitvoering in 2003. Het gaat over de engelen en wonderen, die ons bestaan omlijsten. In dit wonderlijke bestaan in dat oneindige universum, zijn overal engelen. Zij zijn het licht. Je vindt ze in de verhalen van vroeger, in de geest van kunstwerken, in berichten en andere  nalatenschappen van vroeger, in de verwachtingen die we koesteren van toekomsten, maar vooral, in elkaar. In leven, in onze verbondenheid met de natuur en met elkaar. Ik voel me een rijk mens, temidden van mijn vrouw, kinderen, schoonkinderen, familie en vrienden, temidden van al mijn moderne engelen! Ik wens iedereen een fijne kerst en een gelukkig nieuwjaar! 


Bij deze ook nog een linkje naar onze familie kerstsong: 

 
en naar ons nieuwe kerst familie album: https://music.apple.com/us/album/family-christmas/1861951500 PS ook op spotify en andere websites te vinden


donderdag 11 december 2025

Wat we kunnen weten... Wat weten we eigenlijk?

Het boek “ Wat we kunnen weten” van Ian McEwan sla ik dicht. Uit. Een prachtige roman waarin we vanuit 2119 terugkijken naar onze tijd door de ogen van een (liefdes) stel dan levenden geleerden in de literatuurgeschiedenis. Verbijstering is er over ons ontkennen van klimaatverandering, de gevaren van AI, aantasting van de natuur, we moeten wel idioten zijn geweest. Ondertussen is een flink deel van de bevolking weggevaagd; door enorme atoombommen zijn grote delen van de wereld onder water gelopen en leeft men met een veel kleinere planetaire voetafdruk. Maar de roman is zeker meer dan alleen een sombere post apocalyptisch schets van de wereld. Bovenal beschrijft het een mooi en haast universeel verhaal over de liefde, over geliefden, over mensen die met al hun beperkingen zijn gebonden aan hun psychologische opmaak. Hierbij kan toeval soms enorm helpen, of juist enorm tegenzitten. Het lot speelt mee, soms mooi, soms noodlot. Als mens hebben we vaak de neiging om onze controle over de toekomst te overschatten.

Het boek sluit aan bij een oefening vanuit de Inner Development beweging, waar ik een paar jaar geleden over schreef, de 7 generaties oefening, waarin je jezelf moet voorstellen dat je een 7 generaties achterkleinkind bent van wie je nu bent, en wat je jezelf vanuit daar voor nu zou willen meegeven. Als je dat gedaan hebt, draai je het om (geef je advies aan een nakomeling 7 generaties na nu). Bij het lezen van het boek kreeg is sterk het gevoel, dat het allemaal weinig gaat uitmaken, dat we natuurlijk het inzicht al lang hebben dat we ons in een gevaarlijke technologische/wapen wedloop bevinden, dat we niet verstandig met de natuur omgaan, alsof ze tegenover of buiten ons staat, terwijl we er onderdeel van zijn. We zijn als mens niet geevolueerd met een genetisch ingebakken angst voor zaken als klimaatverandering, of de gevaren van technologieën. Onze breinen zijn niet mee geëvolueerd met de evolutie van onze technologieën, die bovendien momenteel exponentieel snel verloopt, omdat de hele wereld met elkaar verbonden is en iedereen overal enorm veel geld en effort in deze ontwikkelingen pompt, gedreven door winsten, (illusies van) toekomstig heil en wedlopen.

Het boek zette me aan het denken. We hebben nog steeds de ingebakken drijf om te overleven, en de angst voor vreemde stammen die onze territoria indringen, ons vermoorden, verkrachten, of beroven. Deze angsten zijn wellicht in de huidige wereld veel minder rationeel dan de angst voor verlies van biodiversiteit, of overstromingen door klimaatverandering. Maar deze rationele angsten zijn toch abstract. Waar je jezelf door laat leiden, splitst het landschap tussen rechts (onderbuik, de ingebakken angsten voor vreemde stammen, grensoverschrijdingen, niet overleven) en links of elitair. In het boek wordt beschreven dat alleen de “grootste geesten” in de 20ste en 21ste eeuw angst voor de “reële” bedreigingen hadden (Artificiele Super Intelligentie, kernenergie, klimaatverandering, afname van biodiversiteit, uitputting van aardse grondstoffen). Is dat wat we zien gebeuren? Meer en meer schuiven we naar rechts, naar haat tegen asielzoekers. Is dat omdat dit aansluit bij onze evolutionair ingebakken angst voor vreemde rovende en oorlogszuchtige stammen?

Psychologisch is de angst voor vijandige stammen sterker dan de angst om te worden neergeschoten door een “slimme” drone, omdat we ons evolutionair nog maar korte tijd bevinden in een wereld waarin machines agency kunnen hebben (zelfstandig beslissingen kunnen nemen). Dus een asielzoeker die zich ontpopt al terrorist is veel duidelijker een gevaarlijke indringer, dan een Amerikaans of Chinees algoritme die zelfstandig onze newsfeed op de sociale media edit en ons zo langzaam verslaafd maakt aan het richten van onze ogen (aandacht) op die diepgewortelde angsten. Is dat omdat we genetisch gezien niet zijn geprogrammeerd om geluk nat te streven, maar om te overleven, en dus alles dat bedreigend was in onze oertijd, de grootste angst oproept? Kijken we daarom graag naar spannende films? Is een populistische aandacht hack makkelijker over rechts (met aanwakkeren angst voor vreemdelingen) dan over links? Is angst voor grensoverschrijdende algoritmes veel meer universeel ingebakken dan angst voor grensoverschrijdende algoritmes?


Nee, dit is wellicht een deel van het verhaal. Boven alles zijn we in staat met elkaar liefde te vinden, voor elkaar en onze kinderen te zorgen. Het genetisch denken heb ik altijd afgedaan als een broodje aap verhaal, en ten diepste wil ik dat blijven doen. Terugkomend op het boek, het was uiteindelijk toch een prachtig liefdesverhaal, met ook perspectief, het leven gaat ook na al onze hedendaagse waanzin door!

dinsdag 2 december 2025

Geesteswetenschappen en kunsten zijn nu meer nodig dan ooit tevoor!

Mijn zoon wil graag PhD onderzoek doen in de geesteswetenschappen. Nadat hij met een 10 voor wiskunde B en negens voor natuur- en scheikunde zijn VWO diploma op zak kreeg, studeerde hij Engelse literatuur en daarna haalde hij ook zijn research master. Hij volgde zijn passie, en deed het erg goed. Direct kreeg hij PhD mogelijkheden aangereikt, waarop hij enthousiast zou beginnen en toen... kregen we een nieuwe overheid, met een killere houding naar wetenschap in het algemeen, en geesteswetenchap en kunst in het bijzonder. Hij werkt nu naar tevredenheid als computerprogrammeur, hij is naast een uitstekende alpha een haast nog betere beta, maar hij blijft hopen op andere tijden. Zou met het nieuwe kabinet, er ook weer meer budget voor onderzoek in de kunst, cultuur en geesteswetenschappen vrijkomen?

Ik hoop hartstochtelijk met hem mee! Ik denk als er iets van belang is, is dat we niet nog meer onderzoeksgeld pompen in technologie (in feite toch een al dan niet verkapte wapenwedloop), maar dat we ons gaan herbezinnen op wie en wat we zijn geworden, als mens, als mensheid, als globale versus locale culturen. En daar hebben we onze jongeren hard bij nodig. Al onze jongeren, beta's, alpha's en gamma's, creatievelingen, kortom, een nieuwe diverse generatie  mannen, vrouwen en non-binairen. De grote industrieen investeren gigantisch in Big tech, maar zaken als verbondenheid, literatuur ontwikkeling, culturele identiteit, morele en ethische ontwikkeling waaronder filosofie en rechtsgeleerdheid, de kunsten, spiritualiteit staan buiten de belangstelling. Tegelijkertijd begint iedereen aan te voelen dat juist vanuit deze gebieden het straks gaat of we met de razendsnelle voortschrijdende technologische ontwikkelingen (we naderen de technologische singulariteit) erop of eronder gaan. Mijn zoon is niet de enige jongere die met een uitgesproken beta-talent expliciet kiest voor een alpha of gamma wetenschap, alleen al binnen zijn research master  kwam hij er onder de mede (oud) studenten meerdere tegen.

Regelen en ontregelen zijn nooit zo sterk van belang geweest als nu. Kunst die discussie oproept, ons op het verkeerde been zet, daagt ons daarmee uit onze balans te hervinden, zoals muziek die op een zeker moment expres lelijk is. Ontregelende kunst is net zo belangrijk als kunst die perspectief toont, die hoop geeft, en die daarin niet ontregelt, maar juist (voorzichtig) “regelt'. Het mag naast elkaar bestaan. Net als activisme (ontregelen) en nieuwe wegen ontwerpen (of beschermende regelgeving), kunnen ze hand in hand gaan.

Generatieve AI, bijvoorbeeld, staat bijvoorbeeld nu nog buiten ons, hoewel ze dominant overal opduikt. Deze week gaf muziek influencer Rick Beato te kennen dat in de popmuziek praktisch alle grote hits van dit moment ten minste gedeeltelijk met AI platform Suno "gecomponeerd" en geproduceerd worden. Suno heeft een mega deal met platenmaatschappij Warner Brothers gesloten en daarmee is het allemaal geregeld... Of niet? Kijk, hier is dus de lacune, dit is waarom we veel meer moeten investeren in de kunsten en de alpha en gamma wetenschappen. We (beleid, bestuur, de mensheid) zijn met de ontwikkelingen (internet/sociale media, daarna de aandacht-hack platforms, toen generatieve AI) continu te laat. MIT onderzoekers Kosmyna et al. (2025) lieten zien dat studenten daadwerkelijk minder leerden van het schrijven met chatgpt. Sterker, hoe minder technologische ondersteuning, hoe sterker ze hun eigen denken ontwikkelen!

Of Super Intelligence zo snel zal ontwikkelen als sommige mensen denken, weet ik niet. Of generatieve AI en Super Intelligentie buiten ons blijft staan, of implementeerbaar wordt, weet ik evenmin.  Wel weet ik dat er veel onderzoeksbudget gestoken wordt aan het combineren van biologische cellen als dragers/voeders met super krachtige (AI) chips. Het is namelijk met de huidige louter electronische componenten niet mogelijk om de AI intelligentie (rekenkracht) te implementeren in een organisch brein. En Elon Musk (met zijn bedrijf Neurolink) is al lang niet meer de enige die dat als doel heeft. Experimenteel zijn er al werkende verbindingen van AI chips met huid- en bloedcellen. Natuurlijk een heel gevaarlijke ontwikkeling. De industrie ontwikkelt deze zaken. Overheden (waaronder de wetenschappelijke opleidings- en onderzoeksinstituten) zouden naar mijn idee veel meer complementair moeten zijn, dan achter de industrie aan te rennen. Wellicht kunnen we nu alvast onderzoeken wat we vinden van een rijke klasse, die straks wel of niet een monopolie verwerft in het zichzelf verrijken met kunstmatige superintelligentie in hun breinen. Moeten we dit verbieden? Hoe dan? Hier liggen veel meer vragen dan antwoorden, en juist dit is het gebied dat we steevast minder onderzoek subsidies toekennen. Regelen, hoe dan? Ontregelen, ook goed, maar opnieuw, hoe, waar, wanneer?

Een nieuwe generatie staat klaar. Mijn zoon zegt zelf: "ik ben inderdaad misschien een betere beta, maar met een te groot verantwoordelijkheidsgevoel om niet een goede alfa te zijn". Greta Thunberg was een eerste uitgesproken spreekbuis. Geef deze nieuwe generatie de ruimte. Niet alleen voor mijn zoon, maar ik zou zeggen, laten we nu onze kansen pakken! 

"De nieuwe generatie". Op de foto Zelda, als pup voor het eerst bij Floris, onze toen 9 jaar oude Duitse dog (foto Victorine) 


Kosmyna, N., Hauptmann, E., Yuan, Y. T., Situ, J., Liao, X. H., Beresnitzky, A. V., ... & Maes, P. (2025). Your brain on chatgpt: Accumulation of cognitive debt when using an ai assistant for essay writing task.

donderdag 27 november 2025

Grootspraak

In mijn vorige blog betoogde ik dat feiten perspectiefafhankelijke constructen zijn, die niet altijd in een stricte hiërarchie (transitief) geordend kunnen worden (transitief: b > c en a > b dan geldt a > c). Soms is een ordening niet transitief (cyclisch: a verslaat b verslaat c verslaat a, denk aan het spel steen papier schaar). Hoewel gemachineerde systemen (waaronder AI) transitieve ketens kennen, kunnen ze (in ieder geval tot nu toe) niet omgaan met cyclische ordening, zo betoogde ik. Deze blog gaat over hoe kunstmatige intelligentie zich verhoud tot authenticiteit.

Iemand is authentiek als die in de uitingen van gedrag, kundigheden, emoties en/of mentale prestaties (“cognities”) de eigen unieke persoon laat zien, vanuit een eigen unieke geschiedenis en positie. Als een musicus, bijvoorbeeld, een eigen unieke intonatie heeft, waarin de eigen aanpak en geluid en (de interpretatie) haast onmiskenbaar kunnen worden onderscheiden, dan spreek je van authenticiteit. Natuurlijk is relatieve onkunde en authenticiteit niet altijd strikt van elkaar gescheiden. Sterker nog, slordigheid, of onkunde kunnen juist heel authentiek zijn! Bob Dylan, bijvoorbeeld, baseerde zijn unieke persoonlijke stijl op een combinatie van niet volledig toon zuivere zang, slordige articulatie en ritmische positionering en aansprekende teksten; een authentieke stijl die werd opgevat als een nieuw geluid van verzet tegen de (klein)burgelijke mores van de gevestigde orde. Authenticiteit definieren betekent onherroepelijk ook aangeven wat niet authentiek is. Een violist die enkel exact het geluid en de intonatie van een bepaalde meester violist imiteert, of een zanger die alleen de stem van Elvis Presley nadoet, is daarin dus niet (of minder) authentiek. Het gaat om het vinden van de eigen unieke zeggingskracht, de eigen plaats en stem.

Woorden die we spreken, lijnen die we tekenen/trekken, of tonen die we zingen of musiceren, zijn in feite proxies van emotionele, handelings- en/of denkprocessen. Hierin drukken we ons uit en daarmee maken we ons aan de ander kenbaar. 

Natuurlijk is ieder woord (net als iedere toon, of iedere deel handeling) 'geleend'. Echter, vanuit onze authenticiteit maken we ze eigen, eigenen we ze toe. Degene die jou ziet in jouw eigenheid – authenticiteit – gaat daarmee (bewust of onbewust) de communicatie met jou aan. Ik ben omdat wij zijn beschrijft een communicatieproces, een uitwisseling. 

Gebaren, woorden, handelingen of klanken die door een machine worden gegenereerd, daarentegen, duiden niet op 'proxies' van een wezen. Zelfs niet als ze slimmer en efficienter lijken dan die van een hele volksstam bij elkaar. Natuurlijk kunnen we ons laten misleiden door mooie volzinnen, of zelfs hele door AI gegenereerde betogen of muziek. In onze waarneming maken we dan deze smart gegenereerde “output” tot iets wezenlijk en wordt het alsnog taal. De waarheid, of algemener, de authenticiteit zit dan in “the eye of the beholder”. Maar feitelijk is het ruis, output, die als grootspraak enorm veel ruimte inneemt in de informatie kanalen tussen authentieke mensen: ik ben omdat de machine en ik zijn?


Zelda en ik, gefotografeerd door Victorine

Staan we er wel eens bij stil wat alle machine gegenereerde informatie (en teksten, plaatjes, filmpjes en muziek) betekenen voor onze authentieke zijn in verbinding met elkaar? Een componist, bijvoorbeeld, werkt met de verwachtingen van de luisteraar, om juist te zwijgen, of een andere kant op te gaan dan wordt verwacht, om te verbazen, vanuit de eigen unieke componeerstijl, de authenticiteit. Hiermee communiceert die, wat verrijkend kan zijn voor luisteraar, musici en componist. Ik ben, omdat wij zijn! Authentieke communicatie die soms eeuwen later nog heel goed kan spreken. Tijdloos. Deze week heb ik alle nocturnes, preludes en etudes van Chopin geluisterd, en was ik in contact met een authentiek wezen over bijna 200 jaar...

Geven we met geautomatiseerde pulp die we toch opvatten als gerichte proxies van wezenlijke communicatoren niet veel te veel van onze meest verheven verbondenheid op? Laten we vooral ook beseffen dat het feit dat zaken discutabel zijn, niet direct betekent dat we er direct mee moeten ophouden. Automobiliteit is net zozeer discutabel als generatieve AI en vreselijk veel andere zaken, waar zonder we zelfs vaak niet meer zonder meer zouden kunnen overleven... Zelfs in al mijn persoonlijke windmolen gevechten, moet ik blijven beseffen dat ik ben omdat wij zijn. En daar ben jij!

woensdag 19 november 2025

Tegenstrijdige feiten?

Feiten laten zich niet altijd eenduidig ordenen. Een voorbeeld vormt de uitspraak "Jong zijn wordt overschat". (één van de acteurs in de film Freakier Friday hoorde ik dat zeggen). Evenzeer geldt het omgekeerde, "jong zijn wordt onderschat". Feiten zijn perspectief afhankelijk, en een perspectief vereist een verhaal, of, iets formeler, een theorie (of "theorette"). Een tweede voorbeeld vormt een pianist die op de radio telkens gevraagd wordt te kiezen uit twee componisten: Bach of Mozart, en als hij dan bijvoorbeeld Mozart kiest, is de volgende vraag Mozart of Brahms. Na een tijdje is hij zo terecht gekomen bij Rachmaninov of Copland, als hij kiest voor Rachmaninov. Bij Rachmaninov of Bach kiest hij voor … Bach. Dit is onlogisch: Bach zou onder alle volgende componisten moeten staan, en nu staat die boven alle componisten die na hem als meer geliefd werden genoemd. Ook hier geldt dat perspectief bepalend is; bij elk gepresenteerd duo vergelijk je beide componisten en komt er een bepaald perspectief naar voren (beroemdste componisten, classicisten, pianomuziek, etc.). Anders gezegd, onze werkelijkheid is altijd een perspectief op wat zich aan ons voordoet, en vereist hierin een telkens (iets) ander verhaal. In de wetenschap is het geloof in grote alles overkoepelende verhalen al zeker honderd jaar geleden verlaten.

Hetgeen hierboven wordt beschreven, wordt meer formeel non-transitiviteit genoemd. Een bekende demonstratie van non-transitiviteit is het spel "steen, papier, schaar". De schaar verslaat het papier (knipt het in stukken), het papier verslaat de steen (het bedekt de steen), maar de steen verslaat de schaar (de steen maakt de schaar bot). Het betreft dus een cyclische orde: steen < papier < schaar < steen < papier … etc. Dit wordt ook wel een nulsom orde (of spel) genoemd. Een keten die als orde (opeenvolging) geen cyclische effecten heeft, noemen we transitief, en hierbinnen valt dan rechtstreeks te argumenteren in kwalificaties. Rekenen, argumenteren, en logica is verreweg het eenvoudigst in transitieve werkelijkheden. Getallen zijn geordend van klein naar groot, en daardoor is de telbare werkelijkheid het meest toegankelijk voor transitieve argumentatie. Echter, praktisch alles dat er voor ons echt toe doet is … nontransitief.

Het behoeft nauwelijks betoog dat we momenteel een sterk geloof hebben in de telbare wereld. We noemen data goud, spreken van de digitale transformatie en hechten waarde aan de quantified self. Deze begrippen geven invulling aan ons geloof in een telbare, kenbare en dus logisch (transitieve) wereld, een wereld die, zo geloven wij, wij als mens indien we haar kennen steeds beter (duurzamer, comfortabeler) kunnen beheersen (of minstens beheren). Gevolg is dat vele non-transitieve elementen die onze werelden vormen vanuit vele unieke en gedeelde perspectieven niet of onvoldoende worden (h)erkend. Daardoor praten we vaak langs elkaar heen, vanuit ons eigen gelijk, en lukt het ons niet om een overstijgend perspectief te vinden. Met andere woorden, laten we alsjeblieft ons best doen, te erkennen dat er, juist als het er echt toe doet, vele waarheden tegelijkertijd zijn. Tegenstrijdigheden horen bij ons leven, bij de non-transitiviteit. Door alle successen in digitale technologie, raken we hierop naar mijn mening veel te veel het zicht kwijt, en bouwen we een verwrongen schijn transitieve werkelijkheid, die in strijd is met het leven zelf. Mijn lief roept het op in onze nieuwe kerstsong, die op 6 december uitkomt: Let's agree to disagree!


De maan en het leven ("Maanleven"), foto Victorine de Graaf

Weerbaarheid in de spiegel van complexiteit

Het systematiseren van verschillen tussen mensen in ' patronen ' (typen, beelden) met betrekking tot hun aanpassingmogelijkheden aan...