Gisteravond keken mijn lief en ik de film The Apprentice uit 2024, over hoe Donald Trump in de jaren '70 en '80 in New York een vastgoed “grootheid” werd. In die jaren is de uiterst slimme advocaat Roy Cohn de grote man achter Trump. Hij introduceert een aantal "gouden"regels: 1. de wereld is een chaos en om hier orde in te krijgen geldt Val aan, val aan en val nogmaals aan, 2. Er zijn evenveel waarheden als perspectieven, dus doe iedere waarheid die jouw doelen in de weg staat af als leugens en stel dat alleen jouw waarheid boven elke twijfel verheven is en 3. eis altijd de overwinning op, zelfs als je verliest, want mensen houden niet van verliezers (losers). Als hij nog niet echt kennis heeft gemaakt met Cohn en zijn gouden regels, wordtTrump afgeschilderd als een wat bang (haast imbeciel) jongetje, met ambities die zijn verstandelijke vermogens gigantisch overstijgen. Het gegeven dat er geen enkele ethische en/of morele rem op hem lijkt te zitten om zijn megalomane ambities te verwerkelijken, maakt hem tot een soort monster van Frankenstein, dat bestuurd wordt door Roy Cohn. Cohn verliest langzaam zijn grip op Trump, doordat hij ziek wordt (Aids, die hij tot het laatst leverkanker noemt, want hij wil nergens met homoseksualiteit geassocieerd worden). Cohn ontkent zichzelf in zijn ziekteproces en in zijn sterven, en daarmee wordt hij ook door Trump terzijde geschoven. De film eindigt met de dood van Cohn, als het monster van Frankenstein losgeslagen van zijn schepper zal gaan toeslaan...
De film zet zeker aan tot denken over dat rare gedrag dat je vaak ziet bij mannen om groter dan groot te willen zijn, om wel te kunnen erkennen dat de wereld er al was voordat jij geboren werd, maar beslist wil dat de wereld nooit meer zal bestaan zonder zichtbare bewijzen van jouw stempel. Dit is misschien wel juist wat maakt dat mannen zo ongeschikt zijn om leiding te geven, of richting te bepalen in roerige tijden. Thea Beckman schreef daar in haar trilogie Kinderen van moeder Aarde over, waarin mannen uitgesloten zijn van leidende functies (wat iets anders is dan managende functies). De goede dingen doen (leiden) vereist continu een moreel ethisch kompas, terwijl de dingen zo goed mogelijk doen (managen) daaraan ondergeschikt moet zijn.
Het lijkt er soms op of mannen, ongeacht of ze goede dingen doen (bijvoorbeeld hoogleraar zijn op het gebied van transitie naar een duurzame toekomst), of dat ze evident slechte dingen doen zoals de Trumpen of andere Frankensteinen in deze wereld (wereldoorlogen ontketenen, de wereld gijselen met technocratie) toch vooral alles aangrijpen om vereeuwigd te kunnen worden. Een mogelijkheid is een digital twin van jezelf laten maken, zodat jouw wijsheid en kennis voor het nageslacht bewaard blijft. Natuurlijk is schrijven (blogs, boeken) of kunst maken niet anders, maar het jezelf nu AI dat mogelijk maakt uploaden tot onsterfelijke proporties om als professor, of als geestelijke of desnoods als jezelf het nageslacht te blijven beïnvloeden, verraad naar mijn mening een megalomane ambitie en zelfoverschatting, die juist The Apprentice zo ontzettend kwaadaardig en gevaarlijk maakt. Wat is er mis mee, om als je tijd daar is, gewoon afscheid te nemen, en het aan de anderen over te laten of ze je wel of niet herinneren?


