vrijdag 23 maart 2018

Get ready fot a smart world

De wereld verandert. Terwijl wij ons druk maken over op welke partij we moeten stemmen, beseffen we niet dat niet verkiesbare partijen ons dagelijks doen en laten het sterkst beïnvloeden: de high-tech multinationals. Sterker nog, wij richten ons onderwijs zo in, dat we optimaal naar hun pijpen kunnen dansen, onder meer door onze kinderen van jongs af aan te leren werken met de producten van "machten" als Microsoft, Google, Apple, Samsung en Facebook. In hun slogans noemen multinationals technologie en toekomst vaak in een adem. Smart staat daarbij gelijk aan goed overweg kunnen met hun producten, ongeveer zoals stoer en mondain vroeger door de tabaks-marketeers gelijk werd gesteld aan roken. En door de globalisering hebben deze multinationals nu meer dan ooit ook de politici in hun macht, inclusief degene waarop u stemt. Hoe zit dat?

Om met dat laatste te beginnen, als een grote multinational - techniek, of bank - de keuzes van politici niet aanstaat, kunnen ze door de open grenzen in Europa (of de rest van de wereld) het hoofdkantoor of de productielijnen verplaatsen naar een land waar het politieke klimaat als gunstig wordt ervaren. Hierbij zijn hun ambities letterlijk en figuurlijk grenzeloos. Niet alleen zijn zij hiermee de wereldlijke machthebbers en marginaliseren ze de daarbij de democratie. Ook laten ze bij deze verplaatsingen sporen achter van sociale gevolgen (verlies aan werkgelegenheid, de werkloosheid), die op de schouders van de lokale bevolking en op het conto van de politici komen te liggen. Politici kunnen het nooit goed doen. Als een bedrijf verdwijnt krijgen politici de schuld, hadden ze maar voor een beter politiek klimaat moeten zorgen. Als een bedrijf met aangepaste regelgeving wordt "omgekocht" om te blijven, is het ook hun schuld, want ze dammen de macht van deze multinationals niet in.

In West Europa willen we een kenniseconomie zijn. Daarom moeten we onze toppers binnen de deuren houden. Maar topingenieurs, technici en economen verdwijnen gemakkelijk naar waar de vestigings stoelendans de multinationals (high-tech, banken) leidt. De grenzen dicht (Brexit, Nexit) is een mogelijkheid, met het grootste risico dat je jezelf economisch buiten spel zet. Je blijft als politicus dan wel geloofwaardig. Je komt daarmee wel op voor de democratie en tegen de ongebreidelde macht van de grote tech multinationals.

Naar mijn mening is een eenvoudigere oplossing voor handen: investeren in kunst en cultuur en nog meer geld naar de gezondheidszorg, bouw en onderwijs. Kunst is sinds mensenheugenis het geweten van de generaties. Hoewel kunstuitingen behoren tot de eerste tekenen van menselijke beschaving, is kunst als reflectie op het menselijke handelen juist ook nu zo enorm belangrijk. Het houdt de samenleving een spiegel voor, en stelt vragen. Waarom doen we wat we doen? Waarom zien we niet dat gebruik van meer techniek ons niet vanzelfsprekend gelukkiger maakt? Kunst leert ons dat soms minder, meer is.

Meer investeren in onderwijs, zorg en bouw is investeren in lokale economie en samenleving. Tenminste, als het onderwijs dan "get ready for a smart world" als meer opvat dan een kritiekloze adaptatie aan de nieuwste producten van de hightech multinationals. Als een sociale onderneming, met kunst, bezinning en zingeving in het hart van de samenleving en de zorg voor elkaar. Ook in de zorg werken veel toptalenten, gebonden aan lokale gemeenschappen, bijvoorbeeld in ziekenhuizen, verpleeghuizen en andere zorgcentra.

Hoe dan ook, ICT-vaardigheid wordt vaak als één van de hoofddoelstellingen van modern onderwijs genoemd en dát is vreemd. Tenzij ICT-vaardigheid gelijk staat aan het kunnen onderkennen van en omgaan met de sociale en psychologische gevolgen van een vaak kritiekloze acceptatie van het dogma techniek-dus-goed. Get ready for a smart World is meer dan een technische aangelegenheid. In feite is het vooral een sociale aangelegenheid. Nogmaals, tech multinationals stellen in hun marketingactiviteiten technologie en de toekomst vaak aan elkaar gelijk. Dat mogen ze. Natuurlijk heeft technologie naast potentiële bedreigingen grote voordelen met zich meegebracht. Maar waarom gaan zelfs onderwijsinstellingen en universiteiten hierin schijnbaar zo kritiekloos mee en maken we zo met elkaar de machtigen nog machtiger? Maken we daarmee de gemiddelde leerling, student en burger gelukkiger, meer verbonden en wijzer? Techniek hoort in eerste instantie een sociale en bewogen aangelegenheid te zijn en dan niet alleen voor de machtigen!

vrijdag 16 maart 2018

Een afvalputje voor wat we niet begrijpen.

Wij zien wat we verwachten te zien. Als we bijvoorbeeld ons oog hebben laten vallen op een bepaald type auto, zien we vaak "ineens" veel meer van deze auto's dan eerder. Deze "bias" bevestigd dan de juistheid van onze interesse in deze auto, vandaar dat wel gesproken wordt van confirmation bias. Dit is op zich niet een probleem, het geeft ons vaak een roze bril waarmee we onze versie van de werkelijkheid steviger bevestigd zien dan ze feitelijk is. Maar als we ons daarmee zelfverzekerder voelen, is dat alleen maar meegenomen.

Echter, journalisten en (andere) academici (professionals en wetenschappers) zijn ook maar mensen. En daar kan het goed misgaan. Van kinds af aan heb ik een interesse in mensen die anders zijn, wellicht juist omdat vrij snel duidelijk werd dat ik zelf een beetje anders was. Bij anderszijn denk ik dan aan (onbegrepen) talenten, afwijkende sociaal "begrip", extreme verlegenheid en sociale angst, extreme tics, heel druk gedrag etc. Ondertussen heb ik honderden biografieën in mijn hoofd, van uitvinders tot kunstenaars, en van wetenschappelijke genieën tot gevaarlijke criminelen (sport vormt een uitzondering, daar heb ik weinig mee). Wat me is opgevallen, is dat als er nare dingen gebeuren, dit vrijwel altijd direct in verband wordt gebracht met vroeger ADHD, en tegenwoordig "autisme" (nadat een andere culturele achtergrond is uitgesloten, om precies te zijn). Zo werd er recent in Nederland toen een 13 jarige jongen zijn beide ouders vermoorde, en in Amerika een 19 jarige schoolschutter 17 leerlingen doodschoot, vrijwel direct gesproken van vreemd gedrag en dat er sprake zou zijn van autisme. Let er maar eens op, het gebeurt voortdurend.

Tot 15 jaar geleden zou bijna iedere dader lijden aan psychopathie, later borderline persoonlijkheidsstoornis en daarna hyperactiviteit (ADHD). Met de moord op politiek leider Pim Fortuin in 2002 sloeg in Nederland de balans om naar autisme (Asperger). Tot mijn eigen grote ontsteltenis, omdat het dichtbij mezelf kwam. Ik besefte hoe afschuwelijk deze verificatiefout feitelijk is. Was ik volgens de publieke opinie ook een potentieel moordenaar? Door te extrapoleren besefte ik hoe het moest zijn om een andere culturele afkomst te hebben, en op voorhand als crimineel gezien te worden...

Grote en bedreigende zaken willen we zo snel mogelijk "verklaren", zodat we veilig met ons leven verder kunnen. Onze aangeboren confirmation bias helpt hierbij. Het afwijkende wordt geduid in een label dat we denken te begrijpen, en zien we vervolgens continu bevestigd. Zoals met het type auto uit de inleiding. Als er iets crimineels gebeurt kijken we eerst naar de culturele achtergrond, en dan zijn minderheden makkelijk te verifiëren. Als het onbegrepen is, pakken we er een modieus psychiatrisch label bij. Falsifiëren doen we niet. De grootste leiders van de afgelopen eeuw - bijvoorbeeld Nelson Mandela, Gandhi en Obama - waren niet blank. Voor mensen zowel vanuit een volstrekt andere culturele achtergrond, als met een (vermeende) psychopathologische diagnose vergt het dikwijls extra inspanning om de aansluiting op de samenleving te vinden en behouden. Alle vooroordelen vanuit die samenleving helpen daarbij vaak juist zeker niet.

Het doorbreken van de maatschappelijke confirmation bias van de samenleving, ligt in het falsifiëren. De statistieken van verzekeringsmaatschappijen tonen onomstotelijk aan dat mannen niet beter autorijden dan vrouwen, maar relatief juist veel vaker bij ongelukken betrokken zijn dan vrouwen. Toen ik klein was, werd autisme gezien als een verstandelijke beperking. Nu is de combinatie autistiform en het hebben van een goede opleiding of baan vaak voldoende voor automatisch toebedeeld respect voor vermeende intellectuele superkracht. Zo gaan we van verificatiefout naar verificatiefout.

Er zijn eveneens massa's mensen met een "andersheid" die juist het verschil maken in positieve zin. Deze voorbeelden falsificeren het denken in stoornissen. Echter, het aanhalen van deze voorbeelden zonder het denken over de andersheden te veranderen - ze als stoornissen blijven zien - is zeker niet zonder risico. Het risico ontstaat dat er geen oog meer is voor de mensen die steun nodig hebben om vanuit een andersheid de aansluiting te vinden. En voorbeelden van mensen die deze steun wel nodig hebben zijn even talrijk. Zelfs als er helemaal geen sprake is van a-typisch, of gestoord. Ook al doen vrouwen het gemiddeld beter dan mannen op school en in het verkeer, en op talloze andere plekken, in topfuncties zijn ze nog steeds zwaar ondervertegenwoordigd. Ook doen psychologen, psychiaters, leerkrachten en jobcoaches dagelijks enorm veel goed werk voor mensen die a-typisch zijn. Maar een theorievorming gebaseerd op confirmation bias dient uiteindelijk zeker te worden gefalsifieerd!

Zo kon men vroeger sterven van heimwee. Deze aandoening werd Nostalgie genoemd. Ook dit komt eigenlijk niet meer voor, waarschijnlijk omdat we ons sterk genoeg gebonden weten, eerst door de toegenomen mobiliteit en nu ook de sociale media. Echter, aan het eind van de 20ste eeuw werd de diagnose borderline personality stoornis veel gesteld: een gebrek aan ontwikkeling en ervaren van een geïntegreerde identiteit en gevoel van eigenwaarde. Mensen die zichzelf vooral definiëren in termen van met wie ze omgaan (de relaties) en minder in wat ze doen (het handelend vestigen) zouden kunnen gaan leiden aan het telkens vluchtiger wordende van relaties, doordat hun identiteitsbeleving hiermee ook vluchtiger wordt. Werkkring en zelfs liefdespartners zijn tegenwoordig wisselend. Meer en meer zijn we serieel monogaam aan het worden. Borderline zou een gevoel van leegte kunnen zijn dat ontstaat uit de wisselingen. Wellicht is het interessant om ook andere veel toegekende diagnoses van dit moment - AD(H)D, ASS - in dit kader te bezien. In een volgende blog kom ik hier op terug.

Een kunstenaar - of breder, producent (journalist, fabrikant) - verwoord, verbeeld of verklankt de drijvende emoties van het moment. Aristoteles leert ons dat we zelf ons levensverhaal vormen, via de emoties. Interessant is vanuit dit kader te zien waarom levens en werken wel of geen succes hebben in hun tijd. Erich Korngold en Rammstein waren direct razend populair, maar het succes verdampte ook relatief snel, om bij de Korngold opera nu weer terug te komen, maar nu om andere redenen: nostalgie!

vrijdag 9 maart 2018

Classificeren

"Individuality outruns all classification, yet we insist on classifying every one we meet under some general label(William James, 1842-1910, een van de grondleggers van de moderne psychologie).

 

De laatste 15 jaar is er een sterke toename in het aantal diagnoses Autistisch Spectrum Stoornis (ASS). Vorige week kwamen we tot de verbijsterende conclusie dat achter deze toename een heel ander probleem ligt: een nog veel grotere maar grotendeels onopgemerkt gebleven toename in het aantal mensen dat volkomen normaal lijkt, maar feitelijk te gemakkelijk meebeweegt op de golven van de tijd. Gevormd door alles in het algemeen en niets in het bijzonder, door mondiaal beschikbare (smart) technology, onderwijs en sociale media. Bij de ontstane mondiaal gestandaardiseerde mens wordt individualiteit en authenticiteit ondergeschikt aan meebewegen en volgen. Van de wieg tot het graf wordt de mens nauwgezet gevolgd met standaard testen en digitale surveillance. Hoewel er steeds meer mensen binnen de standaarden passen - gekscherend "neurotypische spectrum stoornis" (NSS) genoemd - vallen er ook steeds meer mensen (net) buiten, vandaar de toename in ASS diagnoses. Het is nu tijd voor nuance.

Als je goed genoeg kijkt, is geen enkel mens "standaard". In bepaalde aspecten is ieder mens a-typisch. Ieder talent is a-typisch, anders had iedereen dat talent en was het dus niet onderscheidend. Echter, de maatschappij vraagt vaak generalistische competenties (teamwork, continu kunnen aanpassen, communicatie, etc.) terwijl talenten bijna per definitie specialistisch zijn. Authenticiteit en generalistisch kunnen op gespannen voet staan, tenzij iemand een specifiek talent heeft in het verbinden van mensen en/of ideeën. Helaas is dit nu juist een uiterst zeldzaam talent, dat vaak door managers onopgemerkt blijft!

Terugkomend op het James-citaat, mensen classificeren om hun wereld te begrijpen. Door (herhalende) patronen te labelen, leren we in onze wereld en onze levens te navigeren. Bijna altijd is het classificeren belangrijker voor de persoon die classificeert, dan voor de of het geclassificeerde. Dit is des te meer het geval als de classificatie niet eenduidig gedefinieerd kan worden, zoals bij het onderscheid tussen autistiform en normaal. Alleen als een aandoening eenduidig kan worden vastgesteld (bijvoorbeeld: infectie met x => ziekte y), zijn de "baten" zowel voor de persoon die classificeert (die een inkomen kan krijgen, bijvoorbeeld als arts, drogist of apotheker), als voor de persoon die is geclassificeerd. In alle andere gevallen is het "nut" van de classificatie dubbelzinniger en moeilijker vast te stellen.

Natuurlijk zijn ook veel niet-autistische personen in staat om unieke en authentieke personen te worden. Er zijn ook mensen die op enig moment in hun leven met ASS zijn gediagnosticeerd, maar zijn uitgegroeid tot volledig 'normale' (geïntegreerde actieve en deelnemende) burgers. Aan de andere kant van het spectrum zijn ernstig beperkte en geïsoleerde patiënten te vinden. De scheidslijn tussen normaal en autistisch kan niet zo ondubbelzinnig worden vastgesteld als te vaak wordt gesuggereerd.

Juist omdat ik, spottenderwijs, een grote mensenmassa classificeerde met “stoornis” (de tweede S in NSS), dien ik me te verantwoorden. In feite kan je stellen dat we allemaal gestoord zijn. Als we het gemiddelde consumptiegedrag van de West-Europeanen extrapoleren naar de wereldbevolking, hebben we bijna 5 aardbollen nodig. Ondanks het feit dat we allemaal proberen om duurzamer te leven, stijgt ons comfortniveau nog steeds; we gebruiken steeds meer energie per persoon. Terwijl de meesten van ons de klimaatverandering en de gevolgen voor de ecologie erkennen. Toch gaan we door met het nemen van een hypotheek op de toekomst, die hopelijk door technici in laboratoria zal worden afgelost in de vorm van efficiëntere energieomzetting. We weten dat dit technologische wonderdenken altijd een nieuwe versie van Pandora's Box blijkt te zijn. Daarom past de term 'stoornis' ons eigenlijk allemaal, autistisch én neurotypisch. Psychologen en psychiaters classificeren mensen echter met betrekking tot andere aspecten. Maar door te classificeren, door naar iemand anders te wijzen, wijzen ook zij ook naar zichzelf: wie wijst naar een ander, wijst met 3 vingers naar zichzelf!

Hiermee wil ik mezelf zeker niet uitsluiten, ook ik reis dagelijks 250 km en ben door alle comfort omringd. Sociale media en andere wereldwijd beschikbare technologie vormen ook mijn gedachten en gevoelens mede. Bovendien, door te wijzen op mensen met termen als autistisch of neurotypisch, ben ook ik schuldig aan precies hetzelfde classificerende gedrag dat ik andere psychologen / psychiaters verwijt. Maar ik weet een paar dingen zeker. Sommige mensen ontwikkelen zich anders dan anderen, en in het onderwijs moeten er 2 separate methodologieën zijn, één gebaseerd op snel denken (zonder woorden begrijpen, nabootsen), en één gebaseerd op langzaam maar formeel denken! Op de werkvloer hebben we mensen nodig met algemene vaardigheden en ook specialisten, zelfs als sommige van hen een aantal sociale vaardigheden missen. Diversiteit is een noodzaak en - het belangrijkst - groei in authenticiteit geeft ons leven richting en betekenis, ongeacht of we neurotypisch of autistisch zijn.

vrijdag 2 maart 2018

Brein en technologie

Vorige week eindigde ik met een citaat van Søren Kierkegaard. Kierkegaard was een Deens filosoof die leefde van 1813 tot 1855. Met betrekking tot mijn lectoraat "brein en technologie" kan hij niet onbesproken blijven. Hij was een scherpzinnig genie, die de gevolgen van de technologisering voor de samenleving lang van te voren voorzag: "Ik zal pas lang na mijn dood begrepen worden, als enkele politici het lukt om naamloze massa’s in soldatenlaarzen te dwingen en Europa bloedig crepeert in de gevolgen van nationalisme en de gevolgen der massaproductie” (in Scholtens, 1972). Een andere in dit verband belangrijke uitspraak was in 1846 "al het verderf zal uiteindelijk van de natuurwetenschappen komen". Kierkegaard waarschuwde dat technocratie en massaliteit bezig is “abortus te plegen op iedere originaliteit”. Door onderwerping aan techniek (machinaties) zal de gewone man ontaarden tot een gedirigeerde massa, die wordt gekenmerkt door verveling, angst voor eenzaamheid, anders-zijn, originaliteit en de dood. Hoewel de uitspraken bijna 200 jaar oud zijn, zijn ze mi juist nu  verrassend actueel. Hoe is deze verschuiving van individualiteit naar de massaliteit psychologisch gezien mogelijk?

Nobelprijs winnend psycholoog Daniel Kahneman beschrijft in zijn populaire boek "Thinking fast and slow" (2011) dat we twee denksystemen bezitten. Systeem 1 betreft een automatische piloot gebaseerd op intuïties, woordeloos begrijpen en eerste indrukken. Systeem 2 vereist altijd cognitieve inspanning: nadenken en ergens bewuste aandacht aan schenken. Systeem 1 gaat automatisch (kost dus relatief weinig energie) en werkt parallel: vele processen worden tegelijk verwerkt. Systeem 2 werkt serieel. Dat wil zeggen, er kan slechts aandacht zijn voor 1 aspect tegelijk. Centrale aandacht kost relatief veel energie. Na veel training kan via systeem 2 uiteindelijk systeem 1 worden gecontroleerd, zodat we minder op eerste indrukken en onderbuikgevoelens af hoeven te gaan. Dat is weer voorwaarde voor (nieuwe) ontwikkeling. Maar beide systemen zijn cruciaal voor onze ontwikkeling.

Hier wil ik de link leggen naar de enorme toename van het aantal kinderen en tegenwoordig ook volwassenen met een diagnose autistisch spectrum stoornis (ASS) in onze samenleving. Mensen verschillen tijdens hun ontwikkeling en ook onderling met betrekking tot de verhouding tussen systeem 1 en 2. Je zou autisme kunnen beschrijven als een andere (afwijkende) balans tussen systeem 1 en 2. Het stilzwijgend, automatisch begrijpen en intuïtief aanvoelen (systeem 1), vormt voor de meeste (neuro-typische) mensen het voornaamste alledaagse systeem. Echter, de autist treedt de wereld juist veel meer vanuit systeem 2 tegemoet. Juist omdat de wereld door onder meer technologie en globalisatie meer algemeen is geworden, vallen mensen des te sterker op die niet automatisch in de algemene machinaties meekomen. Het gevolg is meer diagnoses ASS, met momenteel een “inhaalslag” bij volwassenen. Overigens is hier een paradox zichtbaar; om machines te kunnen bedenken, programmeren en de formele taal te begrijpen waar vanuit techniek en natuurwetenschap doorgaans begrepen en geproduceerd wordt, is systeem 2 van belang. Dat zien we ook terug, in de high-tech industrie werken relatief veel mensen met ASS. Maar om de machinaties met elkaar goed mee te kunnen bewegen, is systeem 1 van belang.

Hoewel er dus een toename is in het aantal gestelde diagnoses ASS, is om terug te keren naar Kierkegaard de toename van de neuro-typische mensen feitelijk het echte probleem. Mensen nemen massaal genoegen met een rol als "consumptie vee", terwijl ieder mens de mogelijkheid heeft een uniek individu (authentiek) te worden. De massa is de leugen, aldus Kierkegaard en dat werpt een extra licht op mijn blog Neuro-typische Spectrum Stoornis, van enkelen weken geleden. Er is een massa ontstaan die zo sterk op systeem 1 functioneert en geleid wordt door de technologie, dat ondertussen niemand meer opkijkt van bio-determinisme: wij zijn ons brein! Er is zelfs een bedrijf dat claimt in het brein te kunnen zien wat een goede baan voor je is: brainfirst! Daarmee zijn we terug bij de 19e -eeuwse knobbelkunde, de frenologie!

dinsdag 27 februari 2018

Panta Rhei?


Heraclitus, nee Deborah!

https://https://youtu.be/RgIVgBjUN-k 

Alles is proces, niets is blijvend, zelfs niet als je zou willen dat dat niet zo is. Voor deze gelegenheid gebruik ik voor de tweede keer  mijn blog voor mijn dochter, omdat de omstandigheden buitengewoon zijn en omdat ik het een indrukwekkende muzikale (en filmische) "uitdrukking" (prestatie) vind!

vrijdag 23 februari 2018

Wij hebben onszelf in de tang

In de krant las ik dat op 1 dag 3 burgemeesters zijn afgetreden, alle 3 omdat hun positie onhoudbaar was geworden. De redenen doorlezend - een opgepoetst CV, een misplaatste flirt en een te hoge kilometerdeclaratie - besef ik dat tegenwoordig slechts een heilige bestuurder kan blijven. Op de sociale media worden de mannen en vrouw uitgejouwd en door het slijk gehaald. Wat is dat toch, dat politici op voorhand gewantrouwd worden? Zodra een politiek bestuurder leiderschap vertoont spreekt Jan Publiek van "leugenaars en boevenbendes" Totdat er iemand in zo'n functie echt te kwader trouw is en populisme kiest om te manipuleren. Dan blijken hele volksstammen massaal overstag te gaan: "eindelijk iemand die voor de gewone man op komt, of die durft te zeggen waar het op staat".

De speelruimte van politici is buitengewoon klein in een door Ngo’s, multinationals en (internationale) verdragen geglobaliseerde wereld. Het is vooral keihard werken. De macht die men heeft is in ieder geval grotendeels illusoir. Politieke kleur - links, midden of rechts - doet er veel minder toe dan wij (het "publiek") geloven en de partijprogramma's doen geloven. Wellicht begint daar het "bedrog": de partijpolitieke propaganda houdt de illusie in stand dat politiek nog steeds de speelruimte van weleer heeft. Zoals in de tijd dat macht nog gecentraliseerd was (oude macht, volgens Foucault). Moderne macht is continu aanwezig en niet gecentraliseerd en bovendien nauwelijks politiek, maar vooral technologisch/wetenschappelijk/commercieel/ideëel, zoals ik vorige week betoogde. Hierdoor zijn de "verkiezingsbeloften" in feite grootspraak en dus al op voorhand gesneuveld. Daar kan niemand iets aan doen, hooguit de marketingmachines die overigens uitingen zijn van moderne macht. Ze hebben onze wereld (politiek, commercie, zorg en onderwijs) stevig in de tang. Ze houden een romantisch beeld van politieke macht in stand die  aan de partijen gekoppeld is. Echter, politieke kleur is ondergeschikt geworden aan de individuele eigenschappen van de betreffende bestuurder. Op de eerste plaats moet een politicus beschikken over zelfopoffering, gevolgd door een onuitputtelijke hoeveelheid energie, optimisme, een sterk gestel, en tenslotte, een goed verstand en uitstekende sociale vaardigheden. Dit geldt voor al onze bestuurders.

Zet politici tegenover sporters (bv voetballers) en popsterren en alles lijkt omgekeerd. Laatstgenoemden kunnen zich behoorlijk misdragen, alles wordt ze op voorhand vergeven indien ze het “kunstje” waar ze geliefd om zijn (dat tamelijk arbitrair is, maar dat terzijde) goed blijven doen. Toen rapper Boef enkele weken geleden de meest vreselijke dingen zei over vrouwen, waren er radiozenders die zijn liedjes niet meer wilden draaien. Maar andere Deejays vonden dat zijn muziek zo “keigoed” was, dat ze geen boycot accepteerden. De criteria waaraan een popster moet voldoen zijn opgebouwd uit toeval ("being at the right time at the right place"). Belangrijker, het publiek begrijpt de regels van het spel. Terwijl het ook als amusement gepresenteerd wordt door de media en campagnes, zijn de regels van het politieke "spel" dermate complex, dat het publiek er feitelijk weinig mee kan. Een gesimplificeerde versie wordt begrepen en publiekelijk breed uitgemeten, met als hoofd ingrediënten onbegrip voor wat ons eigenbelang niet direct bevredigd, onbegrip voor de noodzaak van consensus en uitvergroting van schandalen. In deze gesimplificeerde versie is er ook geen begrip voor dat politiek keuzes maken betreft en dat individuele stemmers dus regelmatig worden teleurgesteld ('not in my backyard’). Wat men wel begrijpt is dat iemand moet aftreden na bijvoorbeeld nepnieuws, of een misplaatste flirt. Het spel van onbegrip en verontwaardiging wordt dan ook lustig gespeeld en mag op continue media aandacht rekenen. Een politicus mag nooit op de vergevingsgezindheid rekenen die voor een sport- op popster gebruikelijk is*. Of het moet Trump of Berlusconi zijn, of nog erger, de roemruchte populisten uit het recente verleden…

Niet alleen dichten we politici controle en oude macht toe en begrijpen we hun complexe spel niet, dat als amusement aan ons wordt gepresenteerd. Ook kunnen de regels en voorschriften van politici ons echt raken (in tegenstelling tot sporters en popmusici; denk aan niet meer in de kroeg mogen roken, of niet meer met een dieselmotor in het centrum van de stad mogen komen). Daarnaast zien wij de geschiedenis nog steeds als te danken aan grote namen. Met andere woorden, wij laten ons voeden met het idee dat bekende sterren en politici de wereld maken zoals wij die kennen. Echter, geschiedenis is zeker zo sterk bepaald door positie (situatedness) als door predispositie, zo weten we nu.

Als publiek reageren we op entertainment vooral vanuit wat Kahneman systeem 1 noemt: emotioneel. In de arena van de (sociale) media zijn politiek en (ander) entertainment onze brood en spelen. Maar we hebben onvoldoende door dat de wereld is veranderd, dat we aan de halsband lopen van bijvoorbeeld de hightech industrie, dat de multinationale hightech reuzen (en in hun kielzog wetenschap en entertainment) een continue macht over ons uitoefenen, die wij notabene met al onze spaarcenten onderhouden. Wij leven op de pof voor dure auto’s, beeldschermen en de nieuwste smart-technology. Deze technology registreert voortdurend wat we doen, waar we zijn, hoelang we winkelen, etc. Niet de politieke bestuurders hebben ons in de tang, wij (de massa) hebben ons zelf in de tang. Kierkegaard stelde het al vast. Niet de politici, maar de massa is de leugen!

* Volgens breinonderzoek is ons brein is enorm doorontwikkeld dankzij het vermogen te roddelen en liegen.

vrijdag 16 februari 2018

Normaal of niet normaal, is dat de vraag?

Normaal of niet normaal, dat is de mores! Iets is normaal als het zich bevindt tussen 1 standaardafwijking onder en boven het gemiddelde. Daarbuiten is iets afwijkend, een stoornis of ziekte, of juist talent of gave. Volgens filosoof Michel Foucault (1926-1984) zijn normaalverdelingen instrumenten van de moderne beheersingstechnologie. De beheersingstechnologie ontstond in de architectuur, toen Jeremy Bentham in 1791 het panopticum bedacht, de koepelgevangenis. Gevangenen zaten in individuele cellen en konden vanuit het midden van het cirkelvormige complex continu door een cipier in de gaten worden gehouden. De geïsoleerde individuen werden zichtbaar gemaakt voor de corrigerende macht (denk aan Veenhuizen, het Pauperparadijs: Arbeid Adelt). Hiermee ontstond volgens Foucault de moderne macht, die continu aanwezig is en dus niet is gecentraliseerd, zoals de oude macht van vorsten en regenten. Om te begrijpen dat de mens-wetenschappelijke machtsconstructies hierop zijn gebouwd - stoornissen en risico's zijn zeker net zo zeer geproduceerd als "ontdekt" - eerst iets over normaalverdelingen.

Het concept normaal hangt samen met twee wiskundige concepten: de normaalverdeling en de centrale limietstelling. Mensen bezitten eigenschappen - variabelen - in een oneindige aantal. Verreweg de meeste eigenschappen zullen we nooit kennen. Ze doen er voor onze alledaagse werkelijkheid ook niet toe. Echter, via onze kennissystemen - waarneming en denken - transformeren we het oneindig aantal eigenschappen in een eindig aantal kenmerken (dus kennis): lengte, gewicht, intelligentie, vriendelijkheid, rijkdom, kracht, moed, talent in gebieden x1 tot xn enz.

De centrale limietstelling stelt dat de som van een groot aantal onderling onafhankelijke variabelen met een eindige spreiding - variantie - opnieuw een normaalverdeling vormt. Denk bij een normaalverdeling aan een klassieke schoorsteenklok, die in het midden het hoogst is en aan de linker- en rechterkant begint en eindigt. Indien je het oppervlak onder de curve in gelijke verticale kolommen zou meten, wordt ze van klein naar maximaal halverwege naar weer klein. Het hoogste punt - het gemiddelde - en grootste oppervlakte (68% in de zone rond het gemiddelde) zit halverwege. Zo'n verdeling is dus kenbaar. En aangezien bijna alles, hoe arbitrair ook, normaal verdeeld is (als er maar voldoende metingen gedaan worden), genereert het kennen van deze verdeling kennis van onze wereld. De lengte van bomen, grassprieten, mensen, of de leeftijd van bewoners van een bepaalde stad, of land, zodra je het gemiddelde en de variantie kent, is de verdeling kenbaar. Dat wil zeggen dat 68% van de mensen tussen 1 standaard afwijking onder en boven het gemiddelde zit. Zij zijn dus normaal. Wie erboven zit is knap, of groot. Ook volkomen arbitraire bij elkaar opgetelde eigenschappen zijn te vangen in een normaalverdeling. Merk op dat ethische etiketten zoals rechtvaardigheid geen eigenschappen van de verdeling zijn: als iets normaal verdeeld is heeft een kleine groep bijna alles, of bijna niks en de massa behoort tot de middelmaat.

Als het om rijkdom gaat, geldt uiteraard dezelfde verdeling. Hieruit kan dan weer worden afgeleid dat bijvoorbeeld de 1% rijkste mensen meer bezitten dan alle andere mensen samen. Vul voor rijkdom een willekeurige andere eigenschap in (pech, ellende) en de verdelingen kunnen opnieuw gemaakt worden*. In feite is dit "spel" van verdelingen rond toegekende eigenschappen een eigen leven gaan leiden, waaraan bijvoorbeeld de menswetenschappen hun positie en macht minstens ten dele ontlenen. Het beeld van de gezonde, normale mens wordt geproduceerd ten koste van iedereen die daar van afwijkt. En juist deze moderne macht is overal aanwezig, in de leefstijlbladen, in het onderwijs, in de psychologie, in de Cito scores en in de verzekeringspremies. De normaalverdeling produceert kennis produceert macht, als  in Orwell's 1984, waarin Big Brother (dr. Psych) helpt weer normaal te worden of doen via een ondoorzichtige maar altijd aanwezig macht.

Zodra je geboren bent, wordt je in rijen en verdelingen geplaatst en daarmee gekend. Meestal zit je ergens in de 68% marge rond het midden van de normaalverdeling. Net als in de koepelarchitectuur uit de inleiding is er geen ontsnappen mogelijk, je bent normaal, of abnormaal. Juist omdat de normaalverdelingen (standaarden) door iedereen individueel zijn geïnternaliseerd, zijn we allemaal onderdanig aan deze verdelingen. En als je net als in de koepelinrichting van Bentham altijd gezien kan worden, maar nooit weet wanneer er gekeken wordt en je aangesproken wordt in de cellen van je individuele bestaan, heeft verzet geen zin. Anders dan de gevangenen van weleer zijn wij onze eigen en elkaars cipiers: we weten direct wanneer we te dik zijn, of te veel drinken, of ergens te oud voor zijn geworden. We spreken elkaar mi hier ook steeds onbeschaamder op aan, met name via de sociale media. Vergelijk een flitspaal met oude macht, die ontweken kan worden, en trajectcontroles met moderne macht: ontsnappen kan niet.

Menswetenschappen zijn zeker niet waardevrij. Integendeel. Ze verzwijgen meestal dat de verdelingen artefacten zijn van de mathematische beschrijvingen van eigenschappen en dat ieder mens ook beschreven kan worden in eigenschappen waarin hij/zij behoort tot de absolute top (of minimum, ik moet eerlijk zijn). Toegegeven, waarschijnlijk vindt de mensheid op dit moment al die zaken niet relevant waarin jij een topper bent. Maar neuro-atypisch, of rijk, of intelligent zijn (volgens een IQ test), is in laatste instantie ook arbitrair.

Wat niet arbitrair is, is dat we nu ook via digitale surveillance altijd bekeken worden en aan virtuele verdelingen worden toegekend, waarop grond van onze behoeften ook voor adverteerders en dienstverleners zichtbaar worden. Er is geen ontsnappen aan. Geslacht, gewicht en interesse in mode geeft ontvankelijkheid voor afslankpillen en sportschool. Maar psychologen en psychiaters die hun eigen standaarden en  stoornissen creëren via normaalverdelingen en afwijkingen daarvan, zijn niet veel wetenschappelijker dan de sjamanen van weleer!

*in de Volkskrant van 13 december jl. stond een artikel Waarom zijn zoveel mensen arm, en maar zo weinigen rijk? Simpel: het is een natuurwet met daarin een uitleg van de vondst die volgens de krant bijna onopgemerkt was gebleven van Marten Scheffer en Bas van Bavel over dat in de natuur extremen ongelijk (lees normaal) verdeeld zijn. Dat verbaast mij dan weer, de centrale limietstelling is al zeker 150 jaar volkomen bekend en Foucault schreef hierover in de vorige eeuw boeken vol.

Sensatielust

Helaas moet ik het toegeven, soms ben ik behoorlijk sensatiebelust! Afgelopen weekend las ik de aankondiging van de grote baas van AI bedrij...