zaterdag 29 augustus 2026

I told you so!

Tijdens de vakantie, de afgelopen weken zag ik een paar keer een lijstje voorbij komen met daarin mogelijke (toekomstige) toepassingen van (generatieve) AI die goed zouden zijn. De opstellers geven aan het begin van hun posts te kennen dat ze wel degelijk kritisch zijn over de ontwikkelingen in autonome technologieën. Ze hebben hun ogen dus niet gesloten voor gevaren van AI, die op talloze gebieden, variërend van monopolisten die ongebreideld hun macht kunnen doen gelden, via het met AI slob innemen van ruimte van echte mensen, tot en met het ongewenst indringen in menselijke contacten met AI assistants etc. Positief, denk ik dan, als ik lees dat deze vakmensen, alvorens de loftrompet te steken over toekomstige mogelijke AI zegeningen, er in ieder geval aan lijken te hechten te willen benadrukken dat ze geen onnozele schapen zijn die willoos achter de technocratische trends aan huppelen. Dat ze heus ook zelfstandige, kritische denkers zijn, dat hun brein en denkvermogen (nog) niet door prompten in chat-boxen uitgeschakeld is geraakt.

Bij het doorlezen neemt mijn verbazing toe. Na eerst de kritieken, waar ik me meestal makkelijk in kan vinden (behalve dan dat ze best licht zijn aangezet), lees ik vervolgens de onderdelen waar genAI de mensheid echt kan gaan redden. Steevast staat er iets als genezen van ziektes, helpen de menselijke veroudering langzamer te laten verlopen, helpen met complexe problemen die ons menselijk verstand te boven gaat, bijvoorbeeld open wiskundige vraagstukken (helpen) oplossen. De posts eindigen steevast positief, als mens willen we nu eenmaal graag een positieve boodschap horen (of lezen), dat levert de meeste aandacht (en clicks) op. Wacht even, denk ik na de commentaren onder de posts te lezen, dit lijkt veel op de click-bait formule: aandacht trekken met slecht nieuws en met een goed gevoel eindigen. Kan AI naast wellicht de mensheid uitroeien, uiteindelijk ook niet juist het leven op de planeet redden?

Eerlijk gezegd heb ik na meerdere van de lijstjes met de uiterst positieve beloftes te hebben doorgelezen, een enorme plaatsvervangende schaamte. Het zijn lijstjes van mensen die ik persoonlijk ken, waar ik in het verleden mee sprak, en die niet gek zijn (of waren). Maar bij iedere potentiele zegening is het zo enorm eenvoudig, om direct ernaast de enorme (steevast grotere) gevaren te zetten. Onsterfelijke mensen? Alsof we al niet voldoende een vloek zijn geworden voor het overige leven op de planeet. Oplossen van alle bestaande ziektes? Alsof er niet als bij het indrukken van een uitstulping in een ballon op een andere plek direct een nieuwe uitstulping zal ontstaan. Dan denk ik terug aan een blog die in in 2021 schreef, Waarom Drones gevaarlijker zijn dan hamers (en niet zelfrijdende auto's), en die me op dat moment enorm veel kritiek en boze reacties opleverde. Immers ik laat zien dat het allemaal toepassingen zoeken voor hobbydrones wel degelijk direct kan leiden tot het versterken van deze technologieen in handen van (oorlog) activisten, en aan de instelling waar ik toen werkte werd dit soort onderzoek naar positieve drone toepassingen gedaan (wat dus volgens mijn blog dus gevaarlijk kon zijn in “verkeerde” handen). Sorry, maar met de NOS kop van 29 augustus 2026 “Hoe de hobbydrone de oorlog verandert”, krijg ik toch een soort zie-je-wel gevoel. Laat ik toch positief eindigen: we hoeven niet per se de toekomst als onveranderbaar te zien, wij zijn onderdeel van een natuur die groter en wijzer is dan wij ooit zullen worden!  

Kop/foto van Nos site 29 augustus 2026


vrijdag 10 juli 2026

Wind onder de vleugels... Op een inspirerende vakantie!

Op de valreep voor de vakantietijd, voel ik me altijd weer wat ontheemd. Enerzijds is het heerlijk om uit de routines te stappen, en samen met het gezin ons te heroriënteren in een meer tijdelijke vervanging van dagelijkse “herhaling”, ook al is er natuurlijk nooit echt herhaling. Maar tegelijkertijd is het ook een uitdaging, die overgave vereist, en overgave is minder makkelijk als je vanuit je hoofd grip tracht te houden op wat je bent, voelt en beleeft. Kans en uitdaging.

In een interview met cellist en dirigent Benjamin Zander voor de webserie Living the Classical Life, met pianist Zsolt Bognár als presentator, vertelt de dan 84 jarige Zander dat de kunst van het lesgeven, het leiding geven, en misschien wel het samenleven in het algemeen, voor hem bestaat uit het zorgen dat er wind komt onder de vleugels van hen waar we verantwoordelijk voor zijn. Hij illustreert dit met een voorbeeld van zijn cello-klas op het conservatorium waar hij les gaf, en merkte dat de concurentie en drang om goed genoeg te zijn (of nog sterker, de beste te zijn) eigenlijk alle studenten verkrampte. Zijn vrouw stelde voor om alle studenten op voorhand een 10 te geven (een A), zodat ze hun spanning en competitiedrang los konden laten, en echt als mens met hun instrument en de muziek aan de slag te kunnen. Dat deed hij! Hoewel de hele wereld gericht lijkt op absolute waarheden, waarin goed, beter en best eenduidig op een rij ligt, is dat niet zoals volgens hem onze menselijkheid en de expressie daarvan gevangen kan worden. In tegendeel, menselijkheid is liefde, en als je die probeert te vangen in dit soort kwalificaties, is ze als een vogel, of een vlinder, die steeds verdwijnt als je denkt dichter bij te komen.

In onze wereld, zo legt Zander uit in het interview, zijn er allerlei neerwaartse spiralen, van milieuvervuiling, tot oorlog, van generatieve AI tot autonome wapensystemen, van prestatiedrang tot uitsluiten en discrimineren, maar de kunst van menszijn is om daar zo veel als mogelijk uit te stappen, en liefde uit te stralen naar hen waar je verantwoordelijk voor bent. Dus, en hier is de cirkel rond, wind onder hun vleugels te geven, en merken dat feitelijk zij ook (beurtelings) wind onder jouw vleugels geven. En natuurlijk is niemand perfect, en verzaken we soms, omdat we bijvoorbeeld (hopelijk tijdelijk, of een kort moment) verzuurd zijn geraakt doordat we ons toch met zo'n neerwaartse spiraal zijn gaan identificeren, of om welke andere reden dan ook. Ook is het heel goed mogelijk dat we ons zelfvertrouwen kwijt raken, dat is een zeer sterke neerwaartse spiraal, en juist in de muziek, als je omringt bent door fantastische talenten, is het soms moeilijk om in je eigenwaarde te blijven staan. Een wereld waarin eigenheid meer en meer vervangen lijkt door uniforme normen en waarheden, helpt natuurlijk daarbij ook niet mee.

Om liefde uit te stralen, met andere woorden, en daarmee anderen de wind onder de vleugels te helpen krijgen, vraagt om sterk in jezelf te kunnen staan. Dat is, anders dan ik tot nu toe vaak heb gedacht, niet hetzelfde als jezelf intellectueel, of zelfs instrumenteel te begrijpen en waarderen. Het zit niet, of in ieder geval niet louter, in het hoofd, maar veel meer in het hart, in het gevoel. Mezelf overgeven aan wat ik voel, aan de fascinatie voor het wonder dat wij dagelijks als mens aanschouwen, zonder het continu te relativeren in de neerwaartse spiralen die evenzeer evident zijn, is een uitdaging, en de vakantie is bij uitstek een moment om me er aan over te kunnen geven. Ik wens u allen de wind onder uw vleugels, waar ze u ook mag brengen, en een inspirerende en behouden thuiskomst. 

Photo by mart_a : https://www.pexels.com/photo/butterfly-in-meadow-16849790/

maandag 6 juli 2026

Zoveel om van te genieten, maar ook ... zorgen! Fijne vakantie!

We leven in een wonderlijke wereld, waarin we kunnen genieten van zoveel prachtige kunst, bijvoorbeeld prachtige muziek die nu, en in de eeuwen hiervoor, is gemaakt, en door grote talenten steeds op telkens nieuwe manieren wordt verklankt. Of van de schitterende literatuur, die breed beschikbaar is, van verhalen, die inspireren, of uitdagen, van musea en galerieën met schilderijen en beeldende kunst. Er is zoveel om van te genieten, of om naar uit te kijken.

Aan de andere kant, zijn er ook zaken die me enorm veel zorg baren. Als het aan Amerika en de bigtech bazen aldaar ligt, zullen er in de komende 10 jaar 1,7 miljoen satellieten in een baan om de aarde worden gebracht. 1,7 miljoen, bovenop alle satellieten die nu al rond de aarde zwermen. Ze zouden nodig zijn voor de gigantische datacentra ten behoeve van AI. In een klein berichtje op de NOS app werd dit afgelopen zaterdag vermeld. Ze zullen zoveel strooilicht veroorzaken, dat elke nacht ongeveer zal gaan lijken op wat nu een nacht is met volle maan. Onze fascinatie voor de sterren, het eindeloze, het tijdloze versus onze tijdelijkheid, de verbinding met het mysterieuze heelal, met de grote vragen, met ons voorgeslacht en met ons gevoel van bestemming, zal door lichtvervuiling volledig anders worden gepercipieerd.

Generatieve AI is ons opgedrongen door een handvol BigTech bedrijven. Content door alle internetgebruikers inclusief de wereldliteratuur en beedlkunst is hierbij ontvreemd, en wordt "teruggegeven" zodat iedereen behalve de machthebbers het nakijken hebben. Nu ook nog een paar miljoen satellieten rond de planeet? Waar blijft inspraak? Was de USA niet een democratie? Eerlijk gezegd vind ik deze zaken enorm bedroevend. Beslissingen die genomen worden zonder de consequenties te overzien (want dat is, blijkt keer op keer, met nieuwe technologie praktisch onmogelijk). Maar wel beslissingen die gevolgen hebben die al het leven op de Aarde zal beinvloeden. Keuzes voor macht en/of geld nu met niet te overziene gevolgen voor het nageslacht. Uberhaupt hebben we de ruimte al opgezadeld met onze rotzooi, maar uiteraard is het nooit genoeg. Ik weet dat het onverstandig is je druk te maken over zaken die buiten je controle liggen, en dat we uiteindelijk toch weer mee zullen huilen (“if you can't beat them, join them”), maar het stemt me wel echt triest.

Technologie ontwikkeling is lang voorbij het punt gegaan dat het dienstbaar is voor de mens, dat ons helpt te overleven in een wereld waar we niet op elke plaats de juiste biologische uitrusting voor hebben (zie https://janwillemdegraaf.blogspot.com/2023/10/olifant-waar-dan.html.)

Op technologische ontwikkeling gedreven kapitalisme (of neo feodalisme) is een onverzadigbaar en alles verslindend monster geworden, met de potentie om van iedere wereldburger bij een nog steeds groter wordende populatieomvang, een rupsje nooitgenoeg te maken. Gelukkig zie ik dat bij velen het besef daarvan toeneemt. Onderzoek alles en behoud het goede, zou nog steeds kunnen gelden als een zeer toegepast advies, maar we behouden alles en laten alles tegelijkertijd door groeien, nu ook nog autonoom, waardoor de bedreigingen exponentieel zijn. Tijd om even afstand te nemen van alles, tijd voor vakantie. Gelukkig is er zo veel de moeite waard om voor te leven. Ik hoop dat we met elkaar toch uiteindelijk stem kunnen geven aan onze wijsheid, dat we leren dat niet alles dat kan ook moet geschieden. Dank voor het lezen van mijn blog, ik wens u een fijne vakantie.



maandag 29 juni 2026

Water stroomt waar het gaan kan!

Water stroomt waar het gaan kan. Tegelijkertijd stroomt water nooit waar het niet gaan kan. Open deur? Jazeker, en tegelijkertijd ééntje die we continu neigen te vergeten. In een digitale wereld leken grenzen te zijn verdwenen, alles kon met alles verbinden, en de fysieke oceanen en bergketens die landen of continenten voor millennia van elkaar gescheiden hadden gehouden, leken steeds minder reëel. Reëel werd virtueel. Meer en meer werd werken gelijk te stellen met ergens - op één of andere manier - bijdragen aan de digitale snelweg, aan content creëren of selecteren, of aan applicaties maken, of aan deelnemen aan online overleggen. 

Maar net zozeer als water stroomt waar het gaan kan,  geldt "brood moet je blijven eten". Ondanks de virtuele mogelijkheden, moeten we ons blijven beschermen tegen overstromingen, vijandigheden, honger, kou, roofdieren etc. Met andere woorden, hoewel de fysieke wereld steeds minder was gaan bijdragen aan onze (deels illusoire digitale) verbondenheid, begon de ouderwetse (analoge) dienstverlening steeds meer te haperen. Oorzaak? Onze massale "verhuizing" naar (overgave aan) de digitale wereld. Het hier en nu raken verwaarloosd. Winkels en zorgcentra, bijvoorbeeld, krijgen hun bezetting niet of moeizaam rond. Het antwoord is vaak de vlucht vooruit, naar nog meer technologie. Winkels zien zich dan bijvoorbeeld genoodzaakt tot digitale betaalsystemen, of tot volledige overgang naar 24/7 online besteldiensten. Of ze kunnen, simpelweg, ophouden te bestaan, wat dan weer kan leiden tot verdere versobering van de fysieke (winkel) omgeving.

Haast even vanzelfsprekend als dat  water stroomt waar het gaan kan, is een andere bekende uitdrukking: Wat je zaait zul je oogsten. Hoewel, in deze uitdrukking zitten wel een aantal voorwaarden verscholen. Is de grond goed bewerkt, is het opkomend gewas genoeg beschermt, etc, maar toch. Onze massaal ingezaaide gerichtheid op een 24/7 beschikbaarheid en afhankelijkheid van de online wereld, resulteert erin dat we continu mooie (en minder mooie) nieuwe digitale producten en gemaks-diensten kunnen oogsten. Maar in de analoge wereld, daar waar we brood moeten blijven eten, oogsten we tegelijkertijd een gebrek aan vakmensen. Vakmensen die bijvoorbeeld ons dak kunnen repareren, of een rioolverstopping kunnen opheffen. Of, dichter bij de demands van een digitale wereld zelf, mensen die het elektriciteitsnet kunnen onderhouden en aanpassen aan onze nieuwe steeds grotere behoefte aan stroom, bijvoorbeeld voor onze elektrische mobiliteit.

Nu we de schaduwzijde van een te eenzijdige afhankelijkheid van een virtuele werkelijkheid meer en meer gaan voelen in onze fysieke wereld, worden er ook weer ineens overal harde grenzen zichtbaar. Bergketens, oceanen, en kleiner rivieren of zelfs vroeger afgesproken landsgrenzen, zijn in het gepolariseerden landschap van vandaag weer zeer nadrukkelijk aanwezig. Waar ze leken ze te zijn verdwenen in de akkers vol met digitale zegeningen, doemen ze nu als onkruid weer overal op; oorlogen gebaseerd op geografische affordance structuren schreeuwen ons wakker uit onze digitale droomwereld. Ongemakkelijk, terwijl we gewend zijn geraakt aan gemak, digitaal gemak, 24/7, altijd overal en met een druk op een knop. Knop, prompt, zelfs als we generatieve AI afwijzen, zijn we allen prompters geworden. Maar prompten is geen leven, geen werken, en slechts een virtuele werkelijkheid, die fysiek haar verwoestende sporen op een onnavolgbare wijze achterlaat: In ons geluk, in onze verbondenheid, maar ook in onze energiebehoefte, bereidheid om de handen uit de mouwen te steken, om tegenslag te incasseren, en om vreugde oprecht te delen. Om ongezien te blijven, en toch gezien te worden, door juist die anderen die er op dat moment fysiek toe doen.

Foto Dorinthe de Graaf

Soms wilde ik dat we toch iets beter begrepen dat water stroomt waar het gaan kan!

maandag 22 juni 2026

Jeugdherinneringen

Eén herinnering aan de kleuterschool laat me nooit meer los. Er scheen een man te zijn die ieder kind die wilde een speeltje gaf. Zelf heb ik hem nooit gezien, ik durfde niet te kijken. Wel zag ik klasgenoten terugkomen met prachtige ballen, autootjes en ander speelgoed. Ik weet niet of het echt een kindervriend was, maar wel dat hij opgepakt werd en het verhaal ging dat hij een kinderlokker was, en iedereen diens speeltje moest inleveren. Ook weet ik, dat ik aanvankelijk vreselijk baalde, omdat ik te verlegen en angstig was om “mijn” speeltje op te halen, en dat ik jaloers keek naar mijn klasgenootjes die dat wel durfde. Nauw gekoppeld aan deze herinnering, gebeurde er nog iets wonderlijks op de kleuterschool (in Hoofddorp). Met kerst mochten we een tekening maken. Toen we die terug kregen, bleek iedereen een veel mooiere tekening te krijgen dan we hadden gemaakt. Ik kreeg als één van de laatste mijn tekening terug. Ik dacht, toen ik die van mijn klasgenootjes zag, dat ik veel slechter tekende dan zij. Dat bleek fout! Net als de gratis kadootjes, dit keer ook voor mij een prachtige door de juf in haar vrije tijd verfraaide tekening.

Verfraaien en misleiden door een leerkracht zou nu vast op een muur van bezwaar stuiten. Immers, impliceert dit niet dat de oorspronkelijke (gebrekkige) kunstuitingen niet goed genoeg waren? Pas sinds de wijde verbreiding van generatieve AI begrijp ik dat de vermeende kinderlokker en de juf met haar (naar ik nog steeds aanneem) goedbedoelende “misleiding” eenzelfde spoor in mijn herinnering triggeren.

De kleuter die ik ooit was met het gevoel van wat ik nu missing out zou noemen, samen met tegelijkertijd een niet pluis gevoel, komt telkens terug, als ik mensen zie pronken met plaatjes (of teksten, of zelfs muziek) die ze met het indrukken van een prompt als persoonlijke uiting op de sociale media tonen. Het maakt me weemoedig en klein. Ben ik de enige? Bij zo veel posts van mensen zie ik die door AI gegenereerd plaatjes. Aanvankelijk vond ik ze vooral troosteloos, of misschien preciezer geformuleerd, harteloos. Nu besef ik dat het slechts een kwestie van tijd zal zijn voordat de plaatjes esthetisch minder afzichtig zullen worden. Toen begon ik in te zien dat het schijnbare gemak waarmee mensen massaal deze plaatjes aan hun teksten gingen toevoegen, in zekere zin gezien kan worden als “onaardig”, als het wegdrukken van de boterhammen van talentvolle illustratoren en kunstenaars. Zij zien hun mogelijkheden om met hun gaven betaald hun vak uit te oefenen steeds meer definitief verdampen. Zo makkelijk en massaal zetten we onze talentvolle broeders en zusters kennelijk buitenspel, omdat we verleid (in mijn ogen misleid) worden door een nieuw big tech speeltje. Natuurlijk geldt dit ook voor talentvolle tekstschrijvers, die door het massale gebruik van chatbots het nakijken hebben. Het probleem is niet alleen generatieve AI, het is ook de massale omvang waarmee wij (het publiek) ons er mee inlaten.

Maar als ik van mijn hoofd naar mijn hart ga, kom ik terug bij mijn kleuterschool gevoel. Waarom gaf de vermeende kinderlokker het speelgoed? Had hij het gestolen, en zo ja van wie? Had hij onzuivere motieven? En hoe zat het met de juf? Kon die ons ontluikend talent of gebrek daaraan niet accepteren, en verfraaide ze daarom onze tekeningen? Of wilde ze goed doen, ons de ervaring van een kerst wonder geven? Stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw, de hemel en de aarde? Was het niet haar boodschap dat wij zelf (nog) niet goed genoeg waren? Als ik hoor dat Bigtech bedrijven massa's geld verliezen om ons de gave van generatieve AI te geven, lijken ze zowel op de vermeende kinderlokker, als op mijn juf.

Voor mij herinneren ge-prompte teksten, beelden en muziek me aan de kinderlokker, die elk kind in de klas gratis speelgoed gaf. Het was zo vreselijk verleidelijk, dat ik baalde dat ik zo bang was, en niet ook mijn speeltje durfde te halen. Totdat de man werd opgepakt, en iedereen in mijn kleuterklas het speeltje moest inleveren, het was bedrog, wij waren bedrogen. Nee zeggen tegen de kindervriend/kinderlokker (wie zal het zeggen, ik weet het nu, zestig jaar later nog, steeds niet) was geen probleem. Het kan nog steeds!

Toch is er één ding, dat ik nog steeds niet weet. Zelf wist ik toen ik "mijn" tekening terugkreeg, dat die niet echt van mij was. Wisten mijn klasgenoten dat ook? Weten de miljoenen prompters dat ook?

Een foto van mij, een paar jaar ouder dan de kleuterschool...

zaterdag 20 juni 2026

To the Lighthouse!

Gisteravond waren Victorine en ik trotse ouders! Het Noord Nederlands Orkest (NNO) speelde in de grote zaal van de Oosterpoort in Groningen 4 stukken, waarvan het vierde en laatste stuk – To the Lighthouse – was gecomponeerd door onze dochter Deborah de Graaf. Voor To the Lighthouse werd het orkest in tweeën gesplitst, links en rechts, in een speciaal voor deze uitvoering aangepaste zaal (de eerste rijen stoelen waren uit de zaal gehaald). Als publiek kreeg je echt het gevoel dat het orkest en de fantastische dirigent erg dichtbij waren, alsof je er midden in zat. De avond stond in het kader van het orkest en innovatieve technologie. Het stuk van Deborah was voor twee orkesten, die soms elkaar aanvullen, maar zeker zo vaak contrasteren, in gevecht zijn, toenadering zoeken en uiteindelijk elkaar vinden en versmelten. Je kon een speld horen vallen, het was fantastisch.

Het innovatieve element droeg sterk bij aan ons gevoel van trots; onze zoon Thorvald schreef twee samenhangende scripten, gefilmd en tot twee films gemaakt door onze schoondochter: kunstenares Tessa van Merle. Achter beide orkest secties hing een scherm waarop links de ene en rechts de andere film te zien was. De ene film was gefilmd in Denemarken, bij een vuurtoren op locatie, met onze dochter Dorinthe in de hoofdrol. De andere film was gefilmd in Groningen, rond en in het forum, met in de rollen wederom Dorinthe en medestudenten van de acteurs opleiding van het Noorderpoort in Groningen. Innovatief was dat het orkest/de dirigent alle vrijheid had om te spelen met gevoel, en dat de films synchroon gehouden werden door aanpassingen die realtime met de muziek mee gemaakt werden. Deborah, Thorvald, Tessa en Dorinthe wijzen allen resoluut het gebruik van generatieve AI af, dat was dan ook nergens gebruikt. Het effect was echter sensationeel, en organisch!

De beide samenhangende verhalen gaan wel over generatieve AI. Geinspireerd op het boek To the Lighthouse van Virginia Wolf, zoekt de hoofdrolspeler in een desolate omgeving aan zee haar identiteit terug. Ze is in rouw en onduidelijk is te zien waarom. In de andere film, op het andere scherm, zie je dezelfde actrice in het Forum in Groningen langzaam tot de ontdekking komen dat haar vrienden steeds meer veranderen in AI's, ze zijn niet echt, en ze zoekt haar heil bij een vriendin die wel echt is maar dan... toch ook een AI blijkt te zijn. Ze springt in de auto, en gaat heel lang rijden. Aan het eind van de film komt ze bij het Deense strand aan. Dan ontdek je dat daar de andere film begint. Als luisteraar/kijker ontdek je dan dat je het geheel nog een keer moet zien.... Recursie, eindeloze loops, het is een serieuze bedreiging van onze wereld door directe - proces loze - AI...

Al met al een prachtige avond, een schitterend orkest, en op naar het volgende concert. Voor mij gaat er niets boven mensenwerk, en het orkest is al sinds de achttiende eeuw een ijzersterk concept gebleken, een hoogtepunt van menselijk samenwerken. Bijgevoegd een link naar waar je de eerste symfonie (Comptess) van Deborah kunt horen, uitgevoerd door het NNO in 2025.

PS dit weekend worden ook andere composities van Deborah uitgevoerd, door het Kamerorkest van het Noorden, en vandaag zijn haar strijk kwintet en 2 nieuwe orkestwerken van haar te horen in het kader van de landelijke Dag van de Componist: https://donemus.nl/deborah-de-graaf-series-of-performances-across-groningen-in-june/ 




vrijdag 12 juni 2026

Van rekenliniaal via rekenmachine naar...

Soms denk ik terug aan de middelbare school, toen we de rekenliniaal moesten inruilen voor een rekenmachine. De rekenliniaal gaf zoveel meer inzicht in verhoudingen, maar was tegelijkertijd lastiger te bedienen. In voorbereiding op de wis- en natuurkunde examens mocht ik klasgenoten helpen bij het maken van oefenopgaven. Opvallend was dat iedereen geneigd was bij iedere rekensom automatisch naar de rekenmachine te grijpen, ook bij het optellen, aftrekken, vermenigvuldigen of delen van 1 digit cijfers (bijvoorbeeld 2 + 6). Mijn conclusie was dat inderdaad het gebruik van een rekenmachine je lui maakt. Ik vroeg me af of dat ook gold voor het gebruik van de fiets, was dat een reden om minder spierfunctie te ontwikkelen bij gelijkblijvende afstand overbrugging?


Photo by Matvei: https://www.pexels.com/photo/vintage-study-setup-with-books-and-analog-radio-37397516/

Natuurlijk was dit laatste niet perse het geval. Immers, dankzij de inzet van de fiets kwamen er veel meer kilometers in de dagelijks te overbruggen afstanden. Mensen konden naar een school verder weg, of vrienden bezoeken die verder van huis woonden, waardoor de totale hoeveelheid te investeren energie in dagelijkse mobiliteit ongeveer gelijk bleef. Wel kon ik me voorstellen dat er als je volledig op wandelen (en eventueel snelwandelen en rennen) bent aangewezen voor je mobiliteit, je ten dele andere spiergroepen gebruikte dan wanneer je zoals wij in die dagen allemaal een fiets had. Eigenlijk kan ik me niet herinneren dat veel jongeren toen met de auto naar school werden gebracht en gehaald. Wel weet ik dat ik een behoorlijk eind moest fietsen (10 km) terwijl sommige klasgenoten ongeveer naast de school woonden. Hadden zij dan minder conditie? Of moesten zij meer sporten doen, om evenveel energie kwijt te raken?

Nu zijn we ongeveer 50 jaar verder, een halve eeuw, en de rekenmachine van destijds die het gemakkelijk maakte om het zelf tellen (denken) uit te schakelen, is via computers en slimme algoritmes getransformeerd tot een artificiele intelligentie die ons op veel meer vlakken van denken verleid om ons aan haar over te geven. De fiets die onze actieradius vergrootte, is verder gemotoriseerd, en om ons lichaam – onze spieren, energie – nog te oefenen, zijn we massaal aangewezen op sportscholen, of, trainingsprogramma's. Ondertussen weten we dat obesitas in de “welvarende” wereld een van de meest wijdverbreide gezondheidsrisico's vormt, en dat zelfstandig denken en daarbij niet vervallen in gemakkelijk meedeinen op de polariserende ritmiek van algoritmische dichotomieën in de sociale media echo-kamers die er op gericht zijn onze aandacht zo lang mogelijk vast te houden. Afleiden of afgeleid worden is momenteel meer de grote kwestie dan “to be or not to be”.

Nu lees ik regelmatig meningen waarin het gebruik van chatbots wordt verdedigd, door te stellen dat mensen ook in de eerste helft van de negentiende eeuw tegen de opkomst van treinen waren, of in de tweede helft van de negentiende eeuw de opkomst van de fotografie. Of de fiets, of de rekenmachine? Impliciet in deze verdediging zit dat dit de wereld, of de mens, niet ten val heeft gebracht, en dus dat chatbots dat ook niet zullen doen, ondanks dat ook nu er weerstand is. Dit is niet alleen een drogrede. Feitelijk kunnen we ons afvragen of mensen die in de negentiende eeuw tegen de opkomende technologisering waren niet een punt hadden.

I told you so!

Tijdens de vakantie, de afgelopen weken zag ik een paar keer een lijstje voorbij komen met daarin mogelijke (toekomstige) toepassingen van (...