dinsdag 21 april 2026

Scherven brengen … leven!

Stel je een zandloper voor, die wordt omgekeerd direct nadat die volledig is doorgelopen. Slow motion. De zandkorrels vallen omlaag, één voor één. Eerst landt de eerste korrel, daarop de tweede, dan de derde, misschien net ernaast. Langzaam ontstaat een bergje, dat dan zo smal en stijl wordt, dat het op een zeker moment inzakt. Kan je daarna dan nog van iedere korrel achterhalen welke eerder of later kwam? En wat als de zandloper zandkorrels met zeer uiteenlopende korrelgrootte doorlaat?

Hoe ontstaat gelaagdheid eigenlijk? Onze levensverhalen zijn eigenlijk prachtige voorbeelden van diversificatie in gelaagdheid; unieke levens zijn uitingen van unieke gelaagdheden. In de verhalen die we over onze levens vertellen, maken we onszelf allen aan elkaar gelijk, wellicht meer dan we beseffen. Als je naar je leven kijkt, en jouw levensverhaal daarnaast probeert te zetten, zijn dat eigenlijk veel meer dan het lijkt, twee totaal verschillende dingen. Een levensverhaal is vaak consistent, volgt een rationeel of op zijn minst causaal narratief, terwijl het leven zelf wellicht meer lijkt op een hele grote opeenstapeling van scherven, van achtergebleven residu dat onttrokken is aan talloze activiteiten of gebeurtenisjes waarin we continu meer of minder betrokken waren of zijn. Al deze opeengestapelde scherven zullen wel degelijk een soort tijd-ruimtelijke figuur vormen, maar het is van belang te beseffen dat veel van de aspecten van de opeengestapelde fragmenten of scherven niet met taal beschreven kunnen worden. De wel met taal te beschrijven aspecten, vormen een (kleine) deelverzameling van het geheel, dat bovendien ook nog onder invloed van krachten bijvoorbeeld om kan vallen, in kan storten, of weg kan rollen, waardoor tijd-ruimtelijk voor en na niet perse meer achterhaalbaar is.

Het verhaal dat we continu construeren (en dus bijstellen) over onze geschiedenis – wie we hoe, waar, wanneer en vooral ook waarom zijn geworden – is daardoor niet alleen een onvolledige beschrijving van wat er is gebeurt (wie we zijn), maar meer dan dat een misleidende voorstelling van zaken, die we vaak veel te gemakkelijk voor waar aannemen. In de verhalen worden we gelijkgemaakt, tekort gedaan en raakt de band met onze diepere betrekkingen met elkaar en de natuur gemakkelijk verloren. “Be true to yourself” is makkelijker gezegd dan gedaan. “The words stand in the way”.

Vanochtend ging ik met Miep naar de dierenarts, voor de jaarlijkse inentingen. De dierenarts en Miep kunnen het prima met elkaar vinden en tijdens de gezellige ontmoeting, nadat Miep kwispelend haar kamer binnenliep en haar begroette, vertelt zij dat ze veel interessante bijscholingen heeft gehad over werken met hightech apparatuur, maar dat wij als mensen ook best weinig begrip hebben voor hoe onze honden ons continu kunnen lezen. Ik herken dat, Miep ziet precies wie ze kent en niet, hoe ik of een andere bekenden zich/haar voelt. Daar heeft ze geen letters, of narratieve structuren voor nodig, ze leest continu de scherven, de veranderingen en daarbinnen weer de invarianten. Al pratend, kwispelend, en contact leggend, nemen we afscheid, de dierenarts heeft zonder dat wij er erg in hebben de injectie gegeven en Miep haar paspoort weer bijgewerkt, zodat wij veilig met Miep over een paar weken een weekje naar het buitenland kunnen. Op de terugweg vertel ik Miep dat ook wij – haar odd-kin (gezinsleden van een andere biologische soort, dat is zij van mij en ik van haar) – in een andere-zelfde tijd-ruimtelijke werkelijkheid leven, dat we niet elkaars verhalen in elkaars talen kunnen lezen, maar dat het de opeengestapelde scherven zijn die ons met elkaar verbindt. Ze geeft me een lik, en ik voeg snel toe, en natuurlijk, bovenal, de liefde. Scherven brengen leven, liefde doet leven!


Miep en ik, net na het schrijven van deze blog (foto: Dorinthe)

vrijdag 17 april 2026

Een analoge transformatie?

Arjan Middelkoop en ik waren uitgenodigd om een lezing te houden bij de Town Deal krachtige kernen, een initiatief van het ministerie van Binnenlandse zaken om met kleinere gemeenten, towns, te onderzoeken hoe deze samenlevingen weerbaar kunnen blijven in een steeds meer polariserend, verhardende technocratische en mondialere (globalere) samenleving. Vragen die spelen zijn of je bijvoorbeeld als (lokale) overheid steeds verder moet gaan met surveillance, in de fysieke en online wereld, bijvoorbeeld om bij online getriggerde ordeverstoring adequaat te kunnen optreden als relschoppers dreigen een demonstratie te kapen. Natuurlijk snapt iedere bestuurder dat het opzetten van hogere hekken, of het toepassen van meer surveillance onherroepelijk zal leiden tot een wedloop. Wat zit er achter het polariseren, het harder worden en agressiever worden van sommige mensen in de samenleving? Worden mensen wel harder en subversiever, of is het alleen de AI aandachtsmachine die ons gevangen zet met beelden die onze aandacht vasthouden? Laten we onszelf niet juist door de sociale media (inclusief zoekmachines al dan niet met genAI versterkt) gek maken, en gaan we niet juist daardoor extremer stemmen? Is er wellicht minder met ons aan de hand, dan de door bigtech bestuurde bubbelmachines ons doen geloven?

Ja en nee. Voor onze lezing zagen we cijfers van hoe de verkiezingen in Nederland steeds meer gewonnen worden door partijen die hardere en minder tolerante (inclusieve) waarden uitdragen. Of iedere stemmer echt zo weinig voor anderen over heeft valt te betwijfelen, maar men stemt om de beelden die ons in de tang hebben, en die komen voor een groot gedeelte wel degelijk uit de sociale media aandacht vasthoudende bubbelmachines, waardoor we wel neigen het extreme te gaan geloven. Dat is niet nieuw, altijd hebben we als mensen geloofd in hetgeen we het meest vrezen. Toen in het modernisme het beeld van een toornige God langzaam werd overgenomen door het geloof dat er niets is na het leven, begonnen we in het niets te geloven, om nu langzaam weer (post- of post-post modern) in iets (van perspectief) te gaan geloven (het universum). Peter Hammill bezong het zo mooi: “Nothingness or God, which of them seems more unlikely? … What is true is what we fear the most”.

Onze lezing begon met een prachtige inleiding door Willemien Vreugdenhil, waarin ze door de zaal liep als een ontdekkingsreiziger, "bewapend" met slechts een alt blokfluit. Ze vraagt ons mee te gaan, een aantal eeuwen terug. Ze waant zich bespied door de inheemse bevolking, onzichtbare ogen en waarschijnlijk speren zijn vanuit de struiken op haar gericht. Schijnbaar onverstoorbaar gaat ze aan de oever van de rivier zitten, en speelt op de fluit een prachtige melodie, in alle rust. De zaal gaat mee, je kunt een spelt horen vallen. Als ze klaar is, komen niet de mannen met speren als eerste te voorschijn, zo vertelt ze, maar de kinderen, nieuwschierig naar de fluit, die ze even mogen vastpakken en bewonderen. Het contact is gelegd, juist door kwetsbaarheid te tonen. 

Dit is een prachtig begin voor onze lezing. Om de ontdekkingsreiziger hadden ook hoge muren kunnen worden gezet, zodat ze beschermt was voor de speren en het (wederzijds) onbegrip. Echter, zodra er ergens een zwakke plek in de hekken (of surveillance technologieën, regels en regulaties) zou zitten, zouden de “tegenstanders” – want dat wordt je vanzelf als je wordt buitengesloten, door de beveiligingen heen breken, en is er slechts een kleine kans dat je de ontdekkingsreiziger, of het bevoegd gezag, of wie je dan ook met barricades probeert af te schermen, het er zonder kleerscheuren zou kunnen afbrengen.

Onze lezing ging over het brein, over AI en over hoe we de muren om elkaar steeds hoger optrekken, over hoe de wereld steeds kleiner wordt door onze toegenomen snelheid en acceleratie, maar hoe daardoor onze levens leger en betekenislozer dreigen te worden, en hoe we bestuurders verantwoordelijk houden voor verharding en wegnemen van perspectief en betekenis, maar hoe het feitelijk de echte machthebbers zijn, waar we steeds harder in geloven (technocraten, bigtech). 

In de trein terug hadden Arjan en ik het er over, dat we wel zaken kunnen beschrijven, en wellicht enigszins kunnen duiden, maar dat het antwoord uiteindelijk toch niet kan zijn steeds verder meelopen in een technologie/bewapeningswedloop. In plaats daarvan moeten we opnieuw leren verbinden/ontwapenen, kwetsbaar durven zijn, en accepteren dat we niet alles kunnen weten (ook niet met AI, wat in de wiskunde bewijsbaar is, bv met het Rice's theorem, en Halting problem). Accepteren dat we sterfelijk zijn. Ook acceptatie van onze prachtige natuur, inclusief onze menselijke natuur, waar we onderdeel van mogen zijn, niet continu bemiddeld door high tech. Het is, na vele jaren digitale transformatie, wellicht langzaam maar zeker tijd voor een ware analoge transformatie! Opnieuw verbinden met de natuur, met elkaar, en nu tijd voor vorming boven louter kennis, kunsten boven louter weten. Het was een mooie dag, met hele fijne mensen!

Photo by Charles Parker: https://www.pexels.com/photo/woman-playing-flute-in-concert-hall-6647675/

donderdag 9 april 2026

Vrede!

Vrede is voor mij geen stilstand. Vrede is, net als evenwicht, de resultante is van allerlei krachtvelden, waarvan sommige gelijkgericht en sommige zelfs tegengesteld aan elkaar kunnen zijn. Alle denkbare en nastrevenswaardige toestanden in onze wereld, zijn zonder inzet van krachten, of meer algemeen, processen, van zeer tijdelijke of voorbijgaande aard. Het is waardevol om te beseffen dat slechts op eigen kracht de vrede, liefde en balans die we samen in ons persoonlijk leven en onze directe omgeving bewerkstelligen, altijd inzet van ons allemaal vereist. Om in balans te komen en te blijven, zijn dan onder meer ook tegengestelde krachten nodig, we hoeven het niet overal met elkaar eens te zijn.

Feitelijk is dit zo voor de hand liggend, dat we hier zelden over nadenken. Toch is het van belang, dat we waarderen dat andere geluiden ook voor onze rust en vrede gehoord moeten worden. In een echokamer, waarin we alleen ons eigen geluid horen, worden we op den duur gek. Niet voor niets is ons denken over onszelf en de natuur waaruit we voortkomen, altijd via uitersten, dialectiek. We hebben zo het feminiene, ofwel het relationele (heterarchische, of verbindende) en verzorgende principe enerzijds. Daar tegenover staat het masculiene (hiërarchische) principe, dat gekoppeld is aan handelend vestigen. Samen bootstrappen ze een samenleving, van gezinsverbanden en vriendenkringen tot en met steden en hele samenlevingen. Het feminiene wordt vaak geassocieerd met de vrouw, en het masculiene met de man, maar feitelijk, zo leerden we in het boek van David Greaber en David Wengrow (The Dawn of Everything) is er vanaf het ontstaan van de mens al bij de jagers verzamelaars geen stricte scheiding (ongeveer ¾ van de mannen en ¼ van de vrouwen doet de jacht en verdediging, en voor het verzorgen en opvoeden ligt het ongeveer andersom). overigens heeft ieder mens beide principes in zich (Yang en Yin), maar bij iemand met een meer mannelijke gender identiteit overheerst meestal het masculiene en bij iemand met een meer vrouwelijke gender identiteit daarentegen het vrouwelijke.

In alle zaken die we als mens doen, kan je een handelend vestigend en een verzorgende component onderscheiden, koken om de gemeenschap te voeden en met elkaar de band te bevestigen (feminien) versus koken om je naam te vestigen als chef kok (masculien). In een complexe organisatie is, ook best vanzelfsprekend, veel verbindingskracht (relationele energie) nodig, je moet op veel niveaus tegelijk kunnen acteren, en het intuïtief aanvoelen hoe collega medewerkers er voor staan, kan enorm behulpzaam zijn. Kortom, het feminiene (waaronder het typisch Nederlandse polderen) heeft vrij makkelijk in moderne complexe samenlevingen een voordeel. Met meer geweld jezelf handelend vestigen kan misschien als je in de boardroom zit, of toch minstens gerechtvaardigd ben om de baas te mogen spelen, maar anders zul je al gauw weggezet worden als botte boer (inderdaad, ondanks dat het boeren – net als het koken, pottenbakken etc. een feminiene uitvinding is, zoals we uit eerder genoemd boek konden leren – verwijst naar de boer (masculien).

Veel zaken die de wereld hebben veranderd, zijn feminiene uitvindingen (denk naast het eerdergenoemde pottenbakken en voedselbereiding via koken aan computertaal, Ada Lovelace, kernsplitsing, Lise Meitner), maar het zijn toch vaak uitgesproken masculiene mensen (meestal mannen) die het tot hun persoonlijke zegetocht inzetten. Waarom lijkt het erop dat het feminiene momenteel weer sterk wordt overschreeuwt door de klassieke masculiene brulapen? Trump, Netanyahu, Orban, Putin, overal schreeuwen de masculiene alpha mannen en af en toe vrouw harder dan ooit tevoren. Ze hebben natuurlijk ook via de massamedia een grotere reikwijdte dan ooit te voren. 

En overigens is het feminiene in generatieve AI ook breder gemachineerd vertegenwoordigt dan ooit te voren. AI verbindt mensen, plaatst mensen in groepen, op grond van belangstelling, of benodigdheden, heterarchisch, en natuurlijk ook manipulatief. Want zoals het masculiene tot geweld en zelfs kwaadaardige vernietiging kan leiden, zo kan het feminiene leiden tot manipulatie, subtiele gedragsbeïnvloeding, mensen tegen elkaar opzetten. Nu we onze eigen krachten letterlijk en figuurlijk buiten onszelf zijn gaan plaatsen, in machines, in technologie, en nu die technologie een kracht (macht) op zichzelf is geworden (technocratie), beinvloedt ze de balans in onze mensenwereld.

Photo by Jean-Paul Wettstein: https://www.pexels.com/photo/artistic-sculpture-in-swiss-forest-setting-35184517/

Dit brengt zaken als manosfeer, polarisatie, extremisme met zich mee. Haat tegenover woke, of juist diepe neerbuigendheid naar conservatisme, mannen tegenover vrouwen, buitenlanders tegenover “eigenlanders”. Dan is het toch goed te bedenken dat vrede niet gelijk is aan stilstand, dat ze krachten verenigt, voors en tegens. Alleen zo ontstaat evenwicht.

donderdag 2 april 2026

Genie?

De Tegenlicht uitzending van deze week ging over de mythe genie. Hoewel ik het een goede uitzending vind, trof vooral de enorme weerstand van de kijkers me, die een reactie hebben achtergelaten. Veel reacties stellen dat de geïnterviewde journaliste en schrijfster Helen Lewis1 niet goed begrijpt wat een genie is. De voorbeelden die zij geeft van hedendaagse genieën (Trump, Musk, Zuckerberg en van Gogh) worden afgewezen. Lewis vertelt in de documentaire dat iedere persoon die het label krijgt aangemeten, altijd tot een narratief met daarin een mythe wordt getransformeerd. Veel aspecten van de werkelijke persoon worden hierin weggelaten of in de mythe geperst. Het narratief genie krijgt vorm door herhaaldelijk te worden verteld en bijgeschaafd, totdat het (vaak nadat de persoon al lang is overleden) een redelijk definitieve vorm aanneemt. Dan komen de standbeelden. En ja, helaas vormen geslacht en huidskleur belangrijke componenten in de narratieve structuur van de mythe...

Veel reacties ontkennen Trump, Musk en Zuckerberg als genie. Impliciet blijkt uit de reacties dat bij genie gedacht wordt aan extreem intelligent, Einstein, Newton, of wellicht extreem vernieuwend (want van Gogh, de vierde persoon die Helen Lewis aanhaalt) wordt niet betwijfeld. Interessant vind ik dat mensen moeite hebben met zich buiten hun eigen plaats te plaatsen. Als je er geen moeite mee hebt om van Gogh als negentiende eeuws genie te zien, terwijl hij in zijn eigen tijd nagenoeg geen enkel schilderij verkocht en beslist door praktisch niemand als een genie werd gezien (in tegenstelling tot mensen als Beethoven, Darwin en Faraday), dan lijkt me dat juist bewijs voor Helen Lewis haar stelling dat genie een narratief betreft dat een mythe beschrijft. En zoals schrijfster Elif Shafak zo mooi schrijft “mythen bestaan om ons te vertellen wat de geschiedenis is vergeten2”. Over een eeuw zullen de mensen terugkijken, naar een man die continu de waarheid naar zijn hand zette, in een wereld die zichzelf volkomen rationeel vond en formele logica en daaruit afgeleide technische systemen haast letterlijk aanbad. Deze man wist zich van zakenman op te werken tot president van het machtigste land van de wereld, en kon oorlogen beginnen omdat hij daar zin in had. Ja, hij kwam dom over, wellicht, en had een merkwaardige (afwijkende) uitspraak van het Engels (Amerikaans) als het moeilijke woorden betrof. Maar, geloof me, dat maakt hem over een paar honderd jaar alleen maar groter.

De reacties onder de uitzending over Elon Musk - mensen beschrijven hem als dom, maar vooral goed in mensen voor zich in te zetten, en dus zeker geen genie - zullen over een paar honderd jaar perfect passen in één aspect van de mythe: een genie wordt in zijn eigen tijd vaak niet begrepen! Want waar Trump een oorlog kon beginnen waar en wanneer hij maar wil, kon Musk met alle satellieten die hij als particulier in een baan om de aarde kon schieten bepalen wie in die oorlogen wel of geen informatie kreeg. Een autistisch jongen uit Zuid Africa die zo veel geld en macht wist te verwerven, dat hij de wereldgeschiedenis mee bepaalde, daar zal over een paar eeuwen meer over te zeggen zijn dan een idiote profiteur. En laat ik duidelijk zijn, mensen als Musk en Trump zijn mi zeer kwalijk, en al is wellicht Zuckerberg als persoon minder kwaadaardig, alleen al de enorme macht over sociale media (en daarmee over media, mensen en het humane) die hij door de exorbitante rijkdom die hij met Meta verwierf, is ook hij fout. Maar daar gaat het bij mensen waar we standbeelden voor onthullen niet om. Of de uitvinding van electriciteit, of de stoommachine, of kernenergie uiteindelijk meer goed of slecht heeft gebracht, en dus wellicht beter nooit had kunnen plaatsvinden, daar gaat een standbeeld nooit rechtstreeks over.

Wel zijn de helden vanuit de tijd van de kolonisatie ondertussen veel van hun glans kwijtgeraakt, omdat we het onderwerpen van een tweede of nog meer “achterlijke” wereld niet meer zo charmant vinden. We zien dan ook dat er standbeelden van strijders van weleer die nu vooral als vechtersbazen en racisten worden gezien onttakeld worden. Maar dan nog blijft hun strategische genialiteit in zicht, want ze zijn in de narratieven tot mythologische proporties verheven geraakt.

Maar dan, over een paar eeuwen, hoop ik dat als we toch gaan de geschiedenis (mi ten onrechte) te zien als bepaald door grote personen, we in ieder geval ook de vrouwen zien. Lies Meitner vond de kernsplitsing uit, en tegenover die eerdergenoemde autistische jongen die een hoop kwaad voor de wereld deed, staat die autistische meid, Greta Thunberg, die als kind vrijwel alleen klimaat, milieu en diversiteit op de kaart wist te zetten.





1Helen Lewis schreef The Genius Myth, daarover wordt ze in deze Tegenlicht uitzending geinterviewd

2Elif Shalak in Het eiland van de verdwenen bomen.

Scherven brengen … leven!

Stel je een zandloper voor, die wordt omgekeerd direct nadat die volledig is doorgelopen. Slow motion . De zandkorrels vallen omlaag, één vo...